Dat blijkt uit een enquête van The Washington Post en de Universiteit van Maryland, die meningen onderzocht over democratie en de bestorming van het Capitool op 6 januari 2021. De enquête levert op meerdere vlakken opmerkelijk materiaal op.

De enquête werd gehouden tussen 17 en 19 december en op 2 januari gepubliceerd. Er werden 1.101 volwassenen ondervraagd, wat volgens de organisatoren betekent dat er een foutenmarge van 4 procentpunten in de resultaten zit.

Meer sympathie voor George Floyd dan voor bestorming

Eerste vaststelling: Amerikanen lopen momenteel niet heel hoog op met hun eigen democratie.

Net na de aanslagen van 11 september 2001 was 96 procent van de Amerikanen fier op het eigen politiek democratisch systeem. Daarvan 60 procent heel fier. Sindsdien is het in opeenvolgende enquêtes alleen maar bergaf gegaan. In de huidige peiling is nog slechts 54 procent van de ondervraagde positief gestemd over de eigen democratie, en nog amper 11 procent heel fier.

Tweede vaststelling: Amerikanen zijn ongeveer 50-50 verdeeld over de protesten die volgden op het overlijden van George Floyd. Nadat witte agent Derek Chauvin minutenlang met zijn knie op de hals van de zwarte George Floyd had gedrukt, tot de dood erop volgde, werden nationaal en internationaal protestacties gehouden. Exact evenveel ondervraagden, 43 procent, vonden die protesten 'grotendeels vreedzaam' of 'grotendeels gewelddadig'. De restgroep vond de protesten even vaak gewelddadig als vreedzaam. De meningen zijn stukken negatiever over de bestorming van het Capitool. 51 procent van de ondervraagden vindt bijvoorbeeld dat de verantwoordelijken voor de bestorming niet streng genoeg gestraft zijn.

Slechts weinigen verdedigen dat de bestorming van het Capitool een helemaal vreedzame affaire was (toch nog 10 procent).

Meerderheid acht Trump mee verantwoordelijk voor bestorming

Derde vaststelling: de appreciatie van de bestorming van het Capitool is sinds januari 2021 relatief stabiel gebleven. In de huidige peiling vindt 60 procent dat Donald Trump verantwoordelijkheid draagt (43 procent vindt dat hij véél verantwoordelijkheid draagt) tegen 57 procent (45 procent véél) bij een peiling uit midden januari 2021.

Vierde vaststelling: nog altijd veel Amerikanen, 29 procent, vinden dat Joe Biden niet legitiem verkozen is. Maar historisch gesproken is dat resultaat niet zo kwaad voor Biden. In oktober 2017, minder dan een jaar na de verkiezing van Donald Trump, vond 42 procent van de gepeilden dat hij niet legitiem was verkozen.

Wie op basis van deze resultaten wil juichen dat het met de samenzweringstheorieën nog wel meevalt: dat is te vroeg. 30 procent van de ondervraagden vindt dat er aanzienlijk bewijsmateriaal was voor massale verkiezingsfraude in 2020. 31 procent vindt dat Donald Trump op basis van aanzienlijk bewijsmateriaal (onder verstaan terecht) weigert de overwinning van Biden te aanvaarden.

En aanzienlijke aantallen kiezers zijn helemaal niet gerust in hun kiessysteem. Ze betwijfelen of de stem van de kiezer bij de verkiezingen in 2022 inderdaad gehoord zal worden. Kiezers maken zich wat dat betreft meer zorgen over staten met Republikeins bestuur, waar de kieswetten recent veranderd zijn, dan in Democratische staten, waar de kieswetten sinds 2020 ongemoeid bleven. De aanpassingen in Republikeinse staten zijn officieel bedoeld om fraude te bemoeilijken, maar hebben het effect dat het moeilijker wordt voor minderheden om hun stem uit te brengen.

18 procent van zwarten verdedigt geweld, 40 procent van witte bevolking

Vijfde vaststelling: geweld tegen de regering/overheid wordt vaker goedgekeurd. En dat is wat de enquête nieuwswaarde geeft. 34 procent, plusminus een derde van de ondervraagden, vindt het in bepaalde omstandigheden verantwoord om geweld te gebruiken tegen de eigen regering/overheid (government is de term die in de vraag werd gehanteerd).

Reuters
© Reuters

Bij gelijkaardige enquêtes in 1995 zat men om en bij 10 procent (9 procent in één enquête, 13 in een andere) die geweld onder bepaalde omstandigheden zag zitten. Eind 2015 was dat opgelopen tot 23 procent. En nu dus 34 procent, wat binnen de foutenmarge en over de langere termijn een aanzienlijke toename toont.

In de peiling uit 2015 was de verhoogde tolerantie voor geweld nog gelijk over de partijen verdeeld, schrijft de Washington Post. In de huidige enquête rukt de gedoging van geweld op naar rechts. 40 procent van Republikeinse en Onafhankelijke kiezers verdedigen geweld in bepaalde omstandigheden, tegen slechts 23 procent van de Democraten. In het witte deel van de bevolking vindt 40 procent geweld tegen de overheid in bepaalde omstandigheden aanvaardbaar, tegen slechts 18 procent bij zwarte bewoners.

De meest geciteerde acceptabele reden voor geweld is in de huidige enquête: als de regering vrijheden/rechten ontneemt. Er worden in de enquête geen voorbeelden van vrijheids-/rechtenbeperking gegeven. In het verleden zou men onder meer aan het recht op wapendracht gedacht hebben, tegenwoordig kunnen de coronamaatregelen in aanmerking komen. De reden vrijheids-/rechtenbeperking wordt gevolgd door: geweld is verantwoord na een staatsgreep, na machtsmisbruik, als de regering de Grondwet niet respecteert, om het communisme tegen te houden, als de overheid niet het belang van de bevolking behartigt of als de regering corrupt en/of fout is.

Dat blijkt uit een enquête van The Washington Post en de Universiteit van Maryland, die meningen onderzocht over democratie en de bestorming van het Capitool op 6 januari 2021. De enquête levert op meerdere vlakken opmerkelijk materiaal op.De enquête werd gehouden tussen 17 en 19 december en op 2 januari gepubliceerd. Er werden 1.101 volwassenen ondervraagd, wat volgens de organisatoren betekent dat er een foutenmarge van 4 procentpunten in de resultaten zit.Eerste vaststelling: Amerikanen lopen momenteel niet heel hoog op met hun eigen democratie. Net na de aanslagen van 11 september 2001 was 96 procent van de Amerikanen fier op het eigen politiek democratisch systeem. Daarvan 60 procent heel fier. Sindsdien is het in opeenvolgende enquêtes alleen maar bergaf gegaan. In de huidige peiling is nog slechts 54 procent van de ondervraagde positief gestemd over de eigen democratie, en nog amper 11 procent heel fier.Tweede vaststelling: Amerikanen zijn ongeveer 50-50 verdeeld over de protesten die volgden op het overlijden van George Floyd. Nadat witte agent Derek Chauvin minutenlang met zijn knie op de hals van de zwarte George Floyd had gedrukt, tot de dood erop volgde, werden nationaal en internationaal protestacties gehouden. Exact evenveel ondervraagden, 43 procent, vonden die protesten 'grotendeels vreedzaam' of 'grotendeels gewelddadig'. De restgroep vond de protesten even vaak gewelddadig als vreedzaam. De meningen zijn stukken negatiever over de bestorming van het Capitool. 51 procent van de ondervraagden vindt bijvoorbeeld dat de verantwoordelijken voor de bestorming niet streng genoeg gestraft zijn.Slechts weinigen verdedigen dat de bestorming van het Capitool een helemaal vreedzame affaire was (toch nog 10 procent).Derde vaststelling: de appreciatie van de bestorming van het Capitool is sinds januari 2021 relatief stabiel gebleven. In de huidige peiling vindt 60 procent dat Donald Trump verantwoordelijkheid draagt (43 procent vindt dat hij véél verantwoordelijkheid draagt) tegen 57 procent (45 procent véél) bij een peiling uit midden januari 2021. Vierde vaststelling: nog altijd veel Amerikanen, 29 procent, vinden dat Joe Biden niet legitiem verkozen is. Maar historisch gesproken is dat resultaat niet zo kwaad voor Biden. In oktober 2017, minder dan een jaar na de verkiezing van Donald Trump, vond 42 procent van de gepeilden dat hij niet legitiem was verkozen. Wie op basis van deze resultaten wil juichen dat het met de samenzweringstheorieën nog wel meevalt: dat is te vroeg. 30 procent van de ondervraagden vindt dat er aanzienlijk bewijsmateriaal was voor massale verkiezingsfraude in 2020. 31 procent vindt dat Donald Trump op basis van aanzienlijk bewijsmateriaal (onder verstaan terecht) weigert de overwinning van Biden te aanvaarden.En aanzienlijke aantallen kiezers zijn helemaal niet gerust in hun kiessysteem. Ze betwijfelen of de stem van de kiezer bij de verkiezingen in 2022 inderdaad gehoord zal worden. Kiezers maken zich wat dat betreft meer zorgen over staten met Republikeins bestuur, waar de kieswetten recent veranderd zijn, dan in Democratische staten, waar de kieswetten sinds 2020 ongemoeid bleven. De aanpassingen in Republikeinse staten zijn officieel bedoeld om fraude te bemoeilijken, maar hebben het effect dat het moeilijker wordt voor minderheden om hun stem uit te brengen.Vijfde vaststelling: geweld tegen de regering/overheid wordt vaker goedgekeurd. En dat is wat de enquête nieuwswaarde geeft. 34 procent, plusminus een derde van de ondervraagden, vindt het in bepaalde omstandigheden verantwoord om geweld te gebruiken tegen de eigen regering/overheid (government is de term die in de vraag werd gehanteerd). Bij gelijkaardige enquêtes in 1995 zat men om en bij 10 procent (9 procent in één enquête, 13 in een andere) die geweld onder bepaalde omstandigheden zag zitten. Eind 2015 was dat opgelopen tot 23 procent. En nu dus 34 procent, wat binnen de foutenmarge en over de langere termijn een aanzienlijke toename toont.In de peiling uit 2015 was de verhoogde tolerantie voor geweld nog gelijk over de partijen verdeeld, schrijft de Washington Post. In de huidige enquête rukt de gedoging van geweld op naar rechts. 40 procent van Republikeinse en Onafhankelijke kiezers verdedigen geweld in bepaalde omstandigheden, tegen slechts 23 procent van de Democraten. In het witte deel van de bevolking vindt 40 procent geweld tegen de overheid in bepaalde omstandigheden aanvaardbaar, tegen slechts 18 procent bij zwarte bewoners.De meest geciteerde acceptabele reden voor geweld is in de huidige enquête: als de regering vrijheden/rechten ontneemt. Er worden in de enquête geen voorbeelden van vrijheids-/rechtenbeperking gegeven. In het verleden zou men onder meer aan het recht op wapendracht gedacht hebben, tegenwoordig kunnen de coronamaatregelen in aanmerking komen. De reden vrijheids-/rechtenbeperking wordt gevolgd door: geweld is verantwoord na een staatsgreep, na machtsmisbruik, als de regering de Grondwet niet respecteert, om het communisme tegen te houden, als de overheid niet het belang van de bevolking behartigt of als de regering corrupt en/of fout is.