'Het was dit of nieuwe verkiezingen uitschrijven', zegt Christophe Barbier aan de telefoon over het grote nationale debat dat president Macron vorige week heeft gelanceerd. Volgens de gewezen directeur van het nieuwsmagazine L'Express 'moest Macron terug naar het Franse volk en dan lijkt dit voor hem de politiek minst riskante manier'.
...

'Het was dit of nieuwe verkiezingen uitschrijven', zegt Christophe Barbier aan de telefoon over het grote nationale debat dat president Macron vorige week heeft gelanceerd. Volgens de gewezen directeur van het nieuwsmagazine L'Express 'moest Macron terug naar het Franse volk en dan lijkt dit voor hem de politiek minst riskante manier'. Tot 15 maart worden alle Fransen uitgenodigd om voorstellen te doen voor de toekomst van Frankrijk: online, schriftelijk - in de klachtenboeken die de burgemeesters aanleggen - of tijdens debatten overal te lande.In een lange brief heeft Macron de Fransen gevraagd om mee te praten over vier grote thema's die volgens hem raken 'aan de grootste zorgen van de bevolking': belastingen en overheidsuitgaven, de organisatie van de staat en openbare diensten, de ecologische transitie, en burgerschap en democratie. De ideeën die komen bovendrijven, moeten leiden tot nieuw beleid en de gelehesjesstorm die sinds half november door Frankrijk raast tot bedaren brengen. Deze knieval, waarmee Macron naar eigen zeggen de woede van de Fransen in oplossingen wil veranderen, komt er nadat eerdere koopkrachtversterkende maatregelen ten bedrage van 12 miljard euro niet hadden volstaan om de protesten van de gele hesjes te smoren. Ondanks gewelddadige ontsporingen tijdens sommige manifestaties steunde half januari nog altijd 60 procent van de Fransen de gele hesjes. Er is ook groeiende verontwaardiging over het buitensporige politiegeweld, waardoor al een tiental betogers een oog of een hand heeft verloren. President Macron wist zich lange tijd geen raad met het onuitgegeven sociaal protest dat twee maanden geleden spontaan de kop opstak. De regering verklaarde zelfs te vrezen dat het Frankrijk op de rand van een burgeroorlog zou brengen. Het nationale debat is een ultieme poging om Macrons presidentschap te redden én de sociale vrede te herstellen. Maar velen vragen zich af of dat laatste in het huidige klimaat mogelijk is. De scepsis jegens de demarche van Macron is in elk geval huizenhoog. Vele gele hesjes zien het grote nationale debat als slecht afleidingstheater, bedoeld om de beweging in slaap te sussen. Bovendien mag ook niet alles worden besproken. Migratie is op de valreep aan de debatthema's toegevoegd, maar de ISF ( Impôt sur la Fortune), de vermogensbelasting voor de rijken die Macron grotendeels afschafte, dan weer niet. De herinvoering daarvan zou volgens de president 'de situatie van niet één hesje verbeteren.' 'En toch denk ik dat het grote nationale debat succesvol kan zijn', zegt Christophe Barbier. 'Althans in de zin dat veel Fransen de debatten zullen bijwonen. Kijk naar de website van het nationale debat: daarop staan nu al meer dan 200 geplande bijeenkomsten. Dat is ook typisch Frans: Fransen praten altijd en overal over politiek en zijn dol op hun mening geven. Zelfs de politieke partijen die eerst niets van het nationale debat wilden weten, zoals het Rassemblement National van Marine Le Pen, gaan nu een bijdrage leveren. De eerste grote meeting van president Macron met de burgemeesters, die een sleutelrol krijgen in het debat, was bovendien geslaagd. Zo heeft hij de touwtjes toch weer wat in handen genomen.' Maar deze 'eerste fase' van het nationale debat, zoals Barbier ze noemt, wordt volgens hem ook de makkelijkste. Daarna moet een selectie worden gemaakt van betaalbare voorstellen die een meerderheid van de Fransen kunnen aanspreken. 'Voorlopig schiet het nog alle kanten uit: het verlagen van de btw op noodzakelijke levensmiddelen, het afschaffen van een recent ingevoerde snelheidsbeperking, gratis geneesmiddelen en gratis openbaar vervoer.' Vervolgens moeten die ideeën van het Franse volk ook nog worden vertaald in nieuwe wetten. 'Mogelijk zullen over sommige voorstellen referenda worden georganiseerd,' vervolgt Barbier, 'bijvoorbeeld op het moment van de Europese verkiezingen in mei. Macron kan de Fransen dan vragen om over hun eigen ideeën te stemmen. Een handige zet, die in principe gunstig zou moeten uitpakken voor de president.' In de analyses van de grootste Franse protestbeweging sinds mei 1968 keren sommige elementen steeds terug. Zo wordt vaak verwezen naar het pionierswerk van geograaf Christophe Guilluy, die tien jaar geleden het begrip 'La France périphérique' muntte - het perifere Frankrijk - om te verwijzen naar de Fransen die ver weg van de grote steden wonen, in dorpen en slaapsteden met slecht openbaar vervoer en dito internetverbindingen, waar de publieke diensten zijn afgebouwd en er nauwelijks nog winkels zijn. In tegenstelling tot het Frankrijk van de grote steden, met zijn hogesnelheidstreinen, zijn luchthavens en zijn performante internet. Het gaat om de categorie Fransen die economisch achterblijven en niet de vruchten van de mondialisering plukken. Een lagere blanke middenklasse die zowel geografisch als sociaal gemarginaliseerd is, die zich het slachtoffer voelt van cultureel misprijzen door de stedelijke elite en die zich steeds meer van de politiek afkeert. En het doet er niet toe dat Frankrijk in internationale vergelijkingen naar voren komt als een van de meest egalitaire en herverdelende landen in Europa. Op grond van OESO-cijfers kopte The Economist vorige week dat Frankrijk meer van rijk naar arm herverdeelt dan Zweden. Vandaar ook dat de belastingdruk en de publieke uitgaven in Frankrijk hoger zijn dan in welk Europees land ook. Toch gewagen waarnemers van een nieuwe klassenstrijd in Frankrijk, omdat grote groepen Fransen het bestaande belastingstelsel als fundamenteel oneerlijk ervaren, geen fiducie meer hebben in 'het systeem,' dat alleen voor de rijken zou werken, en niet langer in sociale vooruitgang geloven. Sociologen van de universiteit van Bordeaux hebben geprobeerd de uiterst diverse beweging van de gele hesjes in kaart te brengen. Ze zagen dat een geel hesje gemiddeld 45 jaar oud is, aan het werk en mannelijk, hoewel ook opvallend veel vrouwen aan de protesten deelnemen en ze ook veel meer zichtbaar zijn dan in gestructureerde sociale bewegingen, waar mannen meestal de lakens uitdelen. De meeste hesjes bleken lid van de arbeidersklasse of de lagere middenklasse, met een mediaan inkomen van 1700 euro netto per maand voor een gezin. 'Ze verdienen te veel om te worden geholpen en te weinig om goed te kunnen leven', aldus de onderzoekers. De hesjes delen een groot wantrouwen tegenover de politici en de instellingen. Opinieonderzoek laat ook zien dat er in de Franse bevolking een sterke correlatie is tussen politiek wantrouwen en steun aan de hesjes. Ook de media - journalisten worden in manifestaties door gele hesjes tegen de grond geslagen en krijgen doodsbedreigingen - worden overigens tot de verafschuwde elite gerekend. Het wijdverbreide politieke wantrouwen onder de hesjes uit zich in de vraag naar meer directe democratie. 'Donner la parole au peuple', het woord aan het volk geven, is een veelgehoorde eis op de laatste manifestaties van gele hesjes. De gele hesjes zijn volgens de sociologen uit Bordeaux doorgaans ook geen lid van een vakbond, door wie ze zich niet vertegenwoordigd voelen. Vaak is het de allereerste keer dat ze aan sociaal protest deelnemen. Ze kunnen het zich financieel meestal niet veroorloven om te staken, vandaar het succes van actiemiddelen als in het weekend rotondes en péages blokkeren en stadscentra bezetten. Wat begon als protest tegen hoge brandstofprijzen is intussen uitgegroeid tot een brede strijd voor hogere lonen, meer koopkracht, eerlijke belastingen en een burgerreferendum, het zogenoemde RIC ( référendum d'intiative citoyenne), dat burgers met een voldoende aantal handtekeningen zouden kunnen afdwingen. Een van de zaken die de gele hesjes graag en wel meteen per burgerreferendum aan de Fransen zouden voorleggen, is het ontslag van Emmanuel Macron. De Franse president wordt verregaande arrogantie, doofheid en koppigheid verweten, en een wereldvreemde monarch of zelfs een dictator genoemd. Op sociale media is er sprake van regelrechte haat jegens Emmanuel Macron en zijn vrouw. 'Het is pijnlijk ironisch', analyseert politiek commentator Christophe Barbier. 'Twee jaar geleden heeft Macron de verkiezingen gewonnen juist omdat hij zo elitair is. Deze kerel is echt superslim, vonden de Fransen, dit is de allerbeste van de klas, we geven hem een kans. Ze hebben hem verkozen omdat hij de elite was, en nu straffen ze hem daarom. Want intussen vinden de meeste Fransen dat Macron is mislukt en dat hij zich alleen heeft ingespannen voor degenen die het al goed hebben in Frankrijk.' Niet onterecht, vindt ook Barbier. 'De gele hesjes hebben geen ongelijk. Macron dacht dat hij, door de meest dynamische krachten in de samenleving te helpen, economische groei zou creëren en dat iedereen daarvan zou profiteren. Maar dat is om verschillende redenen niet of nog niet gebeurd.' De eisen van de gele hesjes, aldus de talrijke Franse politicologen die zich erover buigen, liggen vaak dicht bij radicaal links, zijn compatibel met extreemrechts, maar staan mijlenver van het liberale programma van president Macron. Het is dus zeer de vraag of de president de gele hesjes met zijn beleid, zelfs in aangepaste vorm, zal kunnen verzoenen. Opmerkelijk is ook hoe bij de gele hesjes de uitersten van het politieke spectrum voor het eerst onder één vlag opereren. 'Iemand als Eric Drouet, de vrachtwagenchauffeur die een van de vedettes van de beweging is geworden, is heel duidelijk van de strekking-Mélenchon, radicaal links', vertelt Barbier. 'Maar dan heb je die andere vedette, Maxime Nicolle, alias 'Fly Ryder' op de sociale media, die ronduit antisemitische uitspraken doet die thuishoren bij identitair rechts. Die twee vormen samen het uithangbord van de beweging. De politie getuigt ook dat tijdens de manifestaties voor het eerst extreemlinkse en extreemrechtse relschoppers zij aan zij staan.' Onder de gele hesjes zijn er dan weer weinig mensen met een migratieachtergrond uit de Franse voorsteden. En dat mag niet verbazen, vindt Barbier: 'Voor de inwoners van de banlieue zijn de gele hesjes typische beaufs, vulgaire, domme en bekrompen witte Fransen. Het Frankrijk van die gele hesjes zou op Donald Trump stemmen als hij hier kandidaat was, op voorwaarde dat Trump arm was, want in tegenstelling tot de Amerikanen houden de Fransen niet van miljardairs.' Intussen blijkt dat van alle oppositiepartijen alleen het Rassemblement National van Marine Le Pen in de peilingen op een soort gelehesjesbonus mag rekenen. De gele hesjes blijven ook na tien zaterdagen met succes mobiliseren, maar er komt nu toch tegenwind. Handelaren en winkeliers in de steden, die hun omzet sinds het begin van de gele woede spectaculair hebben zien dalen, hebben er stilaan de buik van vol. President Macron speculeert erop dat ook de algemene bijval bij de Franse bevolking voor de hesjes door de uitgestoken hand zal uitdoven. 'Op dit moment zijn Macron en zijn grote nationale debat aan de ene kant en de gele hesjes aan de andere kant met elkaar aan het wedijveren', besluit Barbier. 'Er is een soort competitie om de legitimiteit gaande: wie is het populairst? Wie trekt het meeste volk? Maar interessant is toch dat er ook een paar grote debatten door gele hesjes zelf worden georganiseerd. De gematigden vinden dat het tijd is om met constructieve ideeën te komen. De meest radicale en gewelddadige hesjes willen natuurlijk blijven manifesteren. Die willen alleen maar dingen kapotmaken en hebben geen ideeën, of alleen extreemlinkse of extreemrechtse ideeën waarvoor je in Frankrijk nooit een meerderheid vindt. Maar het kan nog alle kanten uit voor Macron, denk ik. Dat zie je ook in de peilingen, waar hij zijn achterstand op Marine Le Pen intussen heeft ingelopen.'