Ahmed Hussen is de verpersoonlijking van de Canadian Dream. Als jongen van zestien kwam hij in 1992 in zijn eentje aan op de luchthaven van Toronto om asiel aan te vragen. Hij had een sporttas bij zich met wat schone kleren, meer niet. Met zijn familie was hij de burgeroorlog in zijn geboorteland Somalië ontvlucht, eerst naar een vluchtelingenkamp in buurland Kenia en vervolgens vloog hij de oceaan over naar de grootste stad van Canada. Zijn ouders hadden niet genoeg geld om zelf mee te reizen.
...

Ahmed Hussen is de verpersoonlijking van de Canadian Dream. Als jongen van zestien kwam hij in 1992 in zijn eentje aan op de luchthaven van Toronto om asiel aan te vragen. Hij had een sporttas bij zich met wat schone kleren, meer niet. Met zijn familie was hij de burgeroorlog in zijn geboorteland Somalië ontvlucht, eerst naar een vluchtelingenkamp in buurland Kenia en vervolgens vloog hij de oceaan over naar de grootste stad van Canada. Zijn ouders hadden niet genoeg geld om zelf mee te reizen. Hussen was een ijverige student, behaalde een bachelor geschiedenis en studeerde af in de rechten. Hij maakte carrière als advocaat, kon zich een vrijstaand huis in een welvarende buitenwijk van Toronto veroorloven en waagde zich in 2015 in de politieke arena toen hij een zetel veroverde in het nationale parlement. Bijna 25 jaar na zijn aankomst in Canada volgde de bekroning: een ministerpost in de regering van de centrumlinkse premier Justin Trudeau (Liberal Party of Canada). Als eerste ex-vluchteling geeft hij leiding aan het belangrijke departement Immigratie en is hij onderdeel van een kabinet dat voor de helft bestaat uit vrouwen en dat drie andere niet-witte ministers telt - 'zichtbare minderheden', zeggen Canadezen. Een van hen is minister van Defensie Harjit Sajjan, een sikh met tulband die werd geboren in India. Trudeau sprak van 'een regering van Canada die eruitziet zoals Canada.' De beelden gingen de wereld rond. Deze maand gingen ook andere beelden van Trudeau de wereld rond. In de aanloop naar de nationale verkiezingen op 21 oktober doken foto's en een filmpje op van de premier die in het verleden meermaals zijn gezicht zwart schminkte voor een gala en een muziekoptreden. Anders dan in Nederland, dat al meer dan tien jaar met de vraag worstelt of Zwarte Piet racistisch is, hadden ze in Canada geen ellenlange discussie nodig om vast te stellen dat blackface associaties oproept met een naargeestig verleden, ook als er geen sprake was van kwade bedoelingen. Trudeau probeerde het niet goed te praten en bood direct zijn excuses aan. De conservatieve oppositie riep hem op af te treden, wat Trudeau weigerde. De omstreden verkleedpartijen van Trudeau zijn des te opmerkelijker, omdat Canada politieke correctheid nog steeds hoog in het vaandel draagt. Terwijl de hoogtijdagen van het multiculturalisme in West-Europa sinds de opkomst van het rechts-populisme ver achter ons lijken te liggen, wordt de diversiteit van de bevolking hier nog echt gevierd. Dat blijkt bijvoorbeeld op een zondagmiddag in Vancouver, de havenstad aan de westkust die in 2010 de Olympische Winterspelen organiseerde. Daar vindt in een cultureel centrum een feestelijke ceremonie plaats rondom de onafhankelijkheidsdag van Mexico. De zaal hangt vol rode, witte en groene ballonnen, de kleuren van de Mexicaanse vlag. Na een optreden van een ensemble van mannen met sombrero en vrouwen in traditionele jurk ( jalisco) volgt een plechtig moment. Twee agenten van de Royal Canadian Mounted Police (de bereden politie), gekleed in rood uniform met cowboyhoed, dragen de Canadese vlag de zaal binnen. Onder luid applaus plaatsen ze het nationale symbool met het iconische esdoornblad naast de Mexicaanse driekleur. Na het afspelen van het Canadese volkslied leest Lisa Dominato, een van de tien schepenen van Vancouver, een boodschap voor namens de burgemeester. Het stadsbestuur prijst de bijdragen van de Mexicaanse gemeenschap aan de multiculturele Canadese samenleving 'in het bedrijfsleven, de kunsten, aan de universiteiten en in de wetenschap'. En: 'Mexico is een natuurlijke Noord-Amerikaanse partner van Canada.' De sneer naar de president van de Verenigde Staten is niet mis te verstaan: de relatie van Donald Trump met buurland Mexico bestaat vooral uit diens obsessie voor de bouw van een grensmuur. Met een bevolking van 37 miljoen (iets minder dan Polen) accepteerde Canada vorig jaar in absolute aantallen de meeste asielzoekers ter wereld, bijna 30.000, vooral uit Syrië en Irak. Twee jaar geleden twitterde Trudeau: 'Zij die vervolging, terrorisme en oorlog ontvluchten, zijn welkom in Canada, ongeacht hun geloof. Diversiteit is onze kracht. #WelcomeToCanada.' Het totale aantal immigranten dat zich in 2018 in het land mocht vestigen, was meer dan 300.000, het hoogste aantal sinds 1913, met als voornaamste landen van herkomst de Filipijnen, India en China. Dat aantal moet verder omhoog, vindt de regering. In drie jaar wil Canada een miljoen nieuwe immigranten welkom heten. Deze gastvrijheid past bij het progressief-liberale imago dat het land koestert, zeker in vergelijking met de zuiderburen. In Canada is de bevolking wél verzekerd tegen ziektekosten, bestaan strengere wapenwetten en is het gebruik van cannabis sinds deze zomer volledig gelegaliseerd. Eén miljoen nieuwe immigranten en #WelcomeToCanada voor vluchtelingen: het doet denken aan Wir schaffen das, de open armen waarmee bondskanselier Angela Merkel sinds 2015 honderdduizenden Syriërs heeft opgevangen. Dat bleek koren op de molen van de Duitse rechts-populisten, die de afgelopen jaren meerdere electorale doorbraken beleefden. In de meeste Europese landen zou een roep om meer migranten in het huidige politieke klimaat waarschijnlijk politieke zelfmoord betekenen voor centrumpolitici, maar in Canada leidt het vooral tot bijval, zowel op links als op rechts. In de huidige verkiezingscampagne speelt immigratie weliswaar een rol, maar daarbij gaat het vooral om verschillende accenten bij de grootste vier partijen, niet zozeer om de aard van het beleid. Conservatieven en groenen maken zich bijvoorbeeld sterk voor een vereenvoudiging van gezinshereniging voor kinderen en echtgenoten, terwijl de derde partij van het land, de New Democrats, en de regerende liberalen strenger willen optreden tegen malafide consultants die geacht worden immigranten te helpen bij hun vestiging maar vaak misbruik maken van de nieuwkomers.De breedgedragen steun voor immigratie heeft verschillende oorzaken, te beginnen met de geografische ligging van Canada. Het land is ingeklemd tussen twee oceanen, de noordpool en de Verenigde Staten. Van ongeregistreerde migratie is daardoor nauwelijks sprake: voor mensensmokkelaars met gammele bootjes is Canada simpelweg onbereikbaar en vanuit de VS steken relatief weinig migranten zonder toestemming de grens over. Het stelt Canada in staat een uiterst selectief migratiebeleid te voeren. Het grootste verschil met Duitsland en andere Europese landen is dat verreweg de meeste nieuwkomers geen vluchtelingen zijn, maar 'gelukszoekers' op zoek naar een beter bestaan. Zij worden uitgekozen door de Canadese regering, op basis van een puntensysteem: immigranten met de beste kansen zijn jong, gezond, spreken goed Engels en/of Frans (de beide talen van het land) en hebben een degelijke opleiding en werkervaring. Ze worden geacht waarde toe te voegen aan de economie en krijgen in ruil daarvoor toegang tot de hoge levenskwaliteit die Canada hen voorspiegelt, met onderwijs en gezondheidszorg als belangrijke pijlers. De verse arbeidskracht uit het buitenland is hard nodig, want de Canadese bevolking vergrijst en de economie draait op volle toeren. Het officiële werkloosheidscijfer ligt net boven de 5 procent, wat in economische kringen wordt beschouwd als volledige werkgelegenheid. Economisch opportunisme speelt dus een cruciale rol bij de Canadese gastvrijheid. Dat erkent Charles Makaza, een ambtenaar die de federale regering van politiek advies voorziet, maar volgens hem is dat niet het hele verhaal. Zijn wortels liggen in het Centraal-Afrikaanse land Burundi en hij groeide deels op in Zwitserland, dus hij heeft vergelijkingsmateriaal. 'In Canada zijn goede banen beter bereikbaar voor immigranten dan in Europa. Dat bevordert de integratie', zegt hij tijdens een gesprek in een pub aan een hippe straat in de betrekkelijk kleine hoofdstad Ottawa. Hij ziet in Canada minder discriminatie en racisme dan in veel Europese landen. Makaza: 'In Frankrijk horen immigranten van de derde generatie nog steeds: "Keer terug naar je land!" Hier gebeurt dat nauwelijks. Er is soms wel racisme, maar dergelijke verwensingen hoor je hier niet. Ik voel me hier echt geaccepteerd.' 'Canada staat er in vergelijking met veel Europese landen goed op, ' beaamt historicus Laura Madakoro van de Carleton University in Ottawa, gespecialiseerd in de geschiedenis van vluchtelingen en humanitaire kwesties. Ze roemt het Private Sponsorship of Refugees Program, een initiatief waarin organisaties of groepen van minimaal vijf burgers fondsen kunnen werven om de komst en integratie van een vluchteling te financieren. Sinds de oprichting van dit programma eind jaren zeventig zijn er ruim 200.000 asielzoekers op deze manier welkom geheten in Canada. Religieuze organisaties staan bekend als de belangrijkste private fondsenwervers. 'Toch zijn er ook goede redenen om je zorgen te maken', zegt Madokoro. 'We leven hier natuurlijk niet in een volledig isolement. We zien wat er in Europa gebeurt en de invloed van de VS op Canada is altijd groot geweest.' En dus zijn er ook in Canada langzamerhand tekenen van verzet tegen immigratie en de gevolgen daarvan. Zo geldt er sinds dit voorjaar in de Franstalige provincie Quebec een wettelijk verbod op religieuze uitingen voor ambtenaren met een 'gezagsfunctie', zoals onderwijzers, politieagenten en magistraten. Volgens critici is deze wet vooral gericht tegen moslims, met als voornaamste slachtoffer vrouwen die hun hoofddoek niet willen afdoen. Het dragen van boerka's en nikabs (gezichtsbedekkende kleding) in overheidsgebouwen of openbaar vervoer is in Quebec al langer verboden. Het is niet de enige aanwijzing dat er iets broeit in Canada. Vorige maand gooide een docent sociale geografie aan de Mount Royal University in Calgary een flinke knuppel in het hoenderhok door een pleidooi voor etnische homogeniteit. Mark Hecht schreef in een opiniestuk in The Vancouver Sun dat vertrouwen in de medemens verloren gaat in samenlevingen met diversiteit, wat uiteindelijk ook schadelijk is voor de economie. 'Als we een samenleving willen met hersteld wederzijds vertrouwen, is het een minimumvereiste dat we afscheid nemen van diversiteit, tolerantie en inclusiviteit en beginnen te accepteren dat er een nieuwe basis voor ons immigratiebeleid nodig is', schreef hij. Ook in de politiek kan een dergelijke opvatting langzamerhand op iets meer steun rekenen. Een voormalig kopstuk van de conservatieven, Maxime Bernier, richtte vorig jaar de People's Party of Canada op, een partij die veel standpunten deelt met rechts-populistische partijen in Europa en met Trump. De partij plaatste recentelijk in een aantal steden billboards met de slogan 'Nee tegen massa-immigratie'. Volgens de peilingen is er weliswaar nog geen sprake van een echte doorbraak, maar sommige onderzoeksbureaus verwachten dat de partij meer dan 5 procent van de stemmen kan behalen, wat niet onverdienstelijk zou zijn voor een eerste deelname. Ook Canada kent problemen die al dan niet terecht worden gelieerd aan migratie. In 2014 pleegde de zoon van een Libische immigrant een aanslag op het parlement in Ottawa, waarbij een dode viel. De gewapende aanslagpleger was het parlementsgebouw binnengedrongen en bevond zich dicht bij de premier voordat de politie hem doodde. Verder ligt de werkloosheid onder immigranten iets hoger dan gemiddeld in Canada en verloopt integratie niet altijd even makkelijk, niet in de laatste plaats door de lange, ijskoude winters die grote delen van het land elk jaar doormaken. Sommige Canadezen vinden het bovendien beangstigend dat het aantal 'zichtbare minderheden' in het straatbeeld groeit. 'Ook hier zie je nu angst voor omvolking', zegt Andrey Domise, columnist in Toronto, terwijl hij een slok neemt van zijn latte in een Starbucks tussen de hoge kantoorflats in het stadscentrum. Hij verwijst daarmee naar le grand remplacement, de complottheorie die populair werd gemaakt door de Franse schrijver Renaud Camus: Franse en Europese elites zouden het zelfdestructieve plan hebben opgevat om witte bevolkingen te vervangen door Arabieren en zwarte Afrikanen, waardoor de Franse en Europese beschavingen dreigen te verdwijnen. 'De reputatie van Canada als gastvrij land is onverdiend', vindt Domise, die zelf afstamt van de Maroons, een groep vrijgevochten slaven uit Jamaica. Hij wijst op een recente peiling die stelt dat 40 procent van de Canadezen vindt dat het land te veel immigranten accepteert. 'Als je het slechtste voorbeeld ter wereld als enige buurland hebt en je jezelf redelijk fatsoenlijk gedraagt, ziet dat er algauw heel goed uit', oordeelt hij. Een kleine 1500 kilometer oostwaarts, in Halifax aan de Atlantische Oceaan, spreekt Steve Schwinghamer zelfs van 'de mythe van de Canadese gastvrijheid'. Hij is verbonden aan het immigratiemuseum Pier 21, de voormalige plek waar merendeels Europese immigranten vroeger na een lange overtocht voor het eerst voet aan Canadese wal zetten. Het museum is te vergelijken met het bekendere Ellis Island in New York. Volgens Schwinghamer heeft Canada, net als veel Europese landen, nog een lange weg te gaan om een realistischer beeld te krijgen van het eigen immigratieverleden en de schaduwkanten daarvan. Als voorbeeld noemt hij een petitie die in 1939 door 130.000 mensen werd ondertekend tegen de komst van Joden naar Canada. En het verhaal van grote groepen Chinezen die eind negentiende eeuw naar Canada gelokt werden om een transcontinentale spoorlijn aan te leggen. Die waren bereid zwaar en gevaarlijk werk te verrichten voor een loon dat drie keer lager lag dan dat van andere arbeiders. Toen de spoorlijn eenmaal klaar was, voerde de regering een hoge belasting in om verdere Chinese immigratie te ontmoedigen. 'Sommige Canadezen vinden dat ons land nu geconfronteerd wordt met massa-immigratie, maar ze kennen de geschiedenis niet', zegt hij. 'In 1913 telde het land ruim zeven miljoen inwoners en kwamen er zelfs in absolute aantallen meer migranten naar Canada dan vorig jaar. Onze economie is altijd afhankelijk geweest van nieuwe immigratie.' De mythe van de gastvrijheid is volgens Schwinghamer noodzakelijk omdat Canada te maken heeft met een 'fundamenteel probleem', dat ten grondslag ligt aan de vorming van het land. 'Eigenlijk is dit ons land niet', zegt hij. 'Wij leven op het land van de inheemse Mi'kmaq. Voor veel Canadezen is het verhaal van een gastvrij land dat zich barmhartig opstelt naar buitenlanders een legitimatie voor het verleden.' Economische noodzaak speelt een doorslaggevende rol in de Canadese gastvrijheid, zoveel is duidelijk, waarschijnlijk bijgestaan door een historisch schuldgevoel. Dat neemt niet weg dat het land in vergelijking met andere landen in het Westen een uitzonderingspositie inneemt, met een breedgedragen acceptatie van grootschalige immigratie en een multiculturele samenleving die door velen wordt gekoesterd. Een bezoek aan Canada lijkt soms wel een reis terug naar de jaren negentig in West-Europa, vóór de doorbraak van populistisch rechts. Natuurlijk, net als bij ons toen hoor je hier nu ook klachten over migratie, maar politieke correctheid en optimisme domineren. Grote vraag is of deze benadering uiteindelijk naïef zal blijken te zijn, zoals critici van de multiculturele samenleving betogen, of dat het een duurzaam model is voor Canada. Het begin van een antwoord komt op 21 oktober, wanneer het resultaat van de People's Party of Canada een eerste indicatie zal geven.