De shariadorpen in Bosnië: ‘Een hand afhakken? Geen probleem’

De toegang tot het Bosnische dork Gornja Maoca is versierd met de vlag van IS, 4 februari 2015. © Reuters
Joanie De Rijke
Joanie De Rijke Medewerkster Knack

In de Bosnische shariadorpen worden strijders gerekruteerd en de jihad gepredikt. De politie houdt de boel in de gaten, maar kan de dorpen volgens de wet niet ontruimen. Dreigt Bosnië een veilige haven te worden voor terroristen? ‘Wij leven op een berg en vallen niemand lastig.’

Een hobbelige modderweg, dwars door het bos, bergopwaarts. ‘Typerend voor alle shariadorpen in Bosnië’, zegt Eldin, onze tolk. We zijn op weg naar Gornja Maoca, een gehucht in het noordoosten dat bekendstaat als een hotspot voor salafisten, volgelingen van een fundamentalistische stroming binnen de soennitische islam. ‘De shariadorpen liggen altijd op een afgelegen plek die moeilijk bereikbaar is, zo ver mogelijk van de bewoonde wereld’, legt Eldin uit.

Het lijkt inderdaad alsof we naar een niemandsland gaan. ‘En ze hebben nog iets gemeen’, gaat Eldin verder. ‘De meeste dorpen liggen in de buurt van de grenzen die de verschillende administratieve gebieden in Bosnië van elkaar scheiden, wat de werking van de politie bemoeilijkt. Zo kunnen de agenten van het district Brcko niet verder dan de brug vlak voor de enige weg die naar Gornja Maoca loopt. Ze mogen het dorp zelf niet binnen want dat valt onder het kanton Tuzla.

De belabberde samenwerking tussen de verschillende politiediensten heeft gevolgen voor de controle van de shariadorpen. De politie zegt dat ze nauwlettend in de gaten houdt wie de dorpen binnen- en buitengaat en dat ze weet wat er zich afspeelt, maar in de praktijk loopt dat minder soepel. Zo kunnen de bewoners ’s nachts gemakkelijk door de bossen van het ene gewest naar het andere oversteken. Geen kat die hen tegenhoudt. Wie naar de EU wil, wordt ook geen strobreed in de weg gelegd. In het noordwesten kun je probleemloos de grens naar Kroatië over, er is geen controle. Bij de grens, in de regio Velika Kladusa, liggen trouwens ook een aantal shariadorpen.’

Ik vind steniging vreselijk. Maar zijn zware bommen die honderden mensen uiteenrijten niet veel erger?

Edis Bosnic

Bosnië lijkt daarmee een ideaal oord voor de smokkel van mensen, geld en wapens naar Europa. Volgens het Bosnische ministerie van Veiligheid waren de wapens die bij de aanslagen op Charlie Hebdo werden gebruikt afkomstig uit Bosnië. Het ministerie gaf ook te kennen dat sommige wapens die bij de aanslagen in Parijs van 13 november vorig jaar gebruikt werden uit het voormalige Joegoslavië kwamen.

De problemen van de politiediensten zijn een gevolg van de ingewikkelde politieke structuur van Bosnië. Na de burgeroorlog (1992-1995) werd het land opgesplitst in twee entiteiten: de Federatie van Bosnië en Herzegovina en de Servische Republiek (niet te verwarren met het buurland, de Republiek Servië). Daarnaast is er nog Brcko, een klein district met zelfbestuur dat onder beide landsdelen valt, en zijn er tien kantons.

De shariadorpen ontstonden tijdens de oorlog, toen strijders uit Arabische en Noord-Afrikaanse landen samen met Bosnische moslims tegen de Serviërs vochten. Een deel van de moedjahedien bleef na de oorlog in Bosnië en vestigde zich in voormalige Servische bergdorpen, waar ze de strenge islamleer, gefundeerd op het Saudische model van het wahabisme praktiseerden.

Tegenwoordig telt Bosnië zo’n 22 shariadorpen. Er zouden ronselaars en predikers van de jihad verblijven, samen met hun families. Een aantal bewoners vecht bij de IS in Syrië, en wordt gesteund door de achterblijvers. Volgens de laatste gegevens van de overheid zijn er in totaal 260 personen – inclusief vrouwen en kinderen – naar Syrië en Irak vertrokken. Voor een land van nauwelijks 3,8 miljoen inwoners is dat veel. Ongeveer vijftig strijders zijn omgekomen en veertig Syriëgangers zijn teruggekeerd. Ze riskeren een celstraf van tien jaar.

In naam van God

Wanneer we in Gornja Maoca aankomen – we zijn onderweg nergens politie tegengekomen – zien we, wrang genoeg, meteen een groep spelende jongetjes met namaakmachinegeweren, houten zwaarden en stokken. Verder oogt het allemaal heel vredig. Koeien en schapen in de groene weiden, bijenkasten, appelboomgaarden en een kabbelend beekje. In het dorpje zijn geen winkels te bespeuren, alleen een grijs gebouw dat dienst doet als moskee.

Naast de luidsprekers op het dak zien we de opgerolde zwarte vlag met de islamitische geloofsbelijdenis, die gebruikt wordt door onder meer de Syrische terreurbeweging Jabhat al-Nusra. Toen eerder dit jaar in een aantal Bosnische shariadorpen beelden van IS-vlaggen opdoken, voerden de speciale eenheden van de staatspolitie (SIPA) een reeks invallen uit. Sindsdien worden de IS-symbolen in de kast gestopt en houden de bewoners het bij de zwarte ‘vlag van de jihad’. Het enige verschil met het vaandel van de IS is dat er geen zegel van Mohammed op staat.

Een huis in het Bosnische dorp Gornja Maoca, versierd met vlaggen van de Islamitische Staat.
Een huis in het Bosnische dorp Gornja Maoca, versierd met vlaggen van de Islamitische Staat. © Reuters

Bij de moskee staren enkele mannen met kaalgeschoren hoofden en lange baarden ons wantrouwig aan. Wanneer we dichterbij komen, verdwijnen ze een voor een in de omliggende woningen. Ze hebben duidelijk geen zin in pottenkijkers. Twee vrouwen in zwarte nikab en dito handschoenen wandelen haastig voorbij, bedekt van top tot teen. Het ziet er nogal bizar uit in een onschuldig ogend dorpje met koeien en bijenkasten. Een voordeur wordt met een luide knal dichtgeslagen zodra we passeren, achter de ramen zien we de gordijnen bewegen. ‘Ze houden ons in het oog’, zegt tolk Eldin. ‘We zijn allesbehalve welkom.’

De enige die wil spreken is Edis Bosnic, de officieuze leider van de salafistengemeenschap. Hij gaat met zijn drie zoontjes ijs eten in het dorp beneden, zegt hij. Hij vraagt of we mee willen. Maar eerst moeten ze bidden in de lokale moskee van het buurdorp. Daar kijken de meer gematigde geloofsgenoten niet op van Bosnics grote verschijning met Afghaanse broek en lange baard. In de ijswinkel spreekt de vernietigende blik van de verkoopster echter boekdelen. Bosnic negeert haar. ‘Niemand in de buurt heeft problemen met ons’, beweert hij. ‘Wij leven op de berg en vallen niemand lastig. Al is het de afgelopen jaren niet makkelijk geweest. Ik ben tientallen keren gearresteerd en de politie is het dorp meermaals binnengevallen. Ze houden ons constant in de gaten, elke dag staat er een politiewagen aan de rand van het dorp.’

Bosnic woonde lang in de Verenigde Staten, waar hij zich naar eigen zeggen bezighield met handel en vertalen. Acht jaar geleden verruilde hij Amerika voor een nieuw bestaan in Gornja Maoca. Hij leeft van de kweek van zijn eigen groenten en honing en van een beetje spaargeld, zegt hij. Inmiddels is het halve dorp vertrokken naar de IS in Syrië, hebben we van verschillende bronnen gehoord. ‘Daar heb ik geen weet van. Ik ken wel mensen die naar Syrië vertrokken vóór de IS bestond, omdat ze de bevolking tegen dictator Bashar al-Assad wilden beschermen. Maar de IS heeft met zijn uitgekiende propagandastrategie veel sympathie gewonnen.’

Of hij het zou accepteren als de Syriëstrijders naar Gornja Maoca terugkeren, vragen we. ‘Ze kómen niet terug. En mochten ze dat toch doen, dan zou ik hen vragen om weg te blijven. Ik ben het niet eens met de praktijken van de IS. Mochten de terugkeerders berouw tonen, dan zou ik hun een kans geven. Berouw volgens de sharia, bedoel ik. Dat is anders dan hoe jullie dat in het Westen zien.’

Bosnic vertrok naar Gornja Maoca omdat hij een veiliger bestaan wilde voor zijn kinderen, zegt hij. Weg van de drugs en het geweld in de VS. Tijdens een politie-inval in 2010 werd in het dorpje echter een indrukwekkende hoeveelheid wapens en springtuig gevonden. De leider van het dorp zat ruim een jaar in de gevangenis. Zo veilig is het er dus niet. ‘Als het echt zó gevaarlijk was geweest, had de overheid ons dorp wel opgedoekt’, weerlegt Bosnic. ‘De buitenwereld noemt ons een IS-broeinest, een shariadorp, een salafistenhotspot. Ik noem het gewoon een moslimdorp, zoals ik gewoon een moslim ben.

Ik beschouw mezelf als gematigd. Niet volgens de terminologie van het Westen maar volgens die van de Koran. Voor mij is een extremist iemand die de hele nacht door bidt, in plaats van vijf keer per dag. En die elke dag vast, niet alleen tijdens de ramadan. We hebben in ons dorp extremere en vrijere moslims die elk op hun eigen manier de sharia naleven.’

De bewoners van dit dorp die de IS steunen, zijn regelrechte idioten

Izet Hadzic

Volgens de sharia zijn straffen als handen afhakken en het stenigen van vrouwen geoorloofd. Of ze het daar in Gornja Maoco mee eens zijn, vragen we. ‘Ten eerste: er zijn verschillende vormen van stelen. Als je in de verleiding wordt gebracht om iets te ontvreemden, bijvoorbeeld als je ergens bent en er ligt geld op tafel, dan beschouwen we dat volgens de sharia niet als stelen. Neem je daarentegen geld uit een lade, dan is dat een bewuste actie. Dat noemen we diefstal, en daar bestaan bepaalde straffen voor. Middeleeuwse praktijken, zo luidt de kritiek. Wel, ik heb geen problemen met het afhakken van een hand. Want zelf steel ik niet. De straf is bedoeld als afschrikmiddel. Daardoor kunnen miljoenen mensen vrij rondlopen zonder dat ze bestolen worden. Alleen dieven zijn bang voor de sharia.

Ik ben ook niet tegen steniging, maar alleen als de bevoegde autoriteiten zo’n straf uitspreken. Ik heb namelijk het recht niet om tegen de gezagdragers van de sharia in te gaan. Zij handelen in naam van God en God is wijzer dan de zeven miljard mensen op aarde. Maar wanneer een bedrogen echtgenoot zélf het recht in handen neemt, ben ik er wél tegen. Natuurlijk vind ik steniging op zich vreselijk. Maar zijn zware bommen die honderden mensen uiteenrijten niet veel erger?’

In 2011 werd de Amerikaanse ambassade in Sarajevo met een kalasjnikov onder vuur genomen door een man die voordien een tijdje in Gornja Maoca had gewoond. Hoewel zijn aanval redelijk amateuristisch was, beschouwde de veiligheidsdienst het als een terreurdaad. Het incident voedde de angst van de liberale Bosnische moslims – die alcohol drinken en geen strikte kledingcodes volgen – dat radicale geloofsgenoten hun ideologie wilden verspreiden.

‘Als iemand uit ons dorp een aanslag pleegt, is dat zijn verantwoordelijkheid, niet de mijne’, vindt Bosnic. ‘Terreur is een breed begrip. Maar mocht ik weten dat mijn buurman iets illegaals aan het plannen is dat tegen de sharia indruist, zal ik hem eigenhandig tegenhouden en daarna zal ik de overheid inlichten.’

Als we een tweede keer terugkeren naar Gornja Maoca komen we wel politie tegen. Van twee verschillende districten zelfs. De agenten van het Brckodistrict kennen Edis Bosnic goed, zeggen ze. ‘Met die man hebben we geen last. Hij zou gek zijn om hier, in zijn eigen dorp, iets verkeerds te doen. Dan zou hij meteen alle vertrouwen van de omliggende gemeentes verliezen. Zolang ze zich gedeisd houden, kan de overheid niets tegen hen doen.’

Fucking Osve

Eind april zette de officiële islamgemeenschap in Bosnië een rigoureuze stap tegen het groeiende aantal salafistendorpen. De moslims stelden 49 dorpen voor de keuze. Ofwel moesten ze het protocol van de islamgemeenschap ondertekenen en dus afstand nemen van extremistische ideologieën, ofwel werden ze buitengesloten door de islamgemeenschap. Dat houdt onder meer in dat ze geen recht op een moslimbegrafenis zouden hebben. Van de 49 dorpen weigerden er 22 het protocol te ondertekenen, de rest bond in. De resterende 22 gemeenschappen, waaronder Gornja Maoca, staan er sindsdien alleen voor.

Mersed Cekic and Edis Bosnic (r.) in Gornja Maoca.
Mersed Cekic and Edis Bosnic (r.) in Gornja Maoca.© Reuters

Ook de shariagemeente Osve, op een dik uur rijden van Gornja Maoca, tekende niet. Osve is een klein gehucht, goed verstopt voor de bewoonde wereld. We rijden opnieuw over een onverharde weg, door de bossen, een heuvel op. Boven worden we opgewacht door Izet Hadzic, de dorpsverantwoordelijke. We volgen hem naar de moskee. Ook Hadzic draagt de traditionele kledij en heeft een lange baard. Maar het is al snel duidelijk dat hij een heel ander type salafist is dan Edis Bosnic.

Hij stelt zich grijnzend voor. ‘Vroeger was ik rockmuzikant en dronk ik als een tempelier. Ik speelde Deep Purple op mijn gitaar, was getrouwd en had verschillende vriendinnen. Kortom, ik had een ruig bestaan. Maar op den duur begon dat door te wegen. Ik had het gevoel dat ik de controle over mezelf verloor en besloot me te bekeren. Maar ik had geen werk meer. Toen ik hoorde dat de huizen in Osve (voor de oorlog woonden er alleen Serviërs, nvdr.) spotgoedkoop waren, heb ik wat geld geleend en kocht ik hier als eerste een woning, ruim vier jaar geleden.

Daarna volgden andere moslimfamilies. Er kwamen ook een paar Servische gezinnen terug. In het begin waren die heel bang van ons, maar inmiddels staan we op goede voet. Niemand doet hier zijn deur op slot. Toch heeft Osve de naam een salafistenhol te zijn. Ook ik heb veel titels: terrorist, extremist, salafist. Daar klopt niets van. Ik ben voor de vreedzame islam en laat iedereen in zijn waarde.

Er zijn hier een paar families die de IS steunen, onder meer de buren, pal naast de moskee. Niemand moet iets van hen weten, ik ook niet. Jammer genoeg kan ik ze niet weigeren in de moskee, maar ik zou het graag doen. En als er ooit strijders uit Syrië in Osve een onderkomen zoeken, zal ik alles doen om hen te weigeren. Ik pik hun zogezegde berouw niet. De profeet zegt dat je dit soort mensen nooit kunt vertrouwen, ze moeten hun hele leven in de gaten worden gehouden.’

Hadzic wandelt met ons langs het huis van de ‘IS-buren.’ Er beweegt niets. ‘Het zijn de extremisten die ons een slechte naam geven’, zegt de dorpsleider kwaad. ‘Iedereen met een kaalgeschoren hoofd en lange baard wordt gewantrouwd. Maar mijn religie heeft niets met radicalisme te maken, dat wordt tegenwoordig helaas vergeten. De bewoners in dit dorp die de IS steunen, zijn regelrechte idioten. Ze blinken niet uit in intelligentie, je kunt er geen normaal gesprek mee voeren. Ze zijn grof en keren zich van iedereen af.’ Hadzic haalt zijn schouders op en zucht diep. ‘Toen ik me bekeerde, vond ik rust. Tot ik in fucking Osve belandde.’ Hij kijkt ons lachend aan.

Ook over de moslimgemeenschap met haar protocol heeft hij een onomwonden mening: ‘Het is een corrupte bende. Wij in Osve leggen dat bloot. Ik spreek er vanavond opnieuw met de pers over. Daarom ondertekenen we niet. Het heeft niets met religie te maken.’

Bosnië een veilige haven voor terroristen? Dat is overdreven

Jasmin Ahic

Volgens Hadzic hebben zijn IS-gezinde buren contact met gelijkgestemden in andere shariadorpen. ‘Maar zelf probeer ik Osve compleet van de andere gemeentes te scheiden. We willen ons distantiëren van alle vormen van radicalisme. Soms lijkt het een gevecht tegen de bierkaai. Veel moslims in Bosnië zien hun geloof als een stuk cultuur, iets dat hen identiteit geeft. Ze gaan nooit naar de moskee, maar ze willen later wel als moslim begraven worden. Ze beschouwen ons als een bedreiging. Maar wie ben ik om te zeggen dat je geen alcohol mag drinken?’

Hadzic rijdt met ons mee het dorp uit, naar de bewoonde wereld beneden. Hij trakteert er ons op een koffie. Hij lacht veel en scheldt de hele tijd op de IS. ‘Als ik heel eerlijk ben, wil ik hier weg en ergens rustig aan de rivier gaan wonen’, bekent hij. ‘Maar als ik vertrek, ben ik bang dat het fout zal lopen in Osve. Wie weet welke gekken er dan komen.’ Het ene shariadorp in Bosnië is het andere niet, zoveel is duidelijk.

Europese moslims

De Bosnische overheid beseft het gevaar van de shariadorpen, al worden ze oogluikend toegelaten. ‘Het gaat om Bosnische burgers. Zolang ze geen kwaad doen, kunnen we hen niet verbieden om ergens te wonen en hun geloof te belijden’, zegt procureur Dubravko Campara wanneer we terug zijn in Sarajevo. ‘Daarom blijven de dorpen bestaan. Maar dat wil niet zeggen dat we niets doen. Zo werd de controle op buitenlandse geldstromen in 2014 verstrengd en de strafmaat voor teruggekeerde Syriëstrijders is verhoogd. Ik geef toe dat de complexe politieke infrastructuur van Bosnië de groei van radicale groeperingen kan bevorderen, maar we hebben dat probleem nu eenmaal. De shariadorpen worden in elk geval gecontroleerd en we hebben exacte gegevens over de mensen die komen en gaan.’

De shariadorpen worden gefinancierd door bezoekers uit het buitenland die geld meebrengen. Meestal gaat het om kleine bedragen, tot 2000 euro. ‘Die bezoekers noemen elkaar “broeders” en ze komen meestal uit Oostenrijk, Zwitserland en Duitsland’, zegt Campara. ‘Maar er zijn uitzonderingen. Bilal Bosnic (een bekende haatprediker met een uitgebreid buitenlands netwerk, eind vorig jaar veroordeeld tot zeven jaar cel wegens het rekruteren van IS-strijders, nvdr.) ontving op twee jaar tijd 200.000 dollar, afkomstig van een onbekende donor uit Koeweit. Via Interpol probeerden we zijn identiteit te achterhalen, maar we kwamen niet veel verder dan “iemand van Arabische origine”.’

De doeltreffendste maatregel om de radicalisering tegen te gaan, is het recente besluit van de Bosnische islamgemeenschap om de shariadorpen voor de keuze te stellen om het protocol te ondertekenen, besluit Campara.

De politie mag volgens de procureur de boel dan nog zo goed in de gaten houden, in de praktijk loopt dat vaak mis. We zagen zelf dat er bij Gornja Maoca de eerste paar uur geen politie te bekennen was, in Osve was zelfs helemaal geen politie aanwezig. De politieke wildernis van Bosnië heeft niet alleen tot gevolg dat de verschillende veiligheidsdiensten niet goed kunnen samenwerken, ze willen dat ook niet.

Een Bosnische moslim houdt zijn dochter vast tijdens het gebed in een kleine moskee in Gornja Maoca.
Een Bosnische moslim houdt zijn dochter vast tijdens het gebed in een kleine moskee in Gornja Maoca.© Reuters

Zo waarschuwt Milorad Dodik, president van de Servische deelrepubliek, constant voor de toenemende dreiging van islamisering en kondigde hij onlangs – en niet voor de eerste keer – een referendum aan om SIPA, de speciale veiligheidsdienst van Bosnië, de bevoegdheid te ontnemen om mensen te arresteren in zijn gebied. Volgens sommige analisten gebruiken de Servische en Kroatische politici het moslimfundamentalisme alleen maar om hun eigen separatisme te bekrachtigen. Daar zou het werkelijke probleem van Bosnië liggen, niet bij de radicale islam. Door dit soort politieke strubbelingen is de kans hoe dan ook groter dat bepaalde ontwikkelingen in het terrorisme niet worden opgemerkt.

‘Feit is dat de meeste Syriëstrijders uit de shariadorpen komen. Je kunt ze dus niet als ongevaarlijk bestempelen’, zegt Jasmin Ahic, terrorisme-expert aan de Universiteit van Sarajevo. ‘Maar het is overdreven te beweren dat Bosnië een veilige haven voor terroristen is geworden. De helft van de bevolking in dit land is moslim, maar we beschouwen onszelf als Europese moslims die zich thuis voelen in een seculiere staat en absoluut niet onderworpen willen worden aan een strengere versie van de islam.

De Saudische gemeenschap heeft na de oorlog veel geïnvesteerd in dit land, ze heeft talloze moskeeën gebouwd en in zekere zin haar stempel op de samenleving gedrukt. Maar ik ben ervan overtuigd dat de Bosnische moslims nooit akkoord zullen gaan met hun religieuze ideologie. Net daarom denk ik niet dat de shariadorpen meer voet aan de grond zullen krijgen.’

Partner Content