Dat heeft de veiligheidsadviseur van het Witte Huis John Bolton gezegd tijdens zijn bezoek aan Israël. De Amerikaanse president Donald Trump kondigde eind vorig jaar aan dat hij zijn troepen terugtrekt uit Syrië. Maar over het lot van de Koerdische strijders - die in Syrië aan de zijde van de Amerikanen vochten tegen terreurgroep IS - bestaat nog veel onduidelijkheid, zeker nu aartsvijand Turkije van plan lijkt een offensief tegen de Koerden te willen lanceren om de oprichting van een Koerdische staat langs de Turkse grens te vermijden.

De Verenigde Staten dringen er bij Ankara op aan de veiligheid van de Koerden in Syrië te garanderen. De Turkse president Recep Tayyip Erdogan zit deze maand nog samen met de Russische leider Vladimir Poetin over de kwestie. Die twee staan ook al lijnrecht tegenover elkaar in Syrië: Turkije vecht aan de zijde van de rebellen, de Russen steunen samen met Iran het regime van president Bashar al-Assad.

Bij zijn aankondiging had Trump al gezegd dat de terugtrekking van de troepenmacht 'geleidelijk' zou verlopen, en 'niet van de ene dag op de andere'. Bolton bevestigde dat zondag. 'Er zijn bepaalde doelstellingen die we willen halen en die een voorwaarde zijn voor de terugtrekking. De datum van de terugtrekking is dus afhankelijk van die voorwaarden. Een keer dat gebeurd is, kunnen we praten over een timing.'

Bovendien keren niet alle Amerikaanse troepen huiswaarts. Enkele van de 2.000 soldaten zouden in Syrië blijven, meer bepaald in de basis van A-Tanaf in het zuiden van het land. Die staat onder druk van Iran.