De stad was 's ochtends nog aan het bekomen van het geweld van de nacht ervoor. De metro werd toen gesloten, nadat de politie pendelaars en betogers in de trein had aangevallen. Maar zondag verschoven de protesten naar de luchthaven, waar de spanningen snel escaleerden rond 14 uur.

De politie verdreef een handvol betogers uit de luchthaven, maar op de parking en aan een busterminal verzamelde toch een menigte. De politie, gewapend met schilden en wapenstokken, vormde snel een cordon aan de belangrijkste ingangen. De betogers begonnen steeds luider slogans te scanderen. De luchtvaartautoriteiten lazen via een luidspreker een bevel af aan de betogers, maar slaagden er niet in om hen te laten vertrekken. De overheid legde de snelle treinverbinding met de luchthaven stil in de namiddag. Maar bussen met toeristen en andere passagiers bleven wel toestromen op de luchthaven. Buiten bouwden betogers barricades om te vermijden dat de politie uit het gebouw kon.

Tegelijkertijd stroomden politievoertuigen toe. Toen meer oproerpolitie kwam, vluchtte een aantal betogers weg met bussen. Nadien vertrok een groep van enkele honderden betogers, gewapend met gasmaskers en beschermende brillen, naar het dichtstbijzijnde metrostation. Terwijl ze vertrokken, richtten betogers barricades op om de politie op afstand te houden. Ze spoten brandblussers leeg op de weg.

In Hongkong komen nu al drie maanden duizenden betogers op straat. Aanvankelijk was het protest gericht tegen een maatregel die uitlevering aan moederland China mogelijk zou maken, maar intussen is de beweging uitgegroeid tot een bredere oproep tot meer democratie. Vrijdag werden nog drie leiders van de protestbeweging opgepakt, net als drie pro-democratische politici.