Als uiting van zelfvertrouwen kon het tellen, de foto van de bevelhebber van een Amerikaanse torpedobootjager, die een Chinees vliegdekschip gadeslaat, achteroverleunend in een stoel, de benen rustend op de reling. Zoiets van: 'Is deze gammele Sovjetschuit werkelijk alles wat jullie voor ons in petto hebben?' Maar dat zelfvertrouwen is schijn. Hoewel de Verenigde Staten er tal van militaire voordelen op na houden, hebben ze er één moeten opgeven: het vermogen om twee rivalen tezelfdertijd de baas te kunnen.
...

Als uiting van zelfvertrouwen kon het tellen, de foto van de bevelhebber van een Amerikaanse torpedobootjager, die een Chinees vliegdekschip gadeslaat, achteroverleunend in een stoel, de benen rustend op de reling. Zoiets van: 'Is deze gammele Sovjetschuit werkelijk alles wat jullie voor ons in petto hebben?' Maar dat zelfvertrouwen is schijn. Hoewel de Verenigde Staten er tal van militaire voordelen op na houden, hebben ze er één moeten opgeven: het vermogen om twee rivalen tezelfdertijd de baas te kunnen. 'Two major theater wars', ofwel 2MTW. Dat concept werd geformaliseerd in het begin van de Koude Oorlog. Het idee was dat in een oorlog de Sovjet-Unie wellicht niet alleen zou handelen en niet enkel op één front. Na de Koude Oorlog verwaterde die aspiratie. De defensiestrategie van 2018 borg het concept op en ruilde het in voor de capaciteit om één major theater war naast enkele kleine brandhaarden te bemeesteren. Nu lijkt het onwaarschijnlijk dat het ooit komt tot een situatie waarbij de Amerikanen gelijktijdig de strijd met twee rivalen moeten aanbinden. Voor een stuk is zo'n strategie ook net bedoeld om een dergelijke situatie te vermijden. Het doel is immers om met zo veel slagkracht rivalen af te schrikken, hen te dwingen tot terughoudendheid en te voorkomen dat roekeloos gedrag escaleert in grote conflicten. Militaire macht blijft een verzekering: je investeert vooral in de hoop dat je er geen beroep op hoeft te doen. Rusland en China hebben de voorbije maanden herhaaldelijk getoond dat ze ernaar streven om Amerika de pas af te snijden: Rusland in het westen van Eurazië, China voornamelijk in het oosten van die landmassa. Dit zou met andere woorden hét moment zijn geweest waarop 2MTW van pas zou zijn gekomen. Maar 2MTW bestaat dus niet meer. In vergelijking met de laatste jaren van de Koude Oorlog beschikt Amerika vandaag bijvoorbeeld maar over half zoveel onderzeeboten, en over een pak minder oppervlakteschepen en vliegdekschepen. De luchtmacht moet het doen met een derde van het aantal bommenwerpers en minder dan de helft van de gevechtsvliegtuigen. Er zijn minder transportvliegtuigen en bijna de helft minder amfibische schepen, platformen die beide cruciaal zijn om troepen te vervoeren. De voorbije dertig jaar, sinds de invasie van Irak in 1990, Operatie Desert Storm genoemd, kregen we de indruk dat de Amerikanen overal konden interveniëren. Maar dat was mede het gevolg van de beperkte macht van hun rivalen. De grotendeels mislukte campagnes in Afghanistan en Irak hebben ook een enorme tol geëist aan zowel materieel als personeel. Vandaag kijken de VS aan tegen verschillende tegenstanders, waaronder een grootmacht, China, een forse regionale macht, Rusland, en enkele kleinere spelers zoals Iran en Noord-Korea. De uitdagingen zijn wellicht groter dan aan het einde van de Koude Oorlog, maar de beschikbare militaire middelen zijn dus beperkter. Voorlopig is er nog geen sprake van strategische coördinatie tussen die rivalen, ook niet bijvoorbeeld tussen Peking en Moskou. Wel beseffen Rusland en China dat zij het de Amerikanen moeilijk kunnen maken als ze tezelfdertijd druk zetten. En dat gebeurt. Terwijl China nooit geziene oefeningen rondom Taiwan houdt en het ene na het andere nieuwe wapensysteem test, hebben de Russen ruim 20.000 soldaten en honderden tanks aan de grens met Oekraïne gelegerd voor een oefening. Ter vergelijking: de hele NAVO schraapt dit jaar met moeite 14.000 soldaten bij elkaar voor 'Spring Storm', een oefening aan de Baltische Zee. Nu zal Washington de komende jaren proberen om bijvoorbeeld met snellere raketten en onbemande tuigen zijn positie te versterken. Maar dat wordt moeilijk, want ook de anderen zitten niet stil. Op korte termijn is het gevolg dat Rusland, China, maar ook Iran en Noord-Korea door de kenterende machtsbalans een sterkere onderhandelingspositie verkrijgen. Als Amerika zal proberen om de Russen uit het Chinese kamp te houden, zal de prijs daarvoor kolossaal zijn. De regionale spelers zullen zich onvermijdelijk ook gesterkt voelen om hun belangen kracht bij te zetten en minder bevreesd zijn voor tegenmaatregelen. Rusland lijkt met de Krim voorlopig verzadigd. Het aast niet meteen op een nieuwe campagne, al zal het niet talmen om tussenbeide te komen in Oost-Oekraïne indien zijn belangen daar worden bedreigd. Iran speelt hoog spel om alsnog een akkoord met Washington uit de brand te slepen. Vooral China en de kwestie-Taiwan blijven hét grote strategische vraagteken.