'Uiteraard is het angstaanjagend als iemand pal voor je neus een ander doodschiet', zegt de Turkse fotograaf Burhan Özbilici. Met een foto van de moord op de Russische ambassadeur Andrej Karlov in Ankara op 19 december 2016 won hij een jaar later de World Press Photo Award. 'Ik had op het laatste moment beslist om nog even bij de vernissage binnen te springen waar de ambassadeur te gast was. Puur toeval dat ik ter plaatse was. Ik maakte bewust geen oogcontact met de moordenaar. Op zo'n moment gaat er van alles door je hoofd: ik hoorde de stem van mijn vader die zei dat ik kalm moest blijven. Intussen maakte ik meer dan honderd foto's. Tot een veiligheidsagent me kwam halen. Natuurlijk ben ik niet bereid om mijn leven te geven voor een foto. Maar als er iets gebeurt en ik ben ter plaatse, dan wil ik dat vastleggen.'
...

'Uiteraard is het angstaanjagend als iemand pal voor je neus een ander doodschiet', zegt de Turkse fotograaf Burhan Özbilici. Met een foto van de moord op de Russische ambassadeur Andrej Karlov in Ankara op 19 december 2016 won hij een jaar later de World Press Photo Award. 'Ik had op het laatste moment beslist om nog even bij de vernissage binnen te springen waar de ambassadeur te gast was. Puur toeval dat ik ter plaatse was. Ik maakte bewust geen oogcontact met de moordenaar. Op zo'n moment gaat er van alles door je hoofd: ik hoorde de stem van mijn vader die zei dat ik kalm moest blijven. Intussen maakte ik meer dan honderd foto's. Tot een veiligheidsagent me kwam halen. Natuurlijk ben ik niet bereid om mijn leven te geven voor een foto. Maar als er iets gebeurt en ik ben ter plaatse, dan wil ik dat vastleggen.' Özbilici was onlangs een paar dagen in België op uitnodiging van de Leuvense professor Baldwin Van Gorp, van wie eerder dit jaar Verdraaid! Het nieuws anders bekeken verscheen, om te spreken over het verhaal achter zijn winnende fotoreeks. Van Gorp: 'De foto van Burhan is bijzonder omdat ze de terreurdreiging bijna op surrealistische wijze weergeeft. Het beeld lijkt namelijk in scène gezet. Door de nette kostuums, de steriele, witte ruimte en het ontbreken van enig bloedspoor. Maar in dit geval kan er geen twijfel over bestaan: dit beeld is echt.' Er was in eerste instantie discussie over de foto: die zou het martelaarschap verheerlijken. Burhan Özbilici: Het is goed dat er discussie is, het is tenslotte de bedoeling dat een beeld iets losmaakt. Ik heb liever dat mensen zich ongemakkelijk voelen door een foto dan dat die hen niets doet. Iedereen die negatief nieuws wil aanklagen, heeft het tegenwoordig over framing. Journalisten zouden te veel manipuleren. Is dat terechte kritiek? BALDWIN Van Gorp: We framen allemaal, het is een onbewust proces. Ook een journalist vertrekt altijd vanuit een bepaalde invalshoek om nieuws uit te leggen. En dan maakt hij een selectie: wat gebruik ik en wat laat ik weg? Framing is eigenlijk een academische term, afkomstig uit de sociale psychologie. Sinds een jaar of zes wordt de term ook gebruikt als kritiek op een eenzijdige, niet correcte versie van feiten. Ik beschouw framing niet als iets negatiefs, maar als een manier om de realiteit uiteen te zetten. Een voorbeeld: de heisa, in april, over die Joodse CD&V-kandidaat die vrouwen geen hand wilde geven. Feitelijk beschouwd is een hand geven niets meer dan een fysieke aanraking. Maar wij zien het als een teken van respect, terwijl het voor de orthodoxe Jood juist een teken van respect is als hij vrouwen géén hand geeft. Het gaat om twee verschillende invalshoeken. Natuurlijk was er hier meer aan de hand dan alleen die handdruk, het was een symbolische discussie. Maar ik miste bij sommige journalisten de nodige nuance. De media zouden bewuster met framing om moeten gaan. Door een onderwerp vanuit verschillende invalshoeken te brengen en te nuanceren, verruim je de blik van de nieuwsgebruiker. Framing kan overigens ook voordelen hebben. Neem de conflictverslaggeving. Die is vaak erg ingewikkeld. Wil je dat op een begrijpelijke manier brengen, dan kan het helpen om vanuit bepaalde standpunten te vertrekken, zonder de feiten te vereenvoudigen. Als journalist moet je daar een middenweg in zoeken. Maar nuanceren is niet makkelijk als je weinig plaats en tijd hebt. Het moet tegenwoordig allemaal zo snel gaan dat er voor duiding en nuance nauwelijks nog ruimte is. De schuld ligt niet bij de journalisten, maar bij de werkgevers. Is er hoop op verbetering? Van Gorp: Ik hoop dat er een keerpunt komt waarbij we terug kunnen naar journalistiek die zich bezighoudt met feitelijke verslaggeving. Nu zie je vooral opiniërende stukken, of een mengeling van verslaggeving en opinie. Meningen zijn belangrijker geworden dan feiten, een ontwikkeling die ik zeker niet toejuich. Özbilici: Door de sociale media en de komst van het internet staan de traditionele media onder druk, dat is bekend. Maar ik geloof niet in de zogenaamde burgerjournalisten. Fotografie is een vák, een amateur die toevallig ergens is, maakt niet dezelfde beelden als een professioneel. Pr-mensen en beleidsmakers weten hoe ze iets in de media moeten krijgen en zijn daar soms hondsbrutaal in. Dat was vroeger al zo, maar nu is het bijna een normale praktijk geworden. Een van de grofste voorbeelden die ik heb meegemaakt was in Libië, ten tijde van Muammar Khaddafi. Hij nodigde een groep internationale journalisten uit. Iedereen moest het programma volgen dat was uitgestippeld. Behalve kostelijke diners kreeg iedere journalist en fotograaf een dure Mercedes cadeau. Ongelofelijk. Heel wat journalisten namen het aanbod aan. Ik heb geweigerd en ben vertrokken. Ik kom uit Turkije en versla het nieuws in het Midden-Oosten, waar ze erg goed zijn in het omkopen van verslaggevers. Het is bijna een normaal verschijnsel. Door het internet is de propaganda enorm toegenomen. Een journalist wordt beschouwd als een middel om die propaganda te verspreiden. Doe je dat niet, dan ben je een 'slechte journalist' en krijg je kritiek op Twitter. Het is verdomd moeilijk om als onafhankelijke verslaggever overeind te blijven en kwaliteit te brengen. Daarom pleit ik voor meer onderlinge solidariteit. In Frankrijk hebben een aantal journalisten zelf een nieuwsplatform opgezet, Mediapart.fr. Ze hebben meer dan 120.000 abonnees die 9 euro per maand betalen. Je ziet dat soort initiatieven steeds meer opduiken, ik vind dat een goede ontwikkeling. De tv-serie Nieuwsjagers op Vier kreeg heel wat kritiek. De journalisten werden sensatiebelust en cynisch genoemd. Professor Van Gorp, u noemt hen helden. Waarom? Van Gorp: Held is een groot woord, dat besef ik. Ik bedoel ermee dat ik de nieuwsjagers respecteer omdat ze steeds weer die drempel moeten nemen en op mensen moeten afstappen om gênante en vervelende vragen te stellen. De buren van een vrouw die net slachtoffer is geworden van een aanslag, ouders die hun zoon verloren hebben door een auto-ongeval. Het is allesbehalve eenvoudig om dat op een zo fatsoenlijk mogelijke manier te doen. En lang niet iedereen wil of kan dat. Je moet als nieuwsjager een balans houden tussen de durf om vragen te stellen en het respect om dat zo oprecht mogelijk te doen. Chapeau voor degenen die daar in slagen. Nu, er zijn weinig échte helden in de journalistiek. Maar Burhan beschouw ik wel als een van hen. Hij deed gewoon zijn werk, zegt hij. Ik vind dat dapper. Wat doet u als fotograaf wanneer iemand voor uw neus gewond raakt? Eerst een foto maken en dan helpen, zoals veel fotografen zeggen? Özbilici: Als ik de mogelijkheid heb om bloedvergieten te voorkomen, dan denk ik niet aan foto's. Heb ik die keuze niet, dan houd ik me wat op de achtergrond en doe mijn werk. Ik heb veel verslaggeving in Irak gedaan, onder andere over de arabiseringspolitiek van Saddam Hoessein waardoor Koerden en Jezidi van hun grondgebied werden verdreven. Zo was ik eens, begin jaren 2000, in de bergen waar hordes Koerden op de vlucht waren. Sommigen blootsvoets, gewond. Op zeker moment passeerde een zwangere vrouw met een baby op haar arm en een klein meisje van een jaar of drie. Het meisje was gewond, haar voet zat onder het bloed, ze droeg geen schoenen. De moeder duwde het kind vooruit, ze hadden haast. Ik kon het niet aanzien, heb het kind opgetild en gedragen tot aan de rivier, een uur wandelen. Ik wilde geen foto's van haar maken. Achteraf voelde het zo goed, het maakte me echt gelukkig. Het is het meest eervolle wat ik in mijn leven heb gedaan. Zal de schrijvende pers in zijn huidige vorm blijven bestaan? Van Gorp: De verkoopcijfers van kranten en magazines dalen. Toch zal de schrijvende pers blijven bestaan, vooral in digitale vorm. Voor de journalist maakt dat op zich geen verschil. Je moet het publiek alleen zo ver krijgen dat het wil betalen voor elektronisch nieuws. Met die betaalmuren komt het wel goed. Wat ik me eerder afvraag, is hoe de verhoudingen straks zullen zijn tussen de kwaliteitsmedia en populaire media. Door verschillende media in grote concerns onder te brengen, kan de een overleven dankzij de ander. Al bij al ben ik best optimistisch. Ik kan me geen wereld voorstellen zonder professioneel nieuws.