Het centrum van Tijuana lijkt op een scène uit een dystopische sciencefictionfilm. Er zijn glimmende wolkenkrabbers en chique winkelcentra. Daartussen een wirwar van snelwegen, viaducten en fly-overs. En daaronder, bijna onzichtbaar voor de automobilist die snel voorbijzoeft, een onderklasse van paupers die als zombies rondscharrelen. Ze schuifelen op vluchtstroken en bivakkeren achter vangrails en betonnen afscheidingen. Daar drinken ze goedkoop bier en drogeren ze zich met crystal meth. Ik overwin mijn angst en stap op een groepje af. Ze blijken ontzettend vriendelijk en aardig. Een oude man met een baard heet Ramón. Hij stelt me voor aan zijn vriend José. Die mist een been. Na een infectie kreeg hij gangreen en het moest geamputeerd worden. José roert in een potje met een bruine vloeistof. Ze gebruiken een mix van heroïne en crystal meth. Op zijn overgebleven been en zijn armen zijn er nauwelijks aderen meer. Ramón helpt zijn vriend dan maar om een dosis in zijn nek te injecteren. Met een blik van pijn maar ook van extase laat José de drugs inspuiten.
...

Het centrum van Tijuana lijkt op een scène uit een dystopische sciencefictionfilm. Er zijn glimmende wolkenkrabbers en chique winkelcentra. Daartussen een wirwar van snelwegen, viaducten en fly-overs. En daaronder, bijna onzichtbaar voor de automobilist die snel voorbijzoeft, een onderklasse van paupers die als zombies rondscharrelen. Ze schuifelen op vluchtstroken en bivakkeren achter vangrails en betonnen afscheidingen. Daar drinken ze goedkoop bier en drogeren ze zich met crystal meth. Ik overwin mijn angst en stap op een groepje af. Ze blijken ontzettend vriendelijk en aardig. Een oude man met een baard heet Ramón. Hij stelt me voor aan zijn vriend José. Die mist een been. Na een infectie kreeg hij gangreen en het moest geamputeerd worden. José roert in een potje met een bruine vloeistof. Ze gebruiken een mix van heroïne en crystal meth. Op zijn overgebleven been en zijn armen zijn er nauwelijks aderen meer. Ramón helpt zijn vriend dan maar om een dosis in zijn nek te injecteren. Met een blik van pijn maar ook van extase laat José de drugs inspuiten. Crystal meth rukt wereldwijd op. Niet alleen in de slums van Latijns-Amerika, maar ook in Nederland, waar sinds een paar jaar het ene na het andere methlab wordt opgerold. 'Papi, papi, el crystal es la droga de la futura!' Dat zou de zoon van de Mexicaanse drugsbaron Ismael 'El Mayo' Zambada, de tweede man van het Sinaloakartel, hebben uitgeroepen om zijn vader te overtuigen. Sommige capo's van de oude stempel willen niets met crystal meth te maken hebben en blijven bij hun leest, de handel in cocaïne. Maar de meeste kartels zijn gezwicht. De winsten zijn enorm, en de drug kan overal synthetisch worden geproduceerd. In 2008 is er wereldwijd 25 ton meth in beslag genomen. In 2020 was dat bijna 300 ton. De Mexicaanse onderklasse betaalt 5 euro voor een grammetje, in Japan is meth voor de elite, die een gramprijs van 500 dollar betaalt. In Nederland is de prijs gezakt van 120 naar 70 euro. De groeiende populaties van wat etnograaf Terry Williams 'overbodige mensen' noemt - daklozen, werklozen, kansloze illegale migranten - in de urbane centra van Tijuana, Kaapstad, Los Angeles of Athene, zijn overgestapt van crack naar meth. Methamfetamine, ook wel crystal meth, meth of ice genoemd, is een van de meest verslavende en verwoestende drugs. Eind negentiende eeuw is het door Japanse scheikundigen gesynthetiseerd. Aanvankelijk werd het alleen gebruikt om de symptomen van astma en narcolepsie te verlichten. De nazi's herontdekten de drug eind jaren dertig en meth werd een Volksdroge die daadkracht en energie moest geven aan de gedesillusioneerde bevolking van de Weimarrepubliek. De Duitse strijdkrachten kregen Panzerschokolade, met crystal meth doorspekte chocolade, waardoor de Blitzkrieg mogelijk werd. Na de oorlog raakte meth in de vergetelheid. In het Tsjecho-Slowakije van de jaren zeventig diepten onderwereldfiguren het oude nazirecept op en werd meth in beperkte kring in keukenlabjes gefabriceerd, zonder winstoogmerk. Eind twintigste eeuw maakt de drug opgang in de Verenigde Staten, vooral in de door een landbouwcrisis geplaagde Midwest. Daar brouwde men met huis-tuin-en-keukenmiddelen meth en groeide de verslavingsproblematiek dramatisch. Om de methcrisis te bedwingen, verboden de VS in 2005 de verkoop van medicijnen die efedrine bevatten, het belangrijkste ingrediënt van methamfetamine. De productie verschoof naar Mexico. Momenteel is dat het belangrijkste productiecentrum, samen met de Gouden Driehoek in Azië - het schimmige grensgebied van Thailand, Myanmar en Laos. Crystal meth kan worden gerookt, gesnoven, gespoten of in pilvorm geslikt. Het maakt duizelingwekkende hoeveelheden dopamine aan - vijfmaal zoveel als cocaïne. Het remt ook de natuurlijke afbraak van neurotransmitters die een geluksgevoel veroorzaken. De gebruiker ervaart een extase die niet op een natuurlijke manier kan worden bereikt. Het middel blijft tot wel 24 uur werkzaam. Sommigen raken na de eerste keer meteen verslaafd, anderen zijn weekendgebruikers, maar de meesten glijden binnen een jaar af in een zware verslaving. Chronisch slaapgebrek en roofbouw op het lichaam veroorzaken een zware aftakeling. Onomkeerbare veranderingen aan de hersenen, een verstoord genotscentrum, gewichtsverlies en afbraak van spierweefsel, psychoses, uitvallende tanden en een verhoogde bloeddruk die hersenbloedingen kan veroorzaken, zijn enkele van de vele symptomen. In België en Nederland was crystal meth tot voor kort vrij onbekend. Het werd hoofdzakelijk gebruikt in een kleine subcultuur van gays, tijdens zogenaamde 'chemseksfeestjes': met drugs gelardeerde orgieën die soms dagenlang duren. In Nederland is in 2015 het eerste lab gevonden. In 2020 zijn er in Nederland 32 labs opgerold en in België 9. In veel gevallen zijn er Mexicaanse 'koks' - laboranten - aangetroffen. Dat gaf aanleiding tot verontrustende krantenkoppen als 'Komen de Mexicaanse kartels naar Nederland?'. Los cárteles no existen is de provocerende titel van een boek van de Mexicaanse politoloog Oswaldo Zavala. De kartels bestaan niet. Georganiseerde misdaad en overheid lopen volgens hem naadloos in elkaar over. In veel delen van de wereld is er inderdaad een enorme grijze zone. Het woord 'kartel' suggereert goed georganiseerde structuren, maar het zijn eerder losse netwerken en tijdelijke samenwerkingsverbanden. 'Eender welke idioot en zijn neef kunnen zich een kartel noemen', vertelt Pedro Vivanco (33), een voormalige methkok die vastzit in de gevangenis van Morelia, de hoofdstad van de staat Michoacán. Over vier maanden komt Vivanco vrij. Dan wil hij me aan vrienden voorstellen en me meenemen naar een lab. Hij schetst een beeld van een flexibele, dynamische en hoogontwikkelde bedrijfstak. Volgens hem zijn er honderden laboratoria in de staat Michoacán, van kleine keukenlabjes tot grootschalige productiesites. Transporten worden gemeenschappelijk opgezet door geroutineerde smokkelaars. Zelf had Vivanco een lab in Californië. Hij werd gepakt, kwam er met een lichte straf vanaf en werd gedeporteerd. De benodigde precursoren, de chemische stoffen, worden aangeleverd door dedicados die daarin zijn gespecialiseerd. Precursoren uit China komen aan in de havenstad Lázaro Cárdenas, 400 kilometer ten westen van Morelia. Vivanco is uitstekend op de hoogte en weet dat het meestgebruikte proces zowel links- als rechtsdraaiende meth oplevert. De eerste variant is slappe troep, maar met behulp van wijnsteenzuur kun je het scheiden. Efedra, de plant die het basisingrediënt efedrine produceert, kent hij ook. 'We hebben geprobeerd ze te verbouwen, maar ons klimaat is daarvoor niet geschikt', vertelt hij. In Michoacán zwaaide ooit het kartel La Familia Michoacana de scepter, onder leiding van de charismatische Nazario Moreno González. Zijn bijnaam was El Mas Loco, de allergrootste gek. La Familia was gespecialiseerd in opium en marihuana, maar doordat marihuana in veel Amerikaanse staten gedeeltelijk werd gelegaliseerd en heroïne uit de mode raakte, werd de handel in crystal meth een lucratieve bezigheid. El Mas Loco verbood de lokale handel en consumptie ten strengste, een pragmatische bedrijfspolitiek die was gericht op het bewaren van de lokale orde en volksgezondheid. Toen de overheid El Mas Loco in 2014 elimineerde, viel La Familia uiteen in splintergroepjes, die elkaar naar het leven stonden. Zelfverdedigingsmilities, autodefensas, schoten als paddenstoelen uit de grond om avocadoboeren te beschermen tegen afperspraktijken, maar even vaak veranderden zij in criminele bendes. Een van die groepen is Los Viagras, diep in het binnenland van Michoacán. Los Viagras staat als kartel bekend, maar de leden noemen zich liever autodefensas. Dat staat ook in grote witte plakletters op de matzwarte SUV waarmee de leider, El Inginiero, rondrijdt. Het is een vriendelijke man, die er met zijn woeste, zwarte baard en verwilderde haar uitziet als een verdwaalde hippie. Een enorm, met goud ingelegd pistool op zijn heup maakt duidelijk dat hij geen softie is. Zijn entourage van een vijftal tieners loopt rond met kalasjnikovs en M16's. Informele gewapende groepen zwaaien hier de scepter. De hoofdstad is ver weg en autoriteiten zijn in geen velden of wegen te zien. Los Viagras zou een methlab tonen, maar de labs zijn net opgehouden met produceren. Een week geleden heeft de groep een verbod op de handel en consumptie van meth uitgevaardigd. 'Het maakt onze gemeenschap kapot', zegt de ingenieur, en hij wijst naar een meisje dat bij de groep rondhangt. Haar moeder is zwaar verslaafd. 'Hele families gaan hier ten gronde', vertelt El Ingeniero. Momenteel worden lokale methdealers zonder pardon geëxecuteerd om verspreiding van de drug tegen te gaan. De groep heeft de strijdbijl begraven met Los Caballeros Templarios, het kartel van de gebroeders Valencia, restanten van La Familia en nog een tiental andere gewapende groepen. Zij hebben zich verenigd in een gemeenschappelijk front, Los Cárteles Unidos, de Verenigde Kartels, om het hoofd te bieden aan het CJNG. Dat staat voor Cártel Jalisco Nueva Generación, dat in een paar jaar tijd op ultragewelddadige wijze en met uitgekiende propaganda in 29 van de 32 staten van Mexico een stevige voet aan de grond kreeg. Ruim een week voor mijn bezoek aan Los Viagras vond 50 kilometer verderop, in het plaatsje Aguililla, een veldslag plaats, die resulteerde in 27 doden. Het CJNG onthoofdde zeven vijanden. Foto's waarop hun lichamen liggen uiteengespreid als bloembladeren, met in het midden zeven op elkaar gestapelde hoofden, circuleerden op internet. Zorgvuldig geënsceneerde performances van wreedheid vormen, net als bij de IS, een manier om te intimideren en te onderwerpen. Terug in Morelia lijkt alles rustig. De stad is een parel van koloniale architectuur en staat op de Unesco-erfgoedlijst. Op de Plaza de las Rosas zitten alle terrasjes onder de platanen vol families en verliefde koppeltjes. Toch zijn er maandelijks zo'n 25 druggerelateerde moorden in de stad, vertelt politiecommissaris Israel Patrón Reyes (49). De kartels hebben afgesproken om onderlinge geschillen niet in het centrum uit te vechten. Ook de tienduizenden methverslaafden laten zich er nauwelijks zien. In een van de ongure buitenwijken ontmoeten we Ivanovic Salazar (44), directeur van een afkickkliniek. Er zijn in Morelia 150 van dit soort klinieken, elk met gemiddeld 50 methverslaafden. Dat betekent bijna 1 procent van de bevolking. Volgens Salazar heeft elke familie in Morelia gezinsleden met drugsproblemen. Zelf was Salazar ook jaren verslaafd aan meth. Hij volgde vijftien ontwenningskuren, die stuk voor stuk mislukten. Zo'n cijfer is niet ongebruikelijk. Jezus Esquivias (33), gymleraar, vertelt dat hij dertien keer in een kliniek zat, telkens voor een periode van drie, vier maanden. Dat is vier jaar van zijn leven. 'Als ik ontslagen was uit de kliniek, zat ik 's avonds alweer aan de methpijp.' Dat de meeste kuren niet werken, komt door een te streng, quasimilitair regime, vertelt Salazar: 'Je moet je afvragen waarom iemand meth gebruikt. Waarom hij of zij dat gevoel van geluk niet in normale zaken kan vinden.' Zelf voert hij intensieve psychologische gesprekken met zijn cliënten, die soms wel anderhalf jaar in behandeling zijn. In een groepssessie mag iedereen alles vragen over Salazar' verslavingsgeschiedenis. De lagere sociaal-economische standen zijn oververtegenwoordigd, maar er zijn ook veel verslaafden uit de hogere middenklasse. De gymleraar vertelt hoe de meesten van zijn collega's ook aan de meth zaten. 'Meth is heel gewoon onder de jeugd', zeggen veel van de mensen die we spreken. 'We realiseerden ons niet hoe gevaarlijk het was', vertelt José Guzmán (25), een voormalige koerier van inkjetpatronen. 'We kenden de afschrikwekkende campagnefilms, maar dachten dat het niet zo'n vaart zou lopen.' De snelle gewenning is verraderlijk. Guzmán vertelt dat hij in het begin twintig hits uit een gram kon halen. Op een gegeven moment rookte hij vier gram per dag. Hij kwam zijn kamer niet meer uit, sloot zich op en rookte non-stop meth. 'Vroeger was ik een warme, vrolijke en aanhankelijke jongen. Zodra ik verslaafd was, trad ik een wereld van kilheid en eenzaamheid binnen.' De gymleraar vertelt hoe hij steeds meer ging liegen en bedriegen om zijn gebruik te verbergen. 'Ik had geen honger meer en gaf het eten dat mijn bezorgde moeder voor mij maakte stiekem aan de hond. In de weekends pakte ik mijn sporttas en zei dat ik met vrienden ging voetballen, maar ik ging naar mijn maatjes om meth te roken.' Zoals veel gebruikers kreeg Esquivias last van waandenkbeelden en psychoses. 'Ik was er zeker van dat mijn familie me wilde vermoorden. Ik durfde thuis niet meer te slapen, overnachtte op braakliggende terreinen. De sterrenhemel was mijn deken.' De vele Mexicanen die de laatste jaren in Belgische en Nederlandse methlabs zijn gearresteerd, doen vrezen dat Mexicaanse kartels hier definitief voet aan de grond hebben gekregen, maar dat lijkt overdreven. Nederlandse criminele groepen zouden het niet tolereren dat buitenlandse organisaties zich hier zomaar vestigen. Maar natuurlijk zijn er samenwerkingsverbanden. In 2014 is op Schiphol El Chino Antrax gearresteerd, een hooggeplaatste capo van het Sinaloakartel. Andere contacten worden in de informele sfeer gelegd, bijvoorbeeld in de Spaanse badplaats Marbella, waar de zomervakantie in feite een soort openbare conventie van de internationale drugsmaffia is. 'Je komt elkaar tegen, bezoekt elkaars feestjes, drinkt iets samen. Klikt het, dan wissel je contacten uit, leen je elkaar een lijntje', vertelde een Antwerpse dealer me over het informele netwerk. Met lijntjes bedoelde hij geen coke, maar handelslijnen. Over de organisatiestructuur en het verdienmodel van de Mexicanen bestaan verschillende hypotheses. Volgens de Nederlandse recherche zijn er in Mexico tussenpersonen die 'koks' ronselen om in Nederlandse laboratoria te werken. Vaak hebben ze ook afgevaardigden in Spanje, waar Mexicaanse uitzendkrachten minder opvallen. De voormalige methkok Pedro Vivanco vertelde dat er een grote groep Mexicanen in Amsterdam is, die contacten heeft met tegenhangers in hun moederland. Het is belangrijk om de ontwikkeling van de methindustrie in België en Nederland in de gaten te houden. De consumptie blijft laag, want de drugsgebruikers hier zijn goed voorgelicht en kennen de gevaren. Een Tilburgse speeddealer vertelde dat meth 'de drug van de duivel is' en dat hij het principieel niet verkocht. Bovendien zijn er veel goedkopere alternatieven. Maar de kans bestaat dat meth overslaat naar de groeiende klasse van kanslozen, zoals overal ter wereld gebeurt. Als de tandpasta eenmaal uit de tube is, krijg je hem er niet meer in.