Terwijl de deadline voor een akkoord nadert, lopen de onderhandelingen over een toekomstig Europees-Brits handelsakkoord voor geen meter. Op 31 januari heeft het Verenigd Koninkrijk de Europese Unie verlaten, maar die dag trad ook een overgangsperiode in werking. Die houdt in dat het VK nog tot eind dit jaar deel blijft uitmaken van de Europese douane-unie en van de interne markt. Intussen voeren Brussel en Londen onderhandelingen over een bilateraal handelsakkoord, dat moet garanderen dat ook de 'economische brexit' op 1 januari 2021 ordentelijk verloopt.

Half oktober zou er een akkoord moeten zijn om alles tegen het einde van het jaar goedgekeurd te krijgen, maar zelfs nu de klok oorverdovend luid begint te tikken, is de EU er nog steeds niet van overtuigd dat de regering-Johnson een akkoord wil. De sfeer aan de onderhandelingstafel wordt ook bemoeilijkt door het feit dat in Londen een wetsontwerp voorligt dat de Britse ministers en het parlement de mogelijkheid biedt bepaalde verplichtingen die voortvloeien uit het in 2019 overeengekomen terugtrekkingsakkoord naast zich neer te leggen. Omdat Londen op die manier volgens de Commissie niet te goeder trouw handelt - waartoe het zich nochtans wel had geëngageerd - kondigde von der Leyen donderdag aan dat de Commissie een inbreukprocedure opent.

Tegen die achtergrond hielden von der Leyen en Johnson zaterdag video-overleg. Ze maakten een stand van zaken van de lopende gesprekken op en bespraken de volgende stappen. Nadien gaven ze hun onderhandelaars de opdracht om intensief samen te werken in een poging de verschillen te overbruggen. Dat maakten Downing Street en de Commissie in een gezamenlijke verklaring bekend.

Johnson en Von der Leyen 'onderschrijven het oordeel van beide hoofdonderhandelaars dat de jongste weken voortgang is geboekt met de onderhandelingen'. 'Er blijft een aanzienlijke kloof, vooral maar niet alleen op het gebied van visserij, een eerlijk speelveld en bestuur.' Ze hebben hun hoofdonderhandelaars, Michel Barnier namens de EU en David Frost voor de Britten, de opdracht gegeven om intensief verder te werken. Ook zijn Johnson en Von der Leyen overeengekomen 'elkaar op regelmatige basis te spreken over de kwestie'.

Terwijl de deadline voor een akkoord nadert, lopen de onderhandelingen over een toekomstig Europees-Brits handelsakkoord voor geen meter. Op 31 januari heeft het Verenigd Koninkrijk de Europese Unie verlaten, maar die dag trad ook een overgangsperiode in werking. Die houdt in dat het VK nog tot eind dit jaar deel blijft uitmaken van de Europese douane-unie en van de interne markt. Intussen voeren Brussel en Londen onderhandelingen over een bilateraal handelsakkoord, dat moet garanderen dat ook de 'economische brexit' op 1 januari 2021 ordentelijk verloopt.Half oktober zou er een akkoord moeten zijn om alles tegen het einde van het jaar goedgekeurd te krijgen, maar zelfs nu de klok oorverdovend luid begint te tikken, is de EU er nog steeds niet van overtuigd dat de regering-Johnson een akkoord wil. De sfeer aan de onderhandelingstafel wordt ook bemoeilijkt door het feit dat in Londen een wetsontwerp voorligt dat de Britse ministers en het parlement de mogelijkheid biedt bepaalde verplichtingen die voortvloeien uit het in 2019 overeengekomen terugtrekkingsakkoord naast zich neer te leggen. Omdat Londen op die manier volgens de Commissie niet te goeder trouw handelt - waartoe het zich nochtans wel had geëngageerd - kondigde von der Leyen donderdag aan dat de Commissie een inbreukprocedure opent.Tegen die achtergrond hielden von der Leyen en Johnson zaterdag video-overleg. Ze maakten een stand van zaken van de lopende gesprekken op en bespraken de volgende stappen. Nadien gaven ze hun onderhandelaars de opdracht om intensief samen te werken in een poging de verschillen te overbruggen. Dat maakten Downing Street en de Commissie in een gezamenlijke verklaring bekend.Johnson en Von der Leyen 'onderschrijven het oordeel van beide hoofdonderhandelaars dat de jongste weken voortgang is geboekt met de onderhandelingen'. 'Er blijft een aanzienlijke kloof, vooral maar niet alleen op het gebied van visserij, een eerlijk speelveld en bestuur.' Ze hebben hun hoofdonderhandelaars, Michel Barnier namens de EU en David Frost voor de Britten, de opdracht gegeven om intensief verder te werken. Ook zijn Johnson en Von der Leyen overeengekomen 'elkaar op regelmatige basis te spreken over de kwestie'.