Sinds enkele weken leidt een coalitie van religieuze leiders, politici en het maatschappelijk middenveld de M5-RFP, een volksbeweging die het aftreden van president Ibrahim Boubacar Keita (IBK) eist na de parlementsverkiezingen van maart-april waarvan de resultaten door het Constitutioneel Hof ongeldig zijn verklaard.

Context

De huidige spanning vindt zijn aanleiding in de verkiezingen, maar andere fundamentele problemen die het land ondermijnen, en die sinds het bewind van IBK zijn toegenomen, liggen aan de basis van deze beweging.

Wat de beweging de president verwijt, is dat Mali op dit moment aan de rand van de afgrond staat omdat niets meer werkt en hij de enige verantwoordelijke is van dit wanbeleid.

De frustraties over IBK zijn echter ouder dan de meest recente verkiezingen. Toen IBK in 2013 aan de macht kwam, werd enkel het noorden van Mali door Toeareg-rebellen en jihadisten gecontroleerd. Intussen heeft het jihadisme zich over 70 procent van het grondgebied verspreid.

Het centrum van Mali vormt nu het zwaartepunt van de burgeroorlog, duizenden mensen zijn er op de vlucht geslagen. De Malinese soldaten staan machteloos tegenover deze situatie omdat ze slecht zijn uitgerust en opgeleid. Ze worden de eerste slachtoffers van deze onveiligheid met tientallen doden per dag. De scholen zijn maandenlang gesloten gebleven. De jongeren van het land zijn wanhopig.

De crisis in Mali dreigt de hele regio te besmetten.

De crisis in Mali is uit de hand gelopen en de interventie van de regionale organisatie ECOWAS toont aan hoe gespannen en complex de situatie is. De M5 is niet van plan de vijandelijkheden te staken.

Als er niet snel een oplossing wordt gevonden, dan zal Mali, dat aan alle kanten al uiterst kwetsbaar is, het moeilijk hebben om zich te herstellen. In het beste geval zal het land in totale chaos vervallen en zullen we geconfronteerd worden met de 'somalisering' van Mali, in het ergste geval volgt een totale instorting of zelfs implosie van het land. Een gunstiger resultaat valt niet te verwachten.

De crisis in de Sahel: klaar om te ontploffen op elk moment?

De westelijke Sahel, voornamelijk bestaande uit 5 landen (Mauritanië, Niger, Mali, Burkina Faso en Tsjaad), is een gebied van grote turbulentie waar al tientallen jaren legale en illegale handel plaatsvindt en groeit. Dat betekent dat de controle ervan moeilijk, zo niet onmogelijk blijft voor zwakke staten zoals Mali. Het is een mogelijke verklaring voor het mislukken van de buitenlandse troepenoperaties tot nu toe.

Sommige etnische groepen in het noorden profiteren van hun kennis van het terrein, hun goed georganiseerd netwerk en hun grote vermogen om zich aan te passen en gebeurtenissen in hun voordeel te laten uitdraaien. Die groepen spelen, afhankelijk van de situatie, vaak een dubbelrol. Dat was het geval in 2009. Toen landde een Boeing 727 vol met cocaïne uit Venezuela midden in de woestijn in Mali, bemanning en lading verdwenen en na onderzoek bleek dat een van de actoren een invloedrijke Arabische zakenman uit Gao en Kidal was. In deze woestijnregio in het noordoosten van Mali is de Arabische gemeenschap invloedrijk. Eerder in hetzelfde jaar was het een notabele Tarkint die onderhandelde over de zeer gevaarlijke vrijlating van Robert Fowler en Louis Guay, de twee Canadese Al Qaeda-gijzelaars.

Daarnaast is het jihadisme geleidelijk aan lokaal van aard geworden, en maken jihadistische leiders naast handel ook gebruik van oude etnische rivaliteiten (Dogon versus Peul), in leven gehouden door klimaatverstoringen, achterstelling en armoede.

Een nieuwe vorm van jihadisme, de boerenjihad, ontstaat waar de heilige oorlog wordt vermengd met vechten voor land en andere zaken. Waar komt hun financiering vandaan? Waarschijnlijk uit wapenhandel en andere bronnen maar niet alleen.

Dat jihadisme wordt in stand gehouden door een gemanipuleerde etnische groep, de Peulnomaden, en kan je ook buiten Mali in Burkina Faso en Niger vinden. In Mali werd na vele terreurdaden in reactie een zelfverdedigingsmilitie gevormd, voornamelijk bestaande uit de sedentaire Dogon. Om zich te 'verdedigen' maar meer nog als vergelding voor alles wat hun eigen dorpen te verduren hadden, besloot deze militie in maart 2019 het Peul-dorp Ogossagou in brand te steken en vrouwen, oude mensen en kinderen die op het moment van de aanval aanwezig waren te vermoorden met meer dan 160 doden tot gevolg. Sindsdien blijven we getuige van chaotische en herhaalde etnisch-getinte tragedies.

Er is in de Sahel in het algemeen zeker sprake van jihadisme, maar het onderliggende probleem hier is toch ook een klimaatprobleem waarbij de natuurlijke hulpbronnen schaarser worden. De jihadisten hebben al snel begrepen dat ze naast het falen van de staat konden rekenen op dit klimaatprobleem om te verdelen en te heersen.

De oorsprong van het probleem van Mali dat de Sahel treft, is niet een etnisch probleem maar een mengeling van mensenhandel, georganiseerde misdaad, jihadisme en klimaatconflicten en een totale afwezigheid van de staat om alles onder controle te houden. En zolang geen oplossing wordt gevonden, zal de Malinese zaak verergeren en de hele Sahel besmetten. Dat is pas explosief.

Wat kan Mali redden van de afgrond?

Het probleem in Mali heeft zijn hoogtepunt bereikt en we hebben de indruk dat geen enkele nationale of internationale instantie het land kan redden.

De G5-Sahel, die 5 jaar geleden opgericht werd om te proberen regionale militaire oplossingen in de Sahel te brengen, is net als de aanwezige buitenlandse strijdkrachten gedoemd te mislukken.

En wat ECOWAS betreft, dat staat bekend als een instelling die niet in staat is om een oplossing te bieden voor een crisis van een dergelijke omvang. Het wordt overweldigd door de gebeurtenissen en zoals gewoonlijk ontbreekt het aan visie om een staat uit de crisis te halen.

Wat het land zou kunnen redden is dat de hoofdrolspelers (IBK en M5) snel een gemeenschappelijke basis vinden en toewerken naar de invoering van sterke instellingen die alle uitdagingen die de hele regio bedreigen het hoofd kunnen bieden.

De Malinese president Ibrahim Boubacar Keita., Belga Image
De Malinese president Ibrahim Boubacar Keita. © Belga Image
Sinds enkele weken leidt een coalitie van religieuze leiders, politici en het maatschappelijk middenveld de M5-RFP, een volksbeweging die het aftreden van president Ibrahim Boubacar Keita (IBK) eist na de parlementsverkiezingen van maart-april waarvan de resultaten door het Constitutioneel Hof ongeldig zijn verklaard. De huidige spanning vindt zijn aanleiding in de verkiezingen, maar andere fundamentele problemen die het land ondermijnen, en die sinds het bewind van IBK zijn toegenomen, liggen aan de basis van deze beweging.Wat de beweging de president verwijt, is dat Mali op dit moment aan de rand van de afgrond staat omdat niets meer werkt en hij de enige verantwoordelijke is van dit wanbeleid. De frustraties over IBK zijn echter ouder dan de meest recente verkiezingen. Toen IBK in 2013 aan de macht kwam, werd enkel het noorden van Mali door Toeareg-rebellen en jihadisten gecontroleerd. Intussen heeft het jihadisme zich over 70 procent van het grondgebied verspreid. Het centrum van Mali vormt nu het zwaartepunt van de burgeroorlog, duizenden mensen zijn er op de vlucht geslagen. De Malinese soldaten staan machteloos tegenover deze situatie omdat ze slecht zijn uitgerust en opgeleid. Ze worden de eerste slachtoffers van deze onveiligheid met tientallen doden per dag. De scholen zijn maandenlang gesloten gebleven. De jongeren van het land zijn wanhopig.De crisis in Mali is uit de hand gelopen en de interventie van de regionale organisatie ECOWAS toont aan hoe gespannen en complex de situatie is. De M5 is niet van plan de vijandelijkheden te staken.Als er niet snel een oplossing wordt gevonden, dan zal Mali, dat aan alle kanten al uiterst kwetsbaar is, het moeilijk hebben om zich te herstellen. In het beste geval zal het land in totale chaos vervallen en zullen we geconfronteerd worden met de 'somalisering' van Mali, in het ergste geval volgt een totale instorting of zelfs implosie van het land. Een gunstiger resultaat valt niet te verwachten.De westelijke Sahel, voornamelijk bestaande uit 5 landen (Mauritanië, Niger, Mali, Burkina Faso en Tsjaad), is een gebied van grote turbulentie waar al tientallen jaren legale en illegale handel plaatsvindt en groeit. Dat betekent dat de controle ervan moeilijk, zo niet onmogelijk blijft voor zwakke staten zoals Mali. Het is een mogelijke verklaring voor het mislukken van de buitenlandse troepenoperaties tot nu toe.Sommige etnische groepen in het noorden profiteren van hun kennis van het terrein, hun goed georganiseerd netwerk en hun grote vermogen om zich aan te passen en gebeurtenissen in hun voordeel te laten uitdraaien. Die groepen spelen, afhankelijk van de situatie, vaak een dubbelrol. Dat was het geval in 2009. Toen landde een Boeing 727 vol met cocaïne uit Venezuela midden in de woestijn in Mali, bemanning en lading verdwenen en na onderzoek bleek dat een van de actoren een invloedrijke Arabische zakenman uit Gao en Kidal was. In deze woestijnregio in het noordoosten van Mali is de Arabische gemeenschap invloedrijk. Eerder in hetzelfde jaar was het een notabele Tarkint die onderhandelde over de zeer gevaarlijke vrijlating van Robert Fowler en Louis Guay, de twee Canadese Al Qaeda-gijzelaars. Daarnaast is het jihadisme geleidelijk aan lokaal van aard geworden, en maken jihadistische leiders naast handel ook gebruik van oude etnische rivaliteiten (Dogon versus Peul), in leven gehouden door klimaatverstoringen, achterstelling en armoede. Een nieuwe vorm van jihadisme, de boerenjihad, ontstaat waar de heilige oorlog wordt vermengd met vechten voor land en andere zaken. Waar komt hun financiering vandaan? Waarschijnlijk uit wapenhandel en andere bronnen maar niet alleen.Dat jihadisme wordt in stand gehouden door een gemanipuleerde etnische groep, de Peulnomaden, en kan je ook buiten Mali in Burkina Faso en Niger vinden. In Mali werd na vele terreurdaden in reactie een zelfverdedigingsmilitie gevormd, voornamelijk bestaande uit de sedentaire Dogon. Om zich te 'verdedigen' maar meer nog als vergelding voor alles wat hun eigen dorpen te verduren hadden, besloot deze militie in maart 2019 het Peul-dorp Ogossagou in brand te steken en vrouwen, oude mensen en kinderen die op het moment van de aanval aanwezig waren te vermoorden met meer dan 160 doden tot gevolg. Sindsdien blijven we getuige van chaotische en herhaalde etnisch-getinte tragedies.Er is in de Sahel in het algemeen zeker sprake van jihadisme, maar het onderliggende probleem hier is toch ook een klimaatprobleem waarbij de natuurlijke hulpbronnen schaarser worden. De jihadisten hebben al snel begrepen dat ze naast het falen van de staat konden rekenen op dit klimaatprobleem om te verdelen en te heersen. De oorsprong van het probleem van Mali dat de Sahel treft, is niet een etnisch probleem maar een mengeling van mensenhandel, georganiseerde misdaad, jihadisme en klimaatconflicten en een totale afwezigheid van de staat om alles onder controle te houden. En zolang geen oplossing wordt gevonden, zal de Malinese zaak verergeren en de hele Sahel besmetten. Dat is pas explosief. Het probleem in Mali heeft zijn hoogtepunt bereikt en we hebben de indruk dat geen enkele nationale of internationale instantie het land kan redden. De G5-Sahel, die 5 jaar geleden opgericht werd om te proberen regionale militaire oplossingen in de Sahel te brengen, is net als de aanwezige buitenlandse strijdkrachten gedoemd te mislukken.En wat ECOWAS betreft, dat staat bekend als een instelling die niet in staat is om een oplossing te bieden voor een crisis van een dergelijke omvang. Het wordt overweldigd door de gebeurtenissen en zoals gewoonlijk ontbreekt het aan visie om een staat uit de crisis te halen.Wat het land zou kunnen redden is dat de hoofdrolspelers (IBK en M5) snel een gemeenschappelijke basis vinden en toewerken naar de invoering van sterke instellingen die alle uitdagingen die de hele regio bedreigen het hoofd kunnen bieden.