De ngo heeft het over een ontwortelde generatie, de kinderen die door de oorlog gedwongen werden om te vluchten in eigen land of naar het buitenland. 'Deze oorlog heeft aan de kinderen hun jeugd ontnomen', klaagt Jeremy Stoner, directeur voor Save the Children in het Midden-Oosten, aan.

De Syrische oorlog startte bijna tien jaar geleden.Volgende week, op 15 maart, is het exact tien jaar geleden dat manifestaties tegen het regime van Bashar al-Assad gewelddadig werden onderdrukt. Het kwam tot een burgeroorlog, waarbij ook buitenlandse grootmachten zich bemoeiden. De oorlog kostte al minstens aan 387.000 mensen het leven en joeg miljoenen bewoners op de vlucht. Grote delen van het land zijn compleet verwoest.

'Door de duur van het conflict neemt de angst en het pessimisme over de mogelijkheid om hun leven in Syrië op te bouwen, toe bij jongeren', aldus Stoner.

Afwijzing alom

Zijn ngo ondervroeg tussen november en december 1900 kinderen in Syrië, Jordanië, Libanon, Turkije en in Nederland.

Gemiddeld zei 86 procent van hen dat ze niet naar hun land van oorsprong willen terugkeren. In Turkije wilde slechts drie procent van de ondervraagde vluchtelingenkinderen terugkeren naar Syrië, in Jordanië en Nederland negen procent en in Libanon 29 procent.

De kinderen willen niet meer naar Syrië, maar voelen zich ook in hun nieuwe thuisland niet welkom. De jonge vluchtelinge Nada getuigt over het feit dat haar op school in Libanon duidelijk wordt gemaakt dat ze niet welkom is.

Bij de kinderen die in Syrië zelf op de vlucht zijn, zijn de cijfers iets minder afwijzend. Daar zegt één op drie in een ander land te willen leven.

Meer dan 8,5 miljoen Syrische kinderen zijn volgens de Verenigde Naties afhankelijk van internationale hulp. Zo'n 60 procent heeft niet voldoende toegang tot voedsel, en meer dan de helft geniet geen onderwijs, aldus de VN. Bij de 5,6 miljoen Syrische kinderen in het buitenland, is meer dan één miljoen geboren in het buitenland en dus nooit in Syrië geweest.

De ngo heeft het over een ontwortelde generatie, de kinderen die door de oorlog gedwongen werden om te vluchten in eigen land of naar het buitenland. 'Deze oorlog heeft aan de kinderen hun jeugd ontnomen', klaagt Jeremy Stoner, directeur voor Save the Children in het Midden-Oosten, aan. De Syrische oorlog startte bijna tien jaar geleden.Volgende week, op 15 maart, is het exact tien jaar geleden dat manifestaties tegen het regime van Bashar al-Assad gewelddadig werden onderdrukt. Het kwam tot een burgeroorlog, waarbij ook buitenlandse grootmachten zich bemoeiden. De oorlog kostte al minstens aan 387.000 mensen het leven en joeg miljoenen bewoners op de vlucht. Grote delen van het land zijn compleet verwoest. 'Door de duur van het conflict neemt de angst en het pessimisme over de mogelijkheid om hun leven in Syrië op te bouwen, toe bij jongeren', aldus Stoner. Zijn ngo ondervroeg tussen november en december 1900 kinderen in Syrië, Jordanië, Libanon, Turkije en in Nederland. Gemiddeld zei 86 procent van hen dat ze niet naar hun land van oorsprong willen terugkeren. In Turkije wilde slechts drie procent van de ondervraagde vluchtelingenkinderen terugkeren naar Syrië, in Jordanië en Nederland negen procent en in Libanon 29 procent.De kinderen willen niet meer naar Syrië, maar voelen zich ook in hun nieuwe thuisland niet welkom. De jonge vluchtelinge Nada getuigt over het feit dat haar op school in Libanon duidelijk wordt gemaakt dat ze niet welkom is. Bij de kinderen die in Syrië zelf op de vlucht zijn, zijn de cijfers iets minder afwijzend. Daar zegt één op drie in een ander land te willen leven. Meer dan 8,5 miljoen Syrische kinderen zijn volgens de Verenigde Naties afhankelijk van internationale hulp. Zo'n 60 procent heeft niet voldoende toegang tot voedsel, en meer dan de helft geniet geen onderwijs, aldus de VN. Bij de 5,6 miljoen Syrische kinderen in het buitenland, is meer dan één miljoen geboren in het buitenland en dus nooit in Syrië geweest.