Heel wat domeinen van ons dagelijkse leven, meer dan we vaak denken, houden verband met beslissingen die op Europees vlak worden genomen. Dit jaar, om precies te zijn op 25 maart, vieren we de 60ste verjaardag van het Verdrag van Rome of de geboorte van de Europese Unie. Op dat moment maakt de Europese Commissie de Europese Pijler voor Sociale Rechten bekend in een gezamenlijke verklaring van alle Europese instellingen en sociale partners. Het idee voor de 'Sociale Pijler' groeide vanuit de vraag of onze bestaande Europese sociale rechten nog aansluiten bij de realiteit van de 21ste eeuw. Verschillende gebeurtenissen en trends hebben deze realiteit veranderd en doen dat nog steeds: effecten van de financiële crisis, globalisering, vergrijzing, digitalisering, etc.

De Sociale Pijler heeft enkel een kans op slagen als hij flexibel genoeg is om op de voortdurende trends in te kunnen spelen.

De Sociale Pijler moet een referentiekader zijn voor de lidstaten waarmee ze hun sociaal beleid en werkgelegenheidsbeleid onderling kunnen vergelijken. Het referentiekader moet hen ook stimuleren om hervormingen door te voeren. De Pijler omvat twintig principes rond drie thema's: toegang tot de arbeidsmarkt, arbeidsvoorwaarden en sociale bescherming.

In 2016 werd de mening van het brede publiek bevraagd over deze principes in een online consultatie. De Gezinsbond deed hieraan mee en beoordeelde ze kritisch vanuit een gezinsvriendelijk perspectief: wat betekenen deze principes voor de gezinnen hier in Vlaanderen? Welke impact heeft een voorgestelde maatregel op het dagelijkse leven van gezinnen? En houden ze voldoende rekening met iedereen in de samenleving zodat er geen groepen uitgesloten worden? We lichten er de thema's combinatie werk en gezin, mantelzorg, onderwijs en digitalisering uit, omdat die ons het allermeest aan het hart liggen.

Combinatie werk en (mantel)zorg

Dat de Europese Commissie het evenwicht tussen werk en privé belangrijk vindt, bleek al uit eerdere initiatieven. De vraag is echter of de aandacht hiervoor niet zal minderen door het tussen de negentien andere principes te plaatsen. De Gezinsbond wil in ieder geval meer moederschapsrust (6 maanden), een langer geboorteverlof en betere verlofregelingen met sociale bescherming voor mensen in een niet stabiele werksituatie en voor zelfstandigen. In de sociale dialoog moet de combinatie werk-privé een verplicht onderdeel worden.

Wij vragen ook extra aandacht voor de precaire situatie van jonge (minderjarige) mantelzorgers.

Ook kinderopvang is een belangrijk element in een betere combinatie van werk en gezin. Wij pleiten voor een behoeftedekkend, betaalbaar, toegankelijk en kwaliteitsvol aanbod zowel voor de voorschoolse als de schoolse leeftijd.

Daarnaast zorgen heel wat gezinnen, deeltijds of voltijds, voor een naaste die bovennormale zorg nodig heeft. Als ze daarbij ook uit werken gaan, moeten ze beroep kunnen doen op opvang voor afhankelijke familieleden. Ook daar zijn betaalbaarheid en kwaliteit een absolute voorwaarde. Mantelzorg moet voor ons duidelijk erkend en gehonoreerd worden als officiële zorgvorm. Zo moet bij het berekenen van het pensioen ook rekening worden gehouden met de periodes waarin mantelzorg wordt verleend. Wij vragen ook extra aandacht voor de precaire situatie van jonge (minderjarige) mantelzorgers. Erkenning en ondersteuning zijn nodig om hun toekomst te vrijwaren.

Onderwijs

De Europese Commissie wil dat ieder van ons zijn leven lang toegang heeft tot kwaliteitsvol onderwijs en opleiding en dat laaggeschoolde jongeren en beroepsactieve volwassenen aangemoedigd worden om zich bij te scholen. Wij pleiten voor een geïntegreerde aanpak om uitval in het onderwijs tegen te gaan: het wegwerken van financiële drempels (via gratis leerplicht- en betaalbaar hoger onderwijs) en van sociale drempels (via zorgzame scholen met oog voor diversiteit en gelijke kansen, betrekken van ook de minder 'sterke' ouders, toegankelijke huistaakbegeleiding ...). Brede scholen - scholen waar verschillende activiteiten doorgaan, ook buiten de schooluren - zijn een goede piste. Ze kunnen de ontwikkeling van kinderen in de brede zin verbeteren en bruggen slaan naar het thuismilieu.

Belga
© Belga

Om de digitale vaardigheden van jongeren te versterken, ook naar de toekomst toe, moeten het basis- en secundair onderwijs leerlingen beter klaarstomen. Ook moeten ze leren omgaan met de risico's van de online wereld: onveilige websites, cyberpesten, verdoken reclame, zich kwetsbaar opstellen via sociale media... Mediawijs worden dus. Vanaf het secundair onderwijs moeten ook financiële vaardigheden (o.a. online bankieren) aan bod komen. De Gezinsbond is zelf ook zeer actief op deze terreinen.

Digitalisering

Getty Images/iStockphoto
© Getty Images/iStockphoto

Digitalisering brengt nieuwe tewerkstellingsmogelijkheden met zich mee, zoals nieuwe werkvormen of diensten die de economie en de werkgelegenheid stimuleren. Toch moeten wij ook oog hebben voor de risico's van deze trend. Zo kunnen nieuwe relaties tussen werkgever en werknemer soms onduidelijk zijn en leiden tot minder sociale bescherming. Wij vragen dat de Europese Commissie voldoende oog heeft voor de bescherming van de werknemer in deze nieuwe vormen van werk, zowel op vlak van arbeidsrecht als op vlak van welzijn en preventie.

Ook is er bij de verdere digitalisering van diensten en uitkeringen waakzaamheid nodig om te verzekeren dat kwetsbare personen nog 'mee' zijn. Door de digitalisering riskeren kwetsbare personen het immers nog moeilijker te hebben om hun rechten en voordelen op te vragen.

Concreet en flexibel

De Sociale Pijler heeft in ieder geval enkel een kans op slagen als hij duidelijke en concrete maatregelen bevat en als hij flexibel genoeg is om op de voortdurende trends in te kunnen spelen. De huidige evolutie van de digitalisering bijvoorbeeld gebeurt met een nooit eerder geziene snelheid, waardoor onze samenleving en onze wereld van werken er op zeer korte termijn anders zullen uitzien. Kan de Pijler deze transformaties voldoende inschatten en omvatten?

Veel kwesties waarover Europa, midden in een woelige context waarin openlijk haar meerwaarde wordt in vraag gesteld, de komende maanden een heldere positie zal moeten nemen.

Fatima Yassir, Gezinsbond

Heel wat domeinen van ons dagelijkse leven, meer dan we vaak denken, houden verband met beslissingen die op Europees vlak worden genomen. Dit jaar, om precies te zijn op 25 maart, vieren we de 60ste verjaardag van het Verdrag van Rome of de geboorte van de Europese Unie. Op dat moment maakt de Europese Commissie de Europese Pijler voor Sociale Rechten bekend in een gezamenlijke verklaring van alle Europese instellingen en sociale partners. Het idee voor de 'Sociale Pijler' groeide vanuit de vraag of onze bestaande Europese sociale rechten nog aansluiten bij de realiteit van de 21ste eeuw. Verschillende gebeurtenissen en trends hebben deze realiteit veranderd en doen dat nog steeds: effecten van de financiële crisis, globalisering, vergrijzing, digitalisering, etc.De Sociale Pijler moet een referentiekader zijn voor de lidstaten waarmee ze hun sociaal beleid en werkgelegenheidsbeleid onderling kunnen vergelijken. Het referentiekader moet hen ook stimuleren om hervormingen door te voeren. De Pijler omvat twintig principes rond drie thema's: toegang tot de arbeidsmarkt, arbeidsvoorwaarden en sociale bescherming. In 2016 werd de mening van het brede publiek bevraagd over deze principes in een online consultatie. De Gezinsbond deed hieraan mee en beoordeelde ze kritisch vanuit een gezinsvriendelijk perspectief: wat betekenen deze principes voor de gezinnen hier in Vlaanderen? Welke impact heeft een voorgestelde maatregel op het dagelijkse leven van gezinnen? En houden ze voldoende rekening met iedereen in de samenleving zodat er geen groepen uitgesloten worden? We lichten er de thema's combinatie werk en gezin, mantelzorg, onderwijs en digitalisering uit, omdat die ons het allermeest aan het hart liggen. Dat de Europese Commissie het evenwicht tussen werk en privé belangrijk vindt, bleek al uit eerdere initiatieven. De vraag is echter of de aandacht hiervoor niet zal minderen door het tussen de negentien andere principes te plaatsen. De Gezinsbond wil in ieder geval meer moederschapsrust (6 maanden), een langer geboorteverlof en betere verlofregelingen met sociale bescherming voor mensen in een niet stabiele werksituatie en voor zelfstandigen. In de sociale dialoog moet de combinatie werk-privé een verplicht onderdeel worden. Ook kinderopvang is een belangrijk element in een betere combinatie van werk en gezin. Wij pleiten voor een behoeftedekkend, betaalbaar, toegankelijk en kwaliteitsvol aanbod zowel voor de voorschoolse als de schoolse leeftijd. Daarnaast zorgen heel wat gezinnen, deeltijds of voltijds, voor een naaste die bovennormale zorg nodig heeft. Als ze daarbij ook uit werken gaan, moeten ze beroep kunnen doen op opvang voor afhankelijke familieleden. Ook daar zijn betaalbaarheid en kwaliteit een absolute voorwaarde. Mantelzorg moet voor ons duidelijk erkend en gehonoreerd worden als officiële zorgvorm. Zo moet bij het berekenen van het pensioen ook rekening worden gehouden met de periodes waarin mantelzorg wordt verleend. Wij vragen ook extra aandacht voor de precaire situatie van jonge (minderjarige) mantelzorgers. Erkenning en ondersteuning zijn nodig om hun toekomst te vrijwaren.De Europese Commissie wil dat ieder van ons zijn leven lang toegang heeft tot kwaliteitsvol onderwijs en opleiding en dat laaggeschoolde jongeren en beroepsactieve volwassenen aangemoedigd worden om zich bij te scholen. Wij pleiten voor een geïntegreerde aanpak om uitval in het onderwijs tegen te gaan: het wegwerken van financiële drempels (via gratis leerplicht- en betaalbaar hoger onderwijs) en van sociale drempels (via zorgzame scholen met oog voor diversiteit en gelijke kansen, betrekken van ook de minder 'sterke' ouders, toegankelijke huistaakbegeleiding ...). Brede scholen - scholen waar verschillende activiteiten doorgaan, ook buiten de schooluren - zijn een goede piste. Ze kunnen de ontwikkeling van kinderen in de brede zin verbeteren en bruggen slaan naar het thuismilieu. Om de digitale vaardigheden van jongeren te versterken, ook naar de toekomst toe, moeten het basis- en secundair onderwijs leerlingen beter klaarstomen. Ook moeten ze leren omgaan met de risico's van de online wereld: onveilige websites, cyberpesten, verdoken reclame, zich kwetsbaar opstellen via sociale media... Mediawijs worden dus. Vanaf het secundair onderwijs moeten ook financiële vaardigheden (o.a. online bankieren) aan bod komen. De Gezinsbond is zelf ook zeer actief op deze terreinen.Digitalisering brengt nieuwe tewerkstellingsmogelijkheden met zich mee, zoals nieuwe werkvormen of diensten die de economie en de werkgelegenheid stimuleren. Toch moeten wij ook oog hebben voor de risico's van deze trend. Zo kunnen nieuwe relaties tussen werkgever en werknemer soms onduidelijk zijn en leiden tot minder sociale bescherming. Wij vragen dat de Europese Commissie voldoende oog heeft voor de bescherming van de werknemer in deze nieuwe vormen van werk, zowel op vlak van arbeidsrecht als op vlak van welzijn en preventie. Ook is er bij de verdere digitalisering van diensten en uitkeringen waakzaamheid nodig om te verzekeren dat kwetsbare personen nog 'mee' zijn. Door de digitalisering riskeren kwetsbare personen het immers nog moeilijker te hebben om hun rechten en voordelen op te vragen.De Sociale Pijler heeft in ieder geval enkel een kans op slagen als hij duidelijke en concrete maatregelen bevat en als hij flexibel genoeg is om op de voortdurende trends in te kunnen spelen. De huidige evolutie van de digitalisering bijvoorbeeld gebeurt met een nooit eerder geziene snelheid, waardoor onze samenleving en onze wereld van werken er op zeer korte termijn anders zullen uitzien. Kan de Pijler deze transformaties voldoende inschatten en omvatten? Veel kwesties waarover Europa, midden in een woelige context waarin openlijk haar meerwaarde wordt in vraag gesteld, de komende maanden een heldere positie zal moeten nemen. Fatima Yassir, Gezinsbond