Spannende lokale verkiezingen voor Boris Johnson en de conservatieven in het Verenigd Koninkrijk

© POOL/AFP via Getty Images

Donderdag/vandaag trekken de Britten naar de stembus voor lokale verkiezingen. Voor de conservatieve regering van Boris Johnson, die al maanden geteisterd wordt door schandalen, zijn het belangrijke verkiezingen.

Bij de parlementsverkiezingen in december 2019 boekte de Conservatieve partij onder leiding van Boris Johnson een historische overwinning, met beloftes om Brexit te realiseren en de bijbehorende politieke impasse te beëindigen. Maar twee jaar later zijn de premier en zijn partij aan populariteit verloren door een reeks schandalen.  Het grootste schandaal is het zogenaamde ‘partygate’-schandaal. In december vorig jaar raakte bekend dat er, ondanks de geldende coronamaatregelen, feesten plaatsvonden in de ambtswoning van de premier in de Londense Downing Street. Hiervoor kreeg Johnson een boete opgelegd voor het breken van de wet, wat ongehoord is voor een zittende premier.

De conservatieve partijleden stonden zelfs op het punt een motie van wantrouwen in te dienen tegen de regering-Johnson, maar daar stak de Russische invasie van Oekraïne een stokje voor. De steun van de Britse premier aan zijn Oekraïense collega Volodimir Zelenski stelde de opstand binnen zijn partij uit. Maar als de resultaten van de verkiezingen donderdag tegenvallen, zou dat ervoor kunnen zorgen dat zijn partijleden opnieuw oproepen tot zijn vertrek, zodat er een nieuwe partijleider kan worden aangesteld voor de parlementsverkiezingen in januari 2025.  Partygate is echter niet langer het enige wat de Britten bezighoudt. Ook de torenhoge inflatie die de Britten de broeksriem doet aanhalen, kan Johnsons positie ondermijnen. “Wat Johnson deed met partygate was ernstig, hij lachte ons min of meer in ons gezicht uit, maar de prijs van voeding stijgt, de prijs van energie stijgt… Daar zouden ze zich op moeten concentreren”, zegt Bob, een gepensioneerde uit Dudley, aan het Franse persagentschap AFP. 

De grootste oppositiepartij, Labour, is klaar voor de strijd. Door Brexit wonnen ze tijdens de lokale verkiezingen in 2018 aan terrein en die trend hopen ze verder te zetten. Keir Starmer, de linkse partijvoorzitter, wil de zetels die ze in de ‘Red Wall’-regio, in het noorden van Engeland, verloren bij de parlementsverkiezingen in 2019, nu terugwinnen. Volgens de peilingen zal Labour in Engeland een meerderheid behalen.  Daarnaast richt Labour haar peilen ook op de andere regio binnen het Verenigd Koninkrijk. In Wales hopen ze hun positie te kunnen versterken. In Schotland hopen ze zetels te winnen van de centrumlinkse Scottish National Party (SNP). Door het plan van die partij om een nieuw onafhankelijkheidsreferendum voor Schotland te organiseren, kan dit wel eens moeilijk worden, zowel voor Labour als voor de Conservatieven. In 2014 stemden de Schotten nog tegen een onafhankelijkheid van het Verenigd Koninkrijk, maar door de grote oppositie tegen Brexit, werd de kwestie nieuw leven ingeblazen.  Ook in Noord-Ierland vinden vandaag verkiezingen plaats, dan wel voor het Noord-Ierse Assemblee. Daar dreigt de toekomst van het Verenigd Koninkrijk in gedrang te komen. De nationalistische partij Sinn Féin wint in de regio, voor het eerst in de geschiedenis, aan populariteit.

Sinn Féin lijkt op weg naar historische overwinning in Noord-Ierland

Voor het eerst lijkt namelijk de nationalistische Sinn Féin-partij op de winst af te stevenen, blijkt uit peilingen. Noord-Ierland maakt deel uit van het Verenigd Koninkrijk en wordt al jaren geregeerd door de zeer conservatieve en evangelisch-protestantse partij DUP.

Sinn Féin is de vroegere politieke tak van de terroristische en nationalistische beweging IRA. Tegenwoordig presenteert ze zich meer als een linkse gematigde partij en kan ze dus gematigde kiezers lokken. De partij is ook gericht op Ierland en is niet pro-Brits, zoals de DUP. De partij zou bij een overwinning de eerste minister mogen aanstellen. Die post zou gaan naar Michelle O’Neill, die de partij sinds 2017 leidt in Noord-Ierland. Zij sloot zich aan bij Sinn Fein na het Goedevrijdagakkoord, toen ze nog een twintiger was. Daarmee is ze nog te jong om door tegenstanders als terrorist bestempeld te worden. 

Het succes van Sinn Féin is deels te verklaren door de veranderde demografie van Noord-Ierland. Voor het eerst zijn er in de regio meer katholieken dan protestanten. Daarnaast is een generatie jonge Noord-Ieren opgegroeid die zelf The Troubles niet heeft meegemaakt. Veel jongeren willen bovendien progressievere maatregelen, bijvoorbeeld op het vlak van vrouwenrechten en abortus. In het Verenigd Koninkrijk is abortus sinds 1967 toegelaten, maar in Noord-Ierland was de ingreep tot 2019 verboden tenzij het leven van de moeder in gevaar is. Tegelijkertijd worden nieuwe partijen die zich niet langer identificeren als unionistisch of nationalistisch steeds populairder.

In totaal zijn er 90 zetels in het parlement te verdelen. Bij de laatste parlementsverkiezingen, in 2017, kon Sinn Fein er 27 binnenhalen en de DUP 28. Het verschil was toen al zeer nipt en nu zou Sinn Fein volgens de peilingen aan het langste eind trekken. De vraag is of het opnieuw tot rellen komt als Sinn Féin de verkiezingen zou winnen. Er is niet veel nodig om Belfast opnieuw in brand te steken, bleek in april vorig jaar nog. Toen braken vooral in de protestantse wijken rellen uit. Bij de pro-Britse unionisten heerst er namelijk grote onvrede over de gevolgen van de brexit-afspraken.

Tijdens de meer dan 30 jaar durende Troubles kwamen meer dan 3.600 mensen om en raakten tienduizenden anderen gewond. Het conflict tussen voornamelijk katholieke Republikeinen, die een hereniging met Ierland willen, en protestantse Unionisten kwam officieel tot een einde met het Goedevrijdagakkoord van 1998.  De vrede houdt min of meer stand, maar politieke stabiliteit is er wegens het onderlinge wantrouwen niet. Tussen 2017 en 2020 zat Noord-Ierland zonder regering, en in februari viel de regering opnieuw. Toen nam premier Paul Givan van de DUP ontslag. Hij verzette zich tegen het Noord-Ierse protocol, dat de Britse regering in het kader van de brexit had onderhandeld met de Europese Unie.

Dat protocol schrijft voor dat in Noord-Ierland nog steeds de regels van de Europese eenheidsmarkt en douane-unie van kracht zijn. Op die manier werd een harde grens met Ierland vermeden, maar komt er de facto wel een douanegrens in het Verenigd Koninkrijk. De Noord-Ierse unionisten wijzen elke verwijdering van Groot-Brittannië van de hand. De DUP heeft sindsdien geweigerd terug te keren in de regering tenzij het Noord-Ierse protocol tussen het VK en de EU wordt gewijzigd.

Partner Content