Wie Londen bezoekt, zou eens een uurtje moeten uittrekken om tegenover het station St Pancras de British Library te bezoeken. Je stapt van de Eurostar en vijf minuten later sta je manuscripten van Charles Darwin te bewonderen, werken van Shakespeare en twee versies van de Magna Charta, de oorkonde die de grondslag van de Engelse staatsinrichting bevat. Het is alsof al die documenten in de schatkamer van de bibliotheek het uitschreeuwen: 'Het Verenigd Koninkrijk maakt deel uit van Europa, brexit of geen brexit!' Ook al was de relatie tussen de archipel en het continent immer gespannen, het VK blijft een onmisbaar deel van de Europese cultuur en van onze politieke identiteit. Zelfs frictie en wedijver hebben bijgedragen tot wie wij Europeanen vandaag zijn.
...

Wie Londen bezoekt, zou eens een uurtje moeten uittrekken om tegenover het station St Pancras de British Library te bezoeken. Je stapt van de Eurostar en vijf minuten later sta je manuscripten van Charles Darwin te bewonderen, werken van Shakespeare en twee versies van de Magna Charta, de oorkonde die de grondslag van de Engelse staatsinrichting bevat. Het is alsof al die documenten in de schatkamer van de bibliotheek het uitschreeuwen: 'Het Verenigd Koninkrijk maakt deel uit van Europa, brexit of geen brexit!' Ook al was de relatie tussen de archipel en het continent immer gespannen, het VK blijft een onmisbaar deel van de Europese cultuur en van onze politieke identiteit. Zelfs frictie en wedijver hebben bijgedragen tot wie wij Europeanen vandaag zijn. De brexit is in dat opzicht doodzonde. Toch meen ik dat later, als we met het voordeel van historische afstand op de huidige situatie zullen terugblikken, de politieke bochten en buitelingen, de nachtelijke onderhandelingen en de dramatische aanvaringen in Westminster Abbey niet meer dan rimpelingen aan het oppervlak zullen blijken. De oorzaak is een krachtige onderstroom waarop we vandaag minder acht slaan: de gestage verzwakking van het VK. De brexit zal een contraproductieve poging van de natie blijken om in het reine te komen met haar aftakeling. Een manier om de verantwoordelijkheid ervan af te schuiven op bureaucraten in Brussel. De twintigste eeuw was voor de Britten één lange afdaling van het hoogtepunt als wereldrijk naar de huidige realiteit van een tweederangsmogendheid. Hier en daar waren er opflakkeringen, zoals onder het leiderschap van Winston Churchill tijdens de Tweede Wereldoorlog. Maar zoals de historicus William Manchester het zo mooi verwoorde bij Churchills begrafenis in 1965: 'De Britten rouwden, niet alleen om hem en wat hij betekend had, maar om alles wat zijzelf ooit waren - en nooit meer zouden zijn.' Heerste Londen ooit over een kwart van de wereldbevolking, dan zijn het vandaag Indiase multinationals die Britse bedrijven komen kopen en Chinese investeerders die er de overheid op de knieën krijgen. 'Wereldrijken sterven meestal langzaam', schreef de Britse historicus Arnold Toynbee ooit. En daarmee is meer gemoeid dan status en macht: de verzwakking manifesteert zich ook in het dagelijkse leven. De koopkracht van de Britten ligt nog altijd lager dan tien jaar geleden. Hun infrastructuur is zichtbaar verouderd. Publieke diensten worden afgebouwd. Het consumentenvertrouwen blijft laag. Die economische terugslag stond in de sterren geschreven: al sinds de jaren zestig blijft de productiviteit van de Britse economie achter. De laatste twintig jaar stagneerde de productie van de maakindustrie compleet, terwijl de gezinnen meer en meer bleven consumeren. Het land werkte zich in de schulden in het buitenland. Vroeg of laat wordt een aanpassingscrisis dan onvermijdelijk. Vaak neemt die de vorm aan van een soort protectionisme, en net dat is de essentie van de brexit. De vraag is nu: hebben de Britten met de brexit de bodem bereikt? Ze zouden er de komende jaren voor kunnen kiezen om hun munt, lonen en belastingdruk nog meer naar beneden te duwen. Om meer in te zetten op investeringen en innovatie in plaats van op consumptie. Daardoor zouden ze langzaam uit het dal kunnen klimmen. Maar zulke soberheid is pijnlijk en biedt niet altijd garantie op herstel. De kans is groter dat de Britten de situatie nog moeilijker zullen maken, onder meer door nog meer op de knieën te gaan om geld op te halen uit pakweg China of de Verenigde Staten. Het kan dus nog veel erger voor de Britten, die nu al vinden dat ze door het stof moeten voor de andere Europese landen. De rollen zijn stilaan omgedraaid: terwijl de Amerikanen lang respectvol omgingen met hun belangrijkste bondgenoot, leggen ze nu ronduit arrogant hun voorwaarden op om handel te drijven. Landen die het VK vorige eeuw nog domineerde zien de Britten nu als aangeschoten wild. Die evolutie hoeft het Europese vasteland heus niet tot leedvermaak aan te zetten. Een verzwakt VK, binnen of buiten de Unie, zal ook ons verzwakken. Militair, politiek, economisch. Maar vooral als samenleving en beschaving.