Irak maakt een opening om ter plaatse te oordelen over Belgische IS-strijders, op basis van een juridisch mechanisme dat meerdere garanties biedt. Dat zegt althans vicepremier Alexander De Croo (Open VLD) naar afloop van een besloten vergadering over het thema in de rand van de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties.

België en andere Europese landen zijn reeds een tijd bezorgd over het lot van hun landgenoten die als IS-strijders misdaden gepleegd hebben en vastgehouden worden in Irak en Syrië. De Belgische regering is voorstander om hen in de regio te berechten, bij voorkeur in Irak en met financiële steun en juridische bijstand.

'Deze 'foreign fighters' hebben ervoor gekozen om België te verlaten. Het is cruciaal dat gerechtigheid geschiedt uit menselijk oogpunt en dat van de slachtoffers. Het is ook belangrijk voor de stabilisering van de regio en Irak', verklaarde de Open VLD-minister.

Zonder dat met zoveel woorden te zeggen, lijkt de regering deze mensen die voor terrorisme gekozen hebben liever niet terug op het Belgisch grondgebied te zien.

Er blijven meerdere opties mogelijk, gaande van een internationale jurisdictie tot plaatselijke rechtbanken gesteund door de landen van oorsprong van de verdachten.

Maar volgens Alexander De Croo zijn er garanties nodig met betrekking tot het engagement van België tegen de doodstraf. Volgens de minister is er van Iraakse kant 'een opening' voor een mechanisme.