De aanklager, Hagar Lachiri, was samen met enkele andere leden van haar familie burgerlijke partij op een rechtszaak rond de moord op haar broer. In juni 2007, 'de dag van de hoorzitting voor de kamer van inbeschuldigingstelling, informeerde de gerechtsbode Lachiri op vraag van de voorzitter dat ze de hoorzitting niet mocht bijwonen als ze haar hoofddoek aanhield', aldus het EHRM.

Lachiri weigerde haar hoofddoek af te doen en mocht dus niet in het publiek gaan zitten. In december 2008 stapte ze naar het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. 'Het Hof oordeelt dat de uitsluiting van de vrouw - een gewone burger, die de staat niet vertegenwoordigt - een beperking is van de uiting van haar geloofsovertuiging', stelt het Hof in een persmededeling.

Als de voorzitter toen de uitsluiting overwoog 'om de openbare orde te verzekeren', oordeelden de rechters in Straatsburg dat deze vrouw 'zich niet respectloos had gedragen toen ze de zaal betrad of geen bedreiging vormde voor het goede verloop van de hoorzitting'.

De aanklager, Hagar Lachiri, was samen met enkele andere leden van haar familie burgerlijke partij op een rechtszaak rond de moord op haar broer. In juni 2007, 'de dag van de hoorzitting voor de kamer van inbeschuldigingstelling, informeerde de gerechtsbode Lachiri op vraag van de voorzitter dat ze de hoorzitting niet mocht bijwonen als ze haar hoofddoek aanhield', aldus het EHRM. Lachiri weigerde haar hoofddoek af te doen en mocht dus niet in het publiek gaan zitten. In december 2008 stapte ze naar het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. 'Het Hof oordeelt dat de uitsluiting van de vrouw - een gewone burger, die de staat niet vertegenwoordigt - een beperking is van de uiting van haar geloofsovertuiging', stelt het Hof in een persmededeling. Als de voorzitter toen de uitsluiting overwoog 'om de openbare orde te verzekeren', oordeelden de rechters in Straatsburg dat deze vrouw 'zich niet respectloos had gedragen toen ze de zaal betrad of geen bedreiging vormde voor het goede verloop van de hoorzitting'.