Sprinkhaanzwermen laten zich maar moeilijk in het gareel houden. Intussen bestrijken ze al meer dan tien landen. In Kenia, Ethiopië, Somalië, Zuid-Soedan, Jemen en Iran is de situatie problematisch. In Soedan, Eritrea, Saudi-Arabië, Oman, Irak, Pakistan en India zou de situatie volgens de laatste berichten van de Locusts Watch van de Voedsel-en Landbouworganisatie van de Verenigde Naties (FOA) die de sprinkhanenpopulaties wereldwijd monitort, voorlopig nog onder controle zijn.

In Kenia, Somalië en Ethiopië is de situatie het meest urgent. Doorheen Kenia trekt een uitzonderlijk grote zwerm met een omvang van 2.400 vierkante kilometer. Dat komt overeen met drie keer de oppervlakte van de stad New York. Dat zijn vier tot acht miljard sprinkhanen die per dag evenveel voedsel verorberen als 3.5 miljoen mensen.

Om de plaag te kunnen bestrijden, is geld nodig. Volgens Bloomberg Green hoopt de FOA 153 miljoen dollar te kunnen verzamelen. Begin deze week was daar nog maar 107 miljoen dollar van opgehaald. De helft van dat bedrag zal gebruikt worden om de getroffen landen uit de nood te helpen. De andere helft zal dienen om de verspreiding van de plaag tegen te houden. Momenteel worden verschillende technieken hiervoor in overweging genomen.

Pesticide verstuivende drones

Plaatselijke autoriteiten zijn al langer bezig met het verstuiven van pesticides via vliegtuigjes, maar die inspanningen lijken niet te volstaan. Volgens het Wereld Economisch forum gaat de schaal van de huidige bedreiging de lokale capaciteiten te buiten. Een zwerm kan immers 150 km per dag afleggen. Daarom start de FAO testen met drones voorzien van pesticideverstuivers. Die drones zouden sprinkhaanzwermen via speciale sensoren kunnen detecteren. Daarbij kunnen ze hun snelheid en hoogte aanpassen aan die van de zwerm waardoor ze de pesticides zo efficiënt mogelijk kunnen verstuiven.

De drones zouden een welgekomen oplossing zijn voor het beperkte aantal luchtvaartuigen dat landen als Kenia bezitten. Ook wanneer de sprinkhanen in aantal zouden zijn teruggedrongen, kunnen drones enorm helpen in het nauwkeurig in kaart brengen van de getroffen gebieden.

Helderziende supercomputers

Veel wetenschappers zoeken heil in technologie. Zo berichtte The Guardian over een supercomputer die de toekomstige route van de sprinkhanen kan uitstippelen. Dit doet hij op basis van windrichting, windsterkte, temperatuur en vochtigheid met een accuraatheid van negentig procent. Door te voorspellen waar de sprinkhanen naartoe trekken, kan worden ingeschat op welke plek ze hun eitjes zullen leggen. De focus ligt dan ook op deze eitjes, en meer specifiek op hoe te voorkomen dat ze tot volwassen sprinkhanen uitgroeien. Wanneer de sprinkhanen nog niet volgroeid zijn, kunnen ze nog niet vliegen en verplaatsen ze zich dus minder snel. Hierdoor kunnen de pesticides beter hun werk doen.

Aangezien de eitjes van afgelopen maand gelijktijdig zouden uitkomen met het aanbreken van het plaatselijke oogstseizoen, bevinden we ons in een uiterst kritische periode. Als de situatie niet snel verandert, zou het aantal sprinkhanen volgens de FAO in juni met factor 400 gestegen zijn.

Chemische versus biologische pesticides

Niet iedereen is het eens over welke pesticides nu best gebruikt worden. Chemische pesticides werken sneller, maar brengen veel nevenschade met zich mee. Biologische pesticides werken daarentegen een stuk trager, maar sparen wel de omgeving. Toch lijken chemische pesticides vandaag alleen al om praktische redenen de beste optie, aangezien biologische pesticides op korte termijn niet in de nodige hoeveelheden voorradig zijn. Maar ook de bevoorrading van chemische pesticides verloopt niet zoals gepland. Omwille van het coronavirus is het luchtverkeer over gans de wereld aanzienlijk verminderd, waardoor de prijs voor het vervoer van de pesticides verdriedubbelde.

Eendenleger

Toch wordt er ook verder gekeken dan pesticides alleen. Zo stelde China voor een leger van 100.000 eenden naar Pakistan te sturen. In 2000 zette China al eens 700.000 eenden en kippen in om een sprinkhanenplaag in de provincie Xinjiang te beteugelen. Met succes. Dit biologische wapen was niet alleen goedkoper en milieuvriendelijker dan de alternatieven, maar ook effectiever. Het experiment toonde dat eenden in deze situatie geschikter zijn dan kippen. Tegenover de 200 sprinkhanen die een eend per dag verorberd, eet een kip er maar 70. Daarbovenop blijven eenden meer in groep dan kippen, waardoor ze makkelijker aan te sturen zijn.

Eenden mochten twintig jaar geleden in China dan wel voor redding zorgen, maar daarom doen ze dat vandaag in Pakistan nog niet. Eenden hebben nu eenmaal nood aan water, wat in de Pakistaanse woestijnen vaak ontbreekt. Daarbovenop is de lucht er veel droger en warmer. Kortom, niet de ideale leefomgeving voor de eenden. Hierdoor is het onduidelijk of de eenden ook effectief gestuurd zullen worden. Een academicus uit Peking beweert alvast dat de zending niet zal doorgaan.

Bovendien kunnen eenden nog onbekende stammen van het vogelgriepvirus overbrengen naar andere landen buiten China en tot wat dat mogelijk kan leiden weten we in deze coronatijden intussen maar al te goed.

Sprinkhaanzwermen laten zich maar moeilijk in het gareel houden. Intussen bestrijken ze al meer dan tien landen. In Kenia, Ethiopië, Somalië, Zuid-Soedan, Jemen en Iran is de situatie problematisch. In Soedan, Eritrea, Saudi-Arabië, Oman, Irak, Pakistan en India zou de situatie volgens de laatste berichten van de Locusts Watch van de Voedsel-en Landbouworganisatie van de Verenigde Naties (FOA) die de sprinkhanenpopulaties wereldwijd monitort, voorlopig nog onder controle zijn. In Kenia, Somalië en Ethiopië is de situatie het meest urgent. Doorheen Kenia trekt een uitzonderlijk grote zwerm met een omvang van 2.400 vierkante kilometer. Dat komt overeen met drie keer de oppervlakte van de stad New York. Dat zijn vier tot acht miljard sprinkhanen die per dag evenveel voedsel verorberen als 3.5 miljoen mensen. Om de plaag te kunnen bestrijden, is geld nodig. Volgens Bloomberg Green hoopt de FOA 153 miljoen dollar te kunnen verzamelen. Begin deze week was daar nog maar 107 miljoen dollar van opgehaald. De helft van dat bedrag zal gebruikt worden om de getroffen landen uit de nood te helpen. De andere helft zal dienen om de verspreiding van de plaag tegen te houden. Momenteel worden verschillende technieken hiervoor in overweging genomen.Plaatselijke autoriteiten zijn al langer bezig met het verstuiven van pesticides via vliegtuigjes, maar die inspanningen lijken niet te volstaan. Volgens het Wereld Economisch forum gaat de schaal van de huidige bedreiging de lokale capaciteiten te buiten. Een zwerm kan immers 150 km per dag afleggen. Daarom start de FAO testen met drones voorzien van pesticideverstuivers. Die drones zouden sprinkhaanzwermen via speciale sensoren kunnen detecteren. Daarbij kunnen ze hun snelheid en hoogte aanpassen aan die van de zwerm waardoor ze de pesticides zo efficiënt mogelijk kunnen verstuiven. De drones zouden een welgekomen oplossing zijn voor het beperkte aantal luchtvaartuigen dat landen als Kenia bezitten. Ook wanneer de sprinkhanen in aantal zouden zijn teruggedrongen, kunnen drones enorm helpen in het nauwkeurig in kaart brengen van de getroffen gebieden. Veel wetenschappers zoeken heil in technologie. Zo berichtte The Guardian over een supercomputer die de toekomstige route van de sprinkhanen kan uitstippelen. Dit doet hij op basis van windrichting, windsterkte, temperatuur en vochtigheid met een accuraatheid van negentig procent. Door te voorspellen waar de sprinkhanen naartoe trekken, kan worden ingeschat op welke plek ze hun eitjes zullen leggen. De focus ligt dan ook op deze eitjes, en meer specifiek op hoe te voorkomen dat ze tot volwassen sprinkhanen uitgroeien. Wanneer de sprinkhanen nog niet volgroeid zijn, kunnen ze nog niet vliegen en verplaatsen ze zich dus minder snel. Hierdoor kunnen de pesticides beter hun werk doen.Aangezien de eitjes van afgelopen maand gelijktijdig zouden uitkomen met het aanbreken van het plaatselijke oogstseizoen, bevinden we ons in een uiterst kritische periode. Als de situatie niet snel verandert, zou het aantal sprinkhanen volgens de FAO in juni met factor 400 gestegen zijn.Niet iedereen is het eens over welke pesticides nu best gebruikt worden. Chemische pesticides werken sneller, maar brengen veel nevenschade met zich mee. Biologische pesticides werken daarentegen een stuk trager, maar sparen wel de omgeving. Toch lijken chemische pesticides vandaag alleen al om praktische redenen de beste optie, aangezien biologische pesticides op korte termijn niet in de nodige hoeveelheden voorradig zijn. Maar ook de bevoorrading van chemische pesticides verloopt niet zoals gepland. Omwille van het coronavirus is het luchtverkeer over gans de wereld aanzienlijk verminderd, waardoor de prijs voor het vervoer van de pesticides verdriedubbelde. Toch wordt er ook verder gekeken dan pesticides alleen. Zo stelde China voor een leger van 100.000 eenden naar Pakistan te sturen. In 2000 zette China al eens 700.000 eenden en kippen in om een sprinkhanenplaag in de provincie Xinjiang te beteugelen. Met succes. Dit biologische wapen was niet alleen goedkoper en milieuvriendelijker dan de alternatieven, maar ook effectiever. Het experiment toonde dat eenden in deze situatie geschikter zijn dan kippen. Tegenover de 200 sprinkhanen die een eend per dag verorberd, eet een kip er maar 70. Daarbovenop blijven eenden meer in groep dan kippen, waardoor ze makkelijker aan te sturen zijn. Eenden mochten twintig jaar geleden in China dan wel voor redding zorgen, maar daarom doen ze dat vandaag in Pakistan nog niet. Eenden hebben nu eenmaal nood aan water, wat in de Pakistaanse woestijnen vaak ontbreekt. Daarbovenop is de lucht er veel droger en warmer. Kortom, niet de ideale leefomgeving voor de eenden. Hierdoor is het onduidelijk of de eenden ook effectief gestuurd zullen worden. Een academicus uit Peking beweert alvast dat de zending niet zal doorgaan. Bovendien kunnen eenden nog onbekende stammen van het vogelgriepvirus overbrengen naar andere landen buiten China en tot wat dat mogelijk kan leiden weten we in deze coronatijden intussen maar al te goed.