'Elk bevestigd gebruik van chemische wapens, door eender welke partij in het conflict en onder eender welke omstandigheid, is afschuwelijk en vormt een flagrante schending van het internationaal recht', aldus Guterres. 'De zwaarheid van de recente beweringen vereist een grondig onderzoek met een onpartijdige, onafhankelijke en professionele expertise.'

Rusland dient dinsdag een ontwerpresolutie in bij de Verenigde Naties om 'een onderzoek' te eisen na de vermoedelijke chemische aanval op Syrische rebellen in Douma. Moskou wil dat de experten van de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens (OPCW) aan dat onderzoek deelnemen.

De OPCW maakte maandag in Den Haag al bekend de aanval te onderzoeken en na te gaan of chemische wapens daadwerkelijk zijn gebruikt in Douma.

Damascus nodigt OPCW uit om aanval te onderzoeken

Het Syrische ministerie van Buitenlandse Zaken heeft de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens (OPCW) uitgenodigd om een onderzoeksmissie naar Douma in Oost-Ghouta te sturen. Die moet de vermoede chemische aanval daar onderzoeken, aldus het officiële nieuwsagentschap SANA.

'Syrië beklemtoont zijn vastberadenheid om alle vormen van assistentie aan de missie te verlenen', zei een functionaris van het ministerie van Buitenlandse Zaken aan SANA. 'We kijken ernaar uit dat de missie zijn werk kan uitvoeren in volledige transparantie en met gebruik van tastbaar en geloofwaardig bewijs.'

Nog volgens de functionaris zijn de beschuldigingen van de chemische aanval door sommige westerse landen gepromoot 'om hun agressieve intenties te rechtvaardigen om hun politieke doelen te dienen'.

Syrië zegt met de OPCW te willen samenwerken om de waarheid boven te halen. Syrië ontkende dat een chemische aanval gebeurde op de rebellenstad Douma. Volgens hulporganisaties kwamen bij zo'n aanval tientallen mensen om het leven.

Moskou: 3600 rebellen en nabestaanden uit Douma in Oost-Ghouta vertrokken

De aftocht van de rebellen uit het laatste door hen gecontroleerde gebied in de omsingelde Syrische regio Oost-Ghouta gaat onverminderd voort. De voorbije 24 uur hebben meer dan 3600 strijders en nabestaanden de stad Douma verlaten. Dat deelde Defensie in Moskou dinsdag mee volgens het persagentschap TASS.

Het Syrisch Observatorium voor Mensenrechten (SOHR) in Londen verklaarde dat dinsdagmorgen meer dan 65 bussen in het noorden van Syrië zijn aangekomen. De strijders van de islamistische militie Jaish al-Islam en hun nabestaanden moeten daar in de door pro-Turkse rebellen gecontroleerde stad Jarablus in de provincie Aleppo onderdak krijgen.

De evacuatie van Douma was onder bemiddeling van Rusland onderhandeld. Moskou is in de oorlog en nauwe bondgenoot van de Syrische regering. De aftocht uit Douma was zondagavond een dag na de veronderstelde gifgasaanval van het Syrische leger op de stad begonnen. Volgens de SOHR beschikt het Leger van de Islam (Jaish al-Islam) over 8000 tot 9000 strijders in Douma.

Moskou gaat met Israëlische ambassadeur praten na luchtaanval in Syrië

De Israëlische ambassadeur in Rusland ontmoet dinsdag de Russische viceminister van Buitenlandse Zaken Michail Bogdanov. Dat bevestigde een woordvoerster van het Israëlische ministerie van Buitenlandse Zaken, een dag nadat Rusland Israël ervan had beschuldigd een Syrische legerbasis te hebben gebombardeerd.

De Russische claim dat Israël de luchtmachtbasis had aangevallen, is ongewoon omdat beide landen geprobeerd hebben vriendschappelijke relaties te behouden. Bij de aanval kwamen minstens 14 leden van het Syrische leger en zijn bondgenoten om het leven. Israël reageerde niet. Het land bombardeerde eerder al doelwitten in Syrië, vooral dan met betrekking tot de groep Hezbollah, die een bondgenoot is van Iran. Hezbollah opereert in Syrië en steunt de troepen van de Syrische president Bashar al-Assad. De luchtaanval vond plaats minder dan 48 uur na een vermoedelijke chemische aanval op Douma, een rebellenstad buiten Damascus.

'Elk bevestigd gebruik van chemische wapens, door eender welke partij in het conflict en onder eender welke omstandigheid, is afschuwelijk en vormt een flagrante schending van het internationaal recht', aldus Guterres. 'De zwaarheid van de recente beweringen vereist een grondig onderzoek met een onpartijdige, onafhankelijke en professionele expertise.' Rusland dient dinsdag een ontwerpresolutie in bij de Verenigde Naties om 'een onderzoek' te eisen na de vermoedelijke chemische aanval op Syrische rebellen in Douma. Moskou wil dat de experten van de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens (OPCW) aan dat onderzoek deelnemen. De OPCW maakte maandag in Den Haag al bekend de aanval te onderzoeken en na te gaan of chemische wapens daadwerkelijk zijn gebruikt in Douma. Het Syrische ministerie van Buitenlandse Zaken heeft de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens (OPCW) uitgenodigd om een onderzoeksmissie naar Douma in Oost-Ghouta te sturen. Die moet de vermoede chemische aanval daar onderzoeken, aldus het officiële nieuwsagentschap SANA.'Syrië beklemtoont zijn vastberadenheid om alle vormen van assistentie aan de missie te verlenen', zei een functionaris van het ministerie van Buitenlandse Zaken aan SANA. 'We kijken ernaar uit dat de missie zijn werk kan uitvoeren in volledige transparantie en met gebruik van tastbaar en geloofwaardig bewijs.' Nog volgens de functionaris zijn de beschuldigingen van de chemische aanval door sommige westerse landen gepromoot 'om hun agressieve intenties te rechtvaardigen om hun politieke doelen te dienen'. Syrië zegt met de OPCW te willen samenwerken om de waarheid boven te halen. Syrië ontkende dat een chemische aanval gebeurde op de rebellenstad Douma. Volgens hulporganisaties kwamen bij zo'n aanval tientallen mensen om het leven. De aftocht van de rebellen uit het laatste door hen gecontroleerde gebied in de omsingelde Syrische regio Oost-Ghouta gaat onverminderd voort. De voorbije 24 uur hebben meer dan 3600 strijders en nabestaanden de stad Douma verlaten. Dat deelde Defensie in Moskou dinsdag mee volgens het persagentschap TASS.Het Syrisch Observatorium voor Mensenrechten (SOHR) in Londen verklaarde dat dinsdagmorgen meer dan 65 bussen in het noorden van Syrië zijn aangekomen. De strijders van de islamistische militie Jaish al-Islam en hun nabestaanden moeten daar in de door pro-Turkse rebellen gecontroleerde stad Jarablus in de provincie Aleppo onderdak krijgen. De evacuatie van Douma was onder bemiddeling van Rusland onderhandeld. Moskou is in de oorlog en nauwe bondgenoot van de Syrische regering. De aftocht uit Douma was zondagavond een dag na de veronderstelde gifgasaanval van het Syrische leger op de stad begonnen. Volgens de SOHR beschikt het Leger van de Islam (Jaish al-Islam) over 8000 tot 9000 strijders in Douma. De Israëlische ambassadeur in Rusland ontmoet dinsdag de Russische viceminister van Buitenlandse Zaken Michail Bogdanov. Dat bevestigde een woordvoerster van het Israëlische ministerie van Buitenlandse Zaken, een dag nadat Rusland Israël ervan had beschuldigd een Syrische legerbasis te hebben gebombardeerd.De Russische claim dat Israël de luchtmachtbasis had aangevallen, is ongewoon omdat beide landen geprobeerd hebben vriendschappelijke relaties te behouden. Bij de aanval kwamen minstens 14 leden van het Syrische leger en zijn bondgenoten om het leven. Israël reageerde niet. Het land bombardeerde eerder al doelwitten in Syrië, vooral dan met betrekking tot de groep Hezbollah, die een bondgenoot is van Iran. Hezbollah opereert in Syrië en steunt de troepen van de Syrische president Bashar al-Assad. De luchtaanval vond plaats minder dan 48 uur na een vermoedelijke chemische aanval op Douma, een rebellenstad buiten Damascus.