Oktober 2012. Om Halloween en de verjaardag van haar vijfjarige dochter te vieren, versiert Julie Keith haar huis in Damascus, Oregon. Uit een kast diept ze een twee jaar eerder bij winkelketen Kmart gekocht attribuut op: een met roet bewerkt kruis met een doodshoofd.
...

Oktober 2012. Om Halloween en de verjaardag van haar vijfjarige dochter te vieren, versiert Julie Keith haar huis in Damascus, Oregon. Uit een kast diept ze een twee jaar eerder bij winkelketen Kmart gekocht attribuut op: een met roet bewerkt kruis met een doodshoofd. Er valt een briefje uit de verpakking, handgeschreven, in het Engels en Chinees. 'Als u toevallig dit product hebt gekocht', zo luidt de aanhef, "gelieve deze brief dan door te sturen naar de Wereld Mensenrechten Organisatie. Hier worden duizenden mensen door de Chinese Communistische Partij vervolgd. Ze zullen u dankbaar zijn en zich u eeuwig herinneren.' Onthutst neemt Keith contact op met mensenrechtenorganisaties, de Amerikaanse douane en Kmart. Uiteindelijk stapt ze naar een plaatselijke krant, die het nieuws eind december 2012 uitbrengt. De volgende dagen wordt ze door alle grote Amerikaanse media geïnterviewd en springt ook de internationale pers op de kar. En zo las de naar Canada uitgeweken Chinese regisseur Leon Lee over de brief. 'Wat me intrigeerde,' zo vertelde hij onlangs tijdens een bezoek aan het Europees Parlement in Brussel, 'was dat hij afkomstig was uit Masanjia, een berucht strafkamp in Noordoost-China. Voor mijn debuutfilm Human Harvest, over de illegale transplantaties van organen van gevangenen, had ik tal van ex-gedetineerden uit dat kamp geïnterviewd. Ze getuigden over gruwelijke omstandigheden en systematische martelingen. Alleen een heel bijzonder individu kon erin zijn geslaagd om brieven naar buiten te smokkelen. Bovendien maakte dit verhaal duidelijk dat je de mensenrechtenschendingen in China niet kunt afdoen als een ver-van-mijn-bed-show. Ze bereiken zelfs Amerikaanse huiskamers.' Simpel zou het niet worden. Het duurde drie jaar vooraleer Lee via zijn netwerk van ondergrondse contacten uitkwam bij Sun Yi, een vijftigjarige technicus en Falun Gong-beoefenaar. De man had zich in 1998 aangesloten bij die toen nog legale spirituele beweging, die elementen uit het boeddhisme combineert met beginselen uit de traditionele Chinese energieleer qi gong. Toen Falun Gong een jaar later werd verboden, ving een repressiecampagne aan. Vele tienduizenden Chinese burgers verdwenen zonder enige vorm van proces voor één of twee jaar naar strafkampen. Het was met Sun niet anders: vanaf 1999 werd hij meer dan tien keer opgepakt. In 2008 - het jaar van de Olympische Spelen in Peking - werd het beleid nog verstrakt. Er kwamen beloningen tot 5000 yuan (500 euro) voor het aangeven van veronderstelde Falun Gong-leden. Sun belandde in Masanjia en raakte ook zijn vrouw kwijt. Zij werd voor een simpele keuze gesteld: als ze weigerde van hem te scheiden, verloor ze haar baan en kreeg ook haar broer grote problemen. 'Het is een succesvolle vorm van psychische terreur', zegt Lee. 'De meeste Chinese activisten zijn bereid veel op te offeren voor hun idealen, maar zodra hun geliefden hun worden ontnomen of onder hun engagement lijden, slaat de twijfel toe.' In Masanjia deelde Sun een krappe cel met dertig anderen. Na enige maanden kwam hij bij het 'achtste team' terecht, dat zogenaamd aan 'geestenwerk' deed. De gevangenen maakten van 4 uur 's ochtends tot 11 uur 's avonds Halloween-attributen. Toen hij zag dat de spullen voor de export bedoeld waren, besloot Sun zijn kans te wagen. 'Ik wist dat het risico op ontdekking groot was,' zo vertelt hij in Letter from Masanjia, 'maar ik moest minstens proberen om de wereld te vertellen over het onrecht dat ons werd aangedaan.' Tegen de tijd dat de Amerikaanse huisvrouw zijn bericht vond, was Sun al twee jaar vrijgelaten. Hij woonde weer samen met zijn ex-vrouw in Peking en probeerde onder de radar te blijven. Van de ontdekking van zijn brief was hij wel degelijk op de hoogte: zoals zovele miljoenen landgenoten wist Sun de internetcensuur met een technologisch handigheidje te omzeilen en las hij dagelijks buitenlandse media. Het nieuws maakte hem bang maar ook blij, want zijn brief zou uiteindelijk bijdragen tot de afschaffing van het systeem van 'hervorming door arbeid'. Sun noemt het in de film 'de eerste dominosteen die kantelde'. Vier maanden na de internationale media-aandacht publiceerde het Chinese blad Lens een groot verhaal over Masanjia. Het tijdschrift werd gecensureerd maar de verbolgenheid op Chinese chatsites bleef groot. De overheid zag zich genoodzaakt om te handelen en kondigde eind 2013 de sluiting aan van de kampen. Tienduizenden gevangenen kwamen vrij. 'Maar dat betekende natuurlijk niet het einde van de illegale detentie van dissidenten, activisten, mensenrechtenadvocaten of Falun Gong-beoefenaars', aldus Sun. 'Er zijn nu gewoon andere manieren: geheime, zwarte gevangenissen of reguliere celstraf.' Toen Leon Lee in 2016 contact met hem opnam, was Sun meteen bereid om aan zijn film mee te werken. 'Hij wist wie ik was', vertelt Lee. 'Hij had mijn debuutfilm in een clandestien circuit gezien. Het probleem was dat ikzelf niet meer naar China terug kon - sinds Human Harvest word ik op officiële sites een landverrader genoemd. Het kwam erop aan om Sun zelf te laten filmen en de regie van een afstand te sturen.' 'Het gros van de beelden werd met een iPhone gemaakt: dat leek ons de veiligste verborgen camera. Sun wilde graag getuigen. Hij bezocht de beulen van het voormalige strafkamp en legde in zelfgetekende animatiescènes uit hoe het leven daar was.' 'Tegelijk wisten we dat het een riskante onderneming was. Wie het aan de stok krijgt met de Chinese staat mag zijn leven lang verscherpt toezicht, ondervragingen en eventuele arrestaties verwachten. Bovendien werd het maatschappelijke klimaat almaar grimmiger. Alle bekende activisten en mensenrechtenadvocaten waren onderhand opgepakt. En hoelang zou het duren vooraleer de overheid erachter kwam dat Sun de auteur van de brief was?' In november 2016 hoorde Sun van de aanhouding van Jiang Tianyong, de man die ook zijn zaak had verdedigd, en van de huiszoekingen bij zijn familieleden. Hij besloot onder te duiken en op termijn naar het buitenland te vluchten. Begin 2017 kon hij naar Indonesië ontkomen, waar Julie Keith, de vindster van zijn bericht, hem bezocht. Leon Lee: 'Voor mij is dat de belangrijkste scène van de film, een ware ode aan de menselijke solidariteit. Een bewijs ook van het nut van internationale actie. Als Julie niet had gereageerd, bestonden de kampen wellicht nog altijd. Is de repressie daardoor verminderd? Geenszins. Via technologieën als gezichtsherkenning is de algemene controle juist gigantisch opgevoerd. En tegelijk bewijst Letter from Masanjia dat geen enkel systeem waterdicht is.' Voor Sun is het niet goed afgelopen. Korte tijd na zijn ontmoeting met Keith werd hij in Jakarta door een Chinese geheim agent benaderd. 'Waren ze hem op het spoor gekomen doordat hij een interview had gegeven aan een Amerikaans-Chinese dissidente zender? Ik wilde niet dat hij nog met de media sprak en probeerde een visum voor Canada te regelen. Nog voor dat rond was, overleed Sun in verdachte omstandigheden, in oktober 2017. Ons verzoek om een autopsie te laten uitvoeren, werd geweigerd. De dag na zijn overlijden was hij al gecremeerd. Merkwaardig, niet?'