Sinds de mislukte staatsgreep in Turkije op 15 juli 2016 is er al veel inkt gevloeid over de Turkse president Recep Tayyip Erdogan.

Sommige media lijken wel beschermheiligen van Fethullah Gülen.

Over wie we iets minder horen is Fethullah Gülen. Die wordt er door Erdogan van beschuldigd de couppoging georganiseerd te hebben. Een heel gekke gedachte is dit niet, gezien het verleden van Gülen.

Het lijkt alsof veel journalisten bang zijn om als pro-Erdogan bestempeld te worden. Maar het is toch niet omdat je kritiek uit op een tegenstander van Erdogan dat je daardoor meteen achter het beleid van de Turkse president staat?

Voor het onderzoek in het kader van mijn masterproef journalistiek heb ik in totaal 124 krantenartikels geanalyseerd uit The Times, The Sun, Het Laatste Nieuws en De Standaard.

Er werd onderzocht welke toon de Vlaamse en Britse media hanteerden om Gülen en Erdogan te omschrijven. De artikels verschenen allemaal tussen 15 juli en 15 september 2016 in de gedrukte versie van de kranten.

Ik stelde vast dat bijna de helft van de berichtgeving een negatieve toon over Erdogan met zich meedroeg. Concreet gaat het over termen als 'dictator', 'schurk', 'sultan' en ga zo maar door.

Dat hoeft op zich niet te verbazen na zijn harde zuiveringen en vaak absurde maatregelen als gevolg van de couppoging vorige zomer. Het mag dus duidelijk zijn dat dit opiniestuk ook geen verdediging van Erdogan is. Wel is dit een pleidooi voor een eerlijke berichtgeving omtrent de man die door Erdogan wordt beschuldigd van het organiseren van de staatsgreep: Fethullah Gülen.

Want het probleem is dat die in zeer veel krantenartikels als brave geleerde wordt opgevoerd. Iets meer dan 85% van de berichtgeving bleef neutraal over deze leider van de Hizmet-beweging. Dat wil zeggen dat er geen positieve en/of negatieve termen en elementen werden aangehaald over Gülen en zijn beweging. Die profileert zichzelf als voorstander van een gematigde islam, dialoog met christenen en joden, pluralisme en democratie.

Deze visie verspreidt hij samen met een oproep tot intellectuele verlichting via scholen, humanitaire organisaties en verschillende media. Zijn netwerk spreidt zich uit over meer dan 180 landen en de aanhangers zijn over het algemeen (hoog)geschoolde mensen van Turkse afkomst. Dat klinkt allemaal zeer mooi, maar er is meer aan de hand.

In 1999 verscheen er een video waarin Gülen leek op te roepen aan zijn volgers om hoge posities binnen het staatsapparaat te verwerven. Op die manier zouden de zogenaamde gülenisten uiteindelijk de macht kunnen grijpen. Gülen zei dat de beelden gemanipuleerd waren en vluchtte weg naar de Verenigde Staten. Daar leeft hij sindsdien in ballingschap.

De prediker bleef wel invloedrijk en hielp Erdogan zelfs mee aan de macht in 2002. Erdogan beloofde toen in ruil meer democratie en rechten voor minderheden.

In 2009 kwamen documenten boven water die stelden dat heel wat mensen bij de Turkse politie en rechterlijke macht gülenisten waren. Tijdens diezelfde periode werden de beruchte Ergenekon- en Balyoz-processen gevoerd waarbij militairen gekant tegen Erdogan en Gülen uit het leger gezet en zelfs opgesloten werden. Ook journalisten werden opgepakt en achter slot en grendel gestoken. Vervalst bewijsmateriaal zou hierbij gebruikt zijn.

Maar in 2010 ontstonden er strubbelingen tussen Erdogan en Gülen. Gülen gaf openlijk kritiek op het niet nakomen van Erdogans belofte om meer democratie te introduceren in Turkije. De toenmalige premier trok meer en meer macht naar zich toe terwijl de Gülen-beweging altijd voorstander is geweest van een sterk parlement.

Slechts in 7% van de berichtgeving komen deze elementen aan bod. Dat vind ik oprecht jammer.

De breuk werd compleet toen een onderzoek in 2013 een corruptieschandaal aan het licht bracht. Drie ministers stapten op en veel politieke vriendjes van Erdogan werden aangeklaagd. De Turkse president zag in het onderzoek een complot van Gülen en sinds dat moment zit het er bovenarms op tussen de twee.

Dit alles lijkt me persoonlijk cruciale informatie om een volledig beeld te schetsen over de situatie in Turkije. Maar wat blijkt? Slechts in 7% van de berichtgeving komen deze elementen aan bod. Dat vind ik oprecht jammer.

Zo verdwijnt de broodnodige nuance uit de Turkse problematiek. Nochtans toont dit voorbeeld aan dat een genuanceerde berichtgeving wel degelijk kan:

'Gülen is achtereenvolgens al omschreven als een islamitische calvinist (wegens de nadruk die hij legt op matigheid, altruïsme en hard werken), een islamitische jezuïet (wegens zijn afkeer van hiërarchische structuren en zijn voorliefde voor degelijk onderwijs) en de grondlegger van een islamitisch Opus Dei (wegens het weinig transparante karakter van de door hem geïnspireerde beweging).' - De Standaard

Deze meer verfijnde berichtgeving komt spijtig genoeg quasi alleen voor in uitgebreide stukken over Gülen (en zijn relatie met Erdogan). Het zou een enorme verrijking zijn indien ook kortere artikels deze informatie zouden bevatten. Dit is helaas niet het geval, integendeel.

Ik vermoed dat de meeste journalisten bang zijn om de stempel van 'Erdogan-supporter' toebedeeld te krijgen. Maar door op de vlakte te blijven over Gülen en daartegenover Erdogan wél te bekritiseren, ontstaat het beeld dat de Turkse president geen poot heeft om op te staan.

Laat me opnieuw duidelijk maken dat ik hiermee de praktijken onder het bewind van Erdogan en zijn AKP zeker niet wil goedpraten, allesbehalve, ik veroordeel ze ten stelligste. Maar ik ben ook de mening toegedaan dat als Erdogan - meer dan terecht - veroordeeld wordt door de westerse media, er ook een correcte, volledige en kritische berichtgeving moet zijn over zijn tegenstanders.

Lukas Demeersseman is net aan de slag gegaan als redacteur bij een productiehuis en schreef zijn masterproef aan de VUB over de berichtgeving rond de mislukte staatsgreep in Turkije vorige zomer.

Sinds de mislukte staatsgreep in Turkije op 15 juli 2016 is er al veel inkt gevloeid over de Turkse president Recep Tayyip Erdogan.Over wie we iets minder horen is Fethullah Gülen. Die wordt er door Erdogan van beschuldigd de couppoging georganiseerd te hebben. Een heel gekke gedachte is dit niet, gezien het verleden van Gülen.Het lijkt alsof veel journalisten bang zijn om als pro-Erdogan bestempeld te worden. Maar het is toch niet omdat je kritiek uit op een tegenstander van Erdogan dat je daardoor meteen achter het beleid van de Turkse president staat?Voor het onderzoek in het kader van mijn masterproef journalistiek heb ik in totaal 124 krantenartikels geanalyseerd uit The Times, The Sun, Het Laatste Nieuws en De Standaard.Er werd onderzocht welke toon de Vlaamse en Britse media hanteerden om Gülen en Erdogan te omschrijven. De artikels verschenen allemaal tussen 15 juli en 15 september 2016 in de gedrukte versie van de kranten.Ik stelde vast dat bijna de helft van de berichtgeving een negatieve toon over Erdogan met zich meedroeg. Concreet gaat het over termen als 'dictator', 'schurk', 'sultan' en ga zo maar door.Dat hoeft op zich niet te verbazen na zijn harde zuiveringen en vaak absurde maatregelen als gevolg van de couppoging vorige zomer. Het mag dus duidelijk zijn dat dit opiniestuk ook geen verdediging van Erdogan is. Wel is dit een pleidooi voor een eerlijke berichtgeving omtrent de man die door Erdogan wordt beschuldigd van het organiseren van de staatsgreep: Fethullah Gülen.Want het probleem is dat die in zeer veel krantenartikels als brave geleerde wordt opgevoerd. Iets meer dan 85% van de berichtgeving bleef neutraal over deze leider van de Hizmet-beweging. Dat wil zeggen dat er geen positieve en/of negatieve termen en elementen werden aangehaald over Gülen en zijn beweging. Die profileert zichzelf als voorstander van een gematigde islam, dialoog met christenen en joden, pluralisme en democratie.Deze visie verspreidt hij samen met een oproep tot intellectuele verlichting via scholen, humanitaire organisaties en verschillende media. Zijn netwerk spreidt zich uit over meer dan 180 landen en de aanhangers zijn over het algemeen (hoog)geschoolde mensen van Turkse afkomst. Dat klinkt allemaal zeer mooi, maar er is meer aan de hand.In 1999 verscheen er een video waarin Gülen leek op te roepen aan zijn volgers om hoge posities binnen het staatsapparaat te verwerven. Op die manier zouden de zogenaamde gülenisten uiteindelijk de macht kunnen grijpen. Gülen zei dat de beelden gemanipuleerd waren en vluchtte weg naar de Verenigde Staten. Daar leeft hij sindsdien in ballingschap.De prediker bleef wel invloedrijk en hielp Erdogan zelfs mee aan de macht in 2002. Erdogan beloofde toen in ruil meer democratie en rechten voor minderheden.In 2009 kwamen documenten boven water die stelden dat heel wat mensen bij de Turkse politie en rechterlijke macht gülenisten waren. Tijdens diezelfde periode werden de beruchte Ergenekon- en Balyoz-processen gevoerd waarbij militairen gekant tegen Erdogan en Gülen uit het leger gezet en zelfs opgesloten werden. Ook journalisten werden opgepakt en achter slot en grendel gestoken. Vervalst bewijsmateriaal zou hierbij gebruikt zijn.Maar in 2010 ontstonden er strubbelingen tussen Erdogan en Gülen. Gülen gaf openlijk kritiek op het niet nakomen van Erdogans belofte om meer democratie te introduceren in Turkije. De toenmalige premier trok meer en meer macht naar zich toe terwijl de Gülen-beweging altijd voorstander is geweest van een sterk parlement.De breuk werd compleet toen een onderzoek in 2013 een corruptieschandaal aan het licht bracht. Drie ministers stapten op en veel politieke vriendjes van Erdogan werden aangeklaagd. De Turkse president zag in het onderzoek een complot van Gülen en sinds dat moment zit het er bovenarms op tussen de twee.Dit alles lijkt me persoonlijk cruciale informatie om een volledig beeld te schetsen over de situatie in Turkije. Maar wat blijkt? Slechts in 7% van de berichtgeving komen deze elementen aan bod. Dat vind ik oprecht jammer.Zo verdwijnt de broodnodige nuance uit de Turkse problematiek. Nochtans toont dit voorbeeld aan dat een genuanceerde berichtgeving wel degelijk kan:Deze meer verfijnde berichtgeving komt spijtig genoeg quasi alleen voor in uitgebreide stukken over Gülen (en zijn relatie met Erdogan). Het zou een enorme verrijking zijn indien ook kortere artikels deze informatie zouden bevatten. Dit is helaas niet het geval, integendeel.Ik vermoed dat de meeste journalisten bang zijn om de stempel van 'Erdogan-supporter' toebedeeld te krijgen. Maar door op de vlakte te blijven over Gülen en daartegenover Erdogan wél te bekritiseren, ontstaat het beeld dat de Turkse president geen poot heeft om op te staan.Laat me opnieuw duidelijk maken dat ik hiermee de praktijken onder het bewind van Erdogan en zijn AKP zeker niet wil goedpraten, allesbehalve, ik veroordeel ze ten stelligste. Maar ik ben ook de mening toegedaan dat als Erdogan - meer dan terecht - veroordeeld wordt door de westerse media, er ook een correcte, volledige en kritische berichtgeving moet zijn over zijn tegenstanders.Lukas Demeersseman is net aan de slag gegaan als redacteur bij een productiehuis en schreef zijn masterproef aan de VUB over de berichtgeving rond de mislukte staatsgreep in Turkije vorige zomer.