De socialistische premier Pedro Sanchez had sinds hij begin juni aan de macht kwam, beloofd om de herdenking aan de honderdduizenden Republikeinse slachtoffers van de Spaanse burgeroorlog (1936-1939) en de daaropvolgende dictatuur van Francisco Franco (1939-1975) te rehabiliteren.

Het Spaanse parlement stemde medio september al met een duidelijke meerderheid voor een decreet van de regering-Sanchez om de resten van Franco weg te halen uit het mausoleum in de buurt van Madrid.

Het ministerie wil nu in zijn vraag aan de gemeentes de wet van het Historisch Geheugen uit 2007 toepassen, die vereist dat overheidsinstanties 'passende maatregelen nemen om allerhande voorwerpen te verwijderen die herinneren aan de militaire opstand, burgeroorlog en dictatuur'.

De wet, gestemd onder de regering van een andere socialist, José Luis Rodriguez Zapatero (2004-2011), wordt nog steeds betwist door de conservatieven. Zij vinden dat die wet nodeloos de wonden van het verleden openrijt.

Volgens het ministerie dragen 1.171 Spaanse straten en pleinen nog steeds de naam van belangrijke figuren uit de franquistische periode.

De monumentale grafsite van de dictator bevindt zich al meer dan vier decennia in de Vallei van de Gevallenen in de Sierra de Guadarrama. Het mausoleum is tot op vandaag een bedevaartsoord voor sympathisanten van Franco en rechtsextremisten