Nu de kilte zich van het land meester maakt, zie je dieren samendrommen. De ganzen vliegen in formatie, spreeuwen jagen in wolken over het herfstland, en de uitbundige halsbandparkieten verzamelen bij valavond. Bij de mens is het niet anders. Nu de voorspoedige tijden ten einde lopen, zoeken velen naar de geborgenheid van een groep. Het nationalisme belooft die te bieden: eenheid, identiteit en veiligheid. Maar het nieuwe nationalisme is misleidend. Het dreigt de zwanenzang van het Westen in te luiden.
...

Nu de kilte zich van het land meester maakt, zie je dieren samendrommen. De ganzen vliegen in formatie, spreeuwen jagen in wolken over het herfstland, en de uitbundige halsbandparkieten verzamelen bij valavond. Bij de mens is het niet anders. Nu de voorspoedige tijden ten einde lopen, zoeken velen naar de geborgenheid van een groep. Het nationalisme belooft die te bieden: eenheid, identiteit en veiligheid. Maar het nieuwe nationalisme is misleidend. Het dreigt de zwanenzang van het Westen in te luiden. Waarom? Omdat het nieuwe nationalisme vaak geen patriottisme maar extreem individualisme is, gelegitimeerd door een vlag. Het draait vaak om woede zonder toewijding. Het luidt geen koerswijziging naar een sterkere samenleving in, het zet de versplintering voort die al decennia aan de gang is. Het bestendigt de gebreken van de centrumpolitiek in plaats van er komaf mee te maken. Het herstelt de veiligheid niet maar ontmantelt het veiligheids- apparaat. Het bouwt niet aan beschaving maar propageert respectloosheid. Het staat voor een samenleving die eigenlijk geen offers wil brengen voor een betere toekomst. Daarmee komt stilaan een lange cyclus ten einde. Die begon voor het Westen in de negentiende eeuw, met de periode van de hongerige jaknikker. De staat was het patronaat en het patronaat was de staat. De ontbering was zo groot dat burgers hun waardigheid en vrijheid opofferden, en zich als kanonnenvoer naar het slagveld lieten leiden. Maar er was groei, vooruitgang en beetje bij beetje ook meer inspraak. Door haar controle over de infrastructuur en het kapitaal, kon de industrialiserende staat ook na het algemeen kiesrecht haar legitimiteit behouden en de eenheid bewaren. Op de Tweede Wereldoorlog volgde de fase van de geëmancipeerde middenklasse. Meneer patron verloor zijn macht. De burger had zijn stem, zijn vorming en zijn welvaart. Even leek er een evenwicht te bestaan tussen enerzijds het besef van de kwetsbaarheid van de staat, collectieve verantwoordelijkheidszin, volksopvoeding, solidariteit en een krachtige overheid en anderzijds de persoonlijke ontvoogding: de passie waarmee burgers hun ideeën verdedigden en loskwamen van hun zuilen. Er was spanning, maar die was constructief. De babyboomer werd gaandeweg een rijke opportunist. Hij ging boven zijn stand leven, en politici bedienden hem op zijn wenken. De overheidsschuld groeide. Vitale economische belangen, veiligheid en kostbare kernwaarden werden verwaarloosd. Centrumpartijen maakten van de staat een inerte bureaucratie boven op een vluchtige diensteneconomie. Politieke waardigheid werd zeldzaam. Sociaaldemocraten bedienden het grootkapitaal. Liberalen bakten zoete broodjes met dictaturen. Conservatieven verhieven consumentisme tot burgerplicht. In zijn zelfgeschapen wildernis van gadgets, reclame en procedures wordt de burger nu opnieuw hongerig. Hongerig naar respect, zekerheid en identiteit. Maar de nederigheid van weleer heeft vaak plaatsgemaakt voor zelfgenoegzaamheid. De boze burger wil geen emancipatie, hij wil agitatie. En die krijgt hij. Politici die elk jaar royale vergoedingen van de staat opstrijken, hebben de aanval tegen de staat ingezet. Tegen centraal gezag, tegen mondmaskers, tegen corona-apps. Het nieuwe nationalisme stopt het verval van het Westen niet, het zet dat verval voort. Waartoe kan dat leiden? Het trumpisme geeft ons een aanwijzing, maar vergeleken met de Verenigde Staten zal Europa harder afgestraft worden door zijn geopolitieke omgeving. Onze welvaart, onze militaire macht, onze doeltreffende staten en een zekere mate van stabiliteit binnen onze grenzen hebben ons de voorbije decennia enigszins gescheiden van de chaos om ons heen. Maar in het spoor van het nieuwe nationalisme laten we het terrein buiten de grenzen aan rivalen over, trekt de burger zich terug in zijn eigen bunkertje, en houdt her en der een knokploeg de wacht. Europa, dat zijn vandaag een half miljard rijke rusteloze primitievelingen tussen drie miljard arme rusteloze primitievelingen. Misschien klinkt dit allemaal wat stellig, maar ik denk wel dat ik weet welke van beide groepen de komende eeuw het onderspit zal delven.