Acht van de 44 Amerikaanse presidenten lieten het leven tijdens hun ambtstermijn. Sommigen overleden aan een hersenbloeding, een beroerte of een banale ziekte. Maar 'vermoord worden' staat met stip op nummer 1 als voornaamste doodsoorzaak van presidenten in functie: niet minder dan vier presidenten werden het slachtoffer van een dodelijke aanslag.