Straks wordt duidelijk of de wispelturige president van de Verenigde Staten zijn land terugtrekt uit het Klimaatakkoord van Parijs. Als dat het geval is, is er echter geen kind overboord. Nu ja, Trump zelf uiteraard wel, maar de kans is groot dat alliantie tussen volwassen wereldleiders om klimaatopwarming gezamenlijk aan te pakken, versterkt uit de storm komt.

Dat de Amerikanen op het vlak van internationaal beleid niet meer te vertrouwen zijn, werd duidelijk naar aanleiding van de NAVO top in Brussel. De Duitse Bondskanselier Angela Merkel liet er geen twijfel over bestaan dat Europa niet meer kan rekenen op de VS. Hetzelfde scenario dreigt nu te gebeuren met het Klimaatakkoord.

'Kunnen populistische oprispingen Europa versterken in plaats van verzwakken?'

Washington heeft de laatste weken en dagen radicaal tegenstrijdige geruchten de wereld ingestuurd die de interne strijd tussen populistische klimaatnegationisten en de voorstanders van een wereldwijde alliantie rond het Akkoord van Parijs bloot legt. Die eersten worden aangevuurd door Trumps strategisch adviseur Steve Bannon en Scott Pruit, de klimaatsceptische baas van het Environmental Protection Agency, ooit het kroonjuweel van het Amerikaanse milieubeleid. Pruit liet in april op een bijeenkomst van de National Mining Association verstaan dat het Akkoord slecht was voor de Amerikaanse economie. Dat laatste is een van de vele alternative facts waarop Washington haar beleid baseert. Want precies het omgekeerde is het geval. Vorige week nog publiceerde de OESO het rapport Investing in Climate, investering in Growth. Als de belangrijkste industriële en economische grootmachten vandaag tot de conclusie komen dat investeren in de strijd tegen klimaatverandering de wereldeconomie ten goede zal komen, kan dat moeilijk weggezet worden als de naïeve droom van een stel boomknuffelaars.

Volgens de OESO moeten klimaatbeleid en economisch beleid niet als twee afzonderlijke beleidsdoelstellingen worden gezien, maar moeten ze met elkaar vervlochten worden. Als de klimaatagenda geïntegreerd wordt in een economisch beleid kan dat tegen 2021 gemiddeld 1 procent extra economische output leveren in de landen van de G20, stelt de OESO, een percentage dat tegen 2050 kan oplopen tot 2,8 procent. Als we er bovendien in slagen om de impact van klimaatverandering op kustgebieden te vermijden, komt daar tegen 2050 nog eens 5 procent groei bovenop. "Er is géén economisch excuus om de klimaatverandering niet aan te pakken en die aanpak is urgent," zei OESO secretaris-generaal Angel Gurría op de voorstelling van het rapport in Berlijn. In tegenstelling tot wat de Amerikaanse anti-klimaatlobby beweert, zou uitstel de economie ten nadele komen.

'Méér jobs zijn een tastbaar bewijs dat een vergroening van de economie directe voordelen oplevert.'

Economische groeicijfers kunnen voor de gemiddelde burger vrij abstract klinken. Méér jobs daarentegen zijn een tastbaar bewijs dat een vergroening van de economie directe voordelen oplevert. Begin deze week publiceerde Eurostat de evolutie van het aantal 'groene jobs' in de EU. In 2014 werkten er in Europa zo'n 4.2 miljoen mensen voltijds in de groene economie, bijna 1,4 miljoen méér dan dan vijftien jaar eerder. De tewerkstelling in de Europese groene economie steeg tussen 2000 en 2014 bijna dubbel zoveel dan in de volledige Europese economie. Het grootste aantal jobs in die groene economie is terug te vinden in de hernieuwbare energiesector, net die sector waar Washington de stekker wil uittrekken.

Trump draait de Amerikanen een rad voor de ogen met zijn belofte tienduizenden mensen terug aan het werk te krijgen in de steenkoolindustrie. Nochtans deed die belofte vlak na zijn verkiezing de beurscijfers van de Amerikaanse steenkoolbedrijven opveren, maar deze week - net voor Trumps aankondiging - gingen ze opnieuw de dieperik in. Verwonderlijk is dat niet.

Een groot deel van de Amerikaans steenkool is voor de export bestemd, en als de wereldwijde alliantie rond het Akkoord van Parijs staande blijft, zal geen kip nog steenkool willen. Bovendien hebben zo'n 46 Amerikaanse steenkoolcentrales in 16 staten beslist om de komende jaren definitief te sluiten, wat de vraag naar steenkool jaarlijks met 30 miljoen ton - een waarde van 1,1 miljard dollar - laat dalen. Steenkool is, gelukkig maar, een brandstof zonder toekomst. Een VS- boycot van het Klimaatakkoord van Parijs zal daar niets aan veranderen.

Zon en wind zijn al goedkoper dan steenkool. Beleidsmakers hebben de keuze: ofwel werken ze aan een reconversie en de omscholing van de getroffen werknemers. Ofwel maken ze, zoals Trump, de bevolking iets wijs, geven ze valse hoop en zorgen ervoor dat tienduizenden gezinnen straks een keiharde landing zullen maken. Trumps belofte om net in die sector jobs te creëeren, is populistisch kiezersbedrog. Wat we echter voor ogen moeten houden, is dat Trump wat klimaatbeleid betreft niet de rechtmatige leider van zijn land is en lang niet de Amerikaanse bevolking vertegenwoordigt. Heel wat staten én steden zullen hun klimaatagenda gewoon blijven uitvoeren. Zij blijven voor Europa en de rest van de wereld belangrijke partners in de strijd tegen klimaatopwarming.

Europa in avant-garde tegen klimaatopwarming

Net nu, aan de vooravond van Trumps beslissing zitten de EU en China samen in Brussel voor een tweedaagse topontmoeting waar ondermeer het Klimaatakkoord op de agenda staat. Het staat vast dat Commissievoorzitter Jean-Claude Juncker, Europees Raadsvoorzitter Donald Tusk en de Chinese eerste minister Li Keqiang de samenwerking rond klimaatopwarming en de transitie naar een koolstofarme economie zullen versterken. Eerder deze week maakte ook de Indiase premier Narendra Modi tijdens een ontmoeting met Angela Merkel duidelijk dat India loyaal blijft aan het akkoord van Parijs, ook als de Verenigde Staten zich terugtrekken. Dat betekent niet alleen dat de VS totaal geïsoleerd zullen staan, maar ook dat Europa zich opnieuw in de avant-garde van de strijd tegen klimaatopwarming zal bevinden. Dat is goed nieuws voor de EU die koploper kan worden inzake de ontwikkeling van nieuwe technologieën die nodig zullen zijn in een koolstofarme economie. Het ziet er naar uit dat de gevreesde populistische oprispingen, zoals het klimaatnegationisme van Trump of het isolationisme van de Brexit, Europa niet verzwakken, maar eerder versterken.

Kathleen van Brempt

Europees parlementslid en vice-voorzitter van de S&D fractie verantwoordelijk voor duurzaam beleid

Straks wordt duidelijk of de wispelturige president van de Verenigde Staten zijn land terugtrekt uit het Klimaatakkoord van Parijs. Als dat het geval is, is er echter geen kind overboord. Nu ja, Trump zelf uiteraard wel, maar de kans is groot dat alliantie tussen volwassen wereldleiders om klimaatopwarming gezamenlijk aan te pakken, versterkt uit de storm komt. Dat de Amerikanen op het vlak van internationaal beleid niet meer te vertrouwen zijn, werd duidelijk naar aanleiding van de NAVO top in Brussel. De Duitse Bondskanselier Angela Merkel liet er geen twijfel over bestaan dat Europa niet meer kan rekenen op de VS. Hetzelfde scenario dreigt nu te gebeuren met het Klimaatakkoord. Washington heeft de laatste weken en dagen radicaal tegenstrijdige geruchten de wereld ingestuurd die de interne strijd tussen populistische klimaatnegationisten en de voorstanders van een wereldwijde alliantie rond het Akkoord van Parijs bloot legt. Die eersten worden aangevuurd door Trumps strategisch adviseur Steve Bannon en Scott Pruit, de klimaatsceptische baas van het Environmental Protection Agency, ooit het kroonjuweel van het Amerikaanse milieubeleid. Pruit liet in april op een bijeenkomst van de National Mining Association verstaan dat het Akkoord slecht was voor de Amerikaanse economie. Dat laatste is een van de vele alternative facts waarop Washington haar beleid baseert. Want precies het omgekeerde is het geval. Vorige week nog publiceerde de OESO het rapport Investing in Climate, investering in Growth. Als de belangrijkste industriële en economische grootmachten vandaag tot de conclusie komen dat investeren in de strijd tegen klimaatverandering de wereldeconomie ten goede zal komen, kan dat moeilijk weggezet worden als de naïeve droom van een stel boomknuffelaars. Volgens de OESO moeten klimaatbeleid en economisch beleid niet als twee afzonderlijke beleidsdoelstellingen worden gezien, maar moeten ze met elkaar vervlochten worden. Als de klimaatagenda geïntegreerd wordt in een economisch beleid kan dat tegen 2021 gemiddeld 1 procent extra economische output leveren in de landen van de G20, stelt de OESO, een percentage dat tegen 2050 kan oplopen tot 2,8 procent. Als we er bovendien in slagen om de impact van klimaatverandering op kustgebieden te vermijden, komt daar tegen 2050 nog eens 5 procent groei bovenop. "Er is géén economisch excuus om de klimaatverandering niet aan te pakken en die aanpak is urgent," zei OESO secretaris-generaal Angel Gurría op de voorstelling van het rapport in Berlijn. In tegenstelling tot wat de Amerikaanse anti-klimaatlobby beweert, zou uitstel de economie ten nadele komen. Economische groeicijfers kunnen voor de gemiddelde burger vrij abstract klinken. Méér jobs daarentegen zijn een tastbaar bewijs dat een vergroening van de economie directe voordelen oplevert. Begin deze week publiceerde Eurostat de evolutie van het aantal 'groene jobs' in de EU. In 2014 werkten er in Europa zo'n 4.2 miljoen mensen voltijds in de groene economie, bijna 1,4 miljoen méér dan dan vijftien jaar eerder. De tewerkstelling in de Europese groene economie steeg tussen 2000 en 2014 bijna dubbel zoveel dan in de volledige Europese economie. Het grootste aantal jobs in die groene economie is terug te vinden in de hernieuwbare energiesector, net die sector waar Washington de stekker wil uittrekken. Trump draait de Amerikanen een rad voor de ogen met zijn belofte tienduizenden mensen terug aan het werk te krijgen in de steenkoolindustrie. Nochtans deed die belofte vlak na zijn verkiezing de beurscijfers van de Amerikaanse steenkoolbedrijven opveren, maar deze week - net voor Trumps aankondiging - gingen ze opnieuw de dieperik in. Verwonderlijk is dat niet. Een groot deel van de Amerikaans steenkool is voor de export bestemd, en als de wereldwijde alliantie rond het Akkoord van Parijs staande blijft, zal geen kip nog steenkool willen. Bovendien hebben zo'n 46 Amerikaanse steenkoolcentrales in 16 staten beslist om de komende jaren definitief te sluiten, wat de vraag naar steenkool jaarlijks met 30 miljoen ton - een waarde van 1,1 miljard dollar - laat dalen. Steenkool is, gelukkig maar, een brandstof zonder toekomst. Een VS- boycot van het Klimaatakkoord van Parijs zal daar niets aan veranderen. Zon en wind zijn al goedkoper dan steenkool. Beleidsmakers hebben de keuze: ofwel werken ze aan een reconversie en de omscholing van de getroffen werknemers. Ofwel maken ze, zoals Trump, de bevolking iets wijs, geven ze valse hoop en zorgen ervoor dat tienduizenden gezinnen straks een keiharde landing zullen maken. Trumps belofte om net in die sector jobs te creëeren, is populistisch kiezersbedrog. Wat we echter voor ogen moeten houden, is dat Trump wat klimaatbeleid betreft niet de rechtmatige leider van zijn land is en lang niet de Amerikaanse bevolking vertegenwoordigt. Heel wat staten én steden zullen hun klimaatagenda gewoon blijven uitvoeren. Zij blijven voor Europa en de rest van de wereld belangrijke partners in de strijd tegen klimaatopwarming.Net nu, aan de vooravond van Trumps beslissing zitten de EU en China samen in Brussel voor een tweedaagse topontmoeting waar ondermeer het Klimaatakkoord op de agenda staat. Het staat vast dat Commissievoorzitter Jean-Claude Juncker, Europees Raadsvoorzitter Donald Tusk en de Chinese eerste minister Li Keqiang de samenwerking rond klimaatopwarming en de transitie naar een koolstofarme economie zullen versterken. Eerder deze week maakte ook de Indiase premier Narendra Modi tijdens een ontmoeting met Angela Merkel duidelijk dat India loyaal blijft aan het akkoord van Parijs, ook als de Verenigde Staten zich terugtrekken. Dat betekent niet alleen dat de VS totaal geïsoleerd zullen staan, maar ook dat Europa zich opnieuw in de avant-garde van de strijd tegen klimaatopwarming zal bevinden. Dat is goed nieuws voor de EU die koploper kan worden inzake de ontwikkeling van nieuwe technologieën die nodig zullen zijn in een koolstofarme economie. Het ziet er naar uit dat de gevreesde populistische oprispingen, zoals het klimaatnegationisme van Trump of het isolationisme van de Brexit, Europa niet verzwakken, maar eerder versterken.Kathleen van BremptEuropees parlementslid en vice-voorzitter van de S&D fractie verantwoordelijk voor duurzaam beleid