Het is gemakkelijker om problemen te beheersen dan om ze op te lossen. Dat geldt ook voor de Europese Unie. Tien jaar geleden werd de EU geconfronteerd met een van de grootste economische schokken uit haar geschiedenis. Dankzij de geldverruiming van de Europese Centrale Bank is een implosie toen afgewend. Maar het onderliggende probleem is niet verdwenen: de kloof tussen sterke en zwakke landen. Daarop volgde de vluchtelingencrisis. Onder meer door Turkije af te kopen is de toestroom afgenomen, maar de problemen langs de zuidelijke buitenrand van de Unie blijven zich opstapelen: geweld, armoede én de catastrofale gevolgen van de klimaatopwarming. Europa heeft zich alleen een adempauze gekocht.
...

Het is gemakkelijker om problemen te beheersen dan om ze op te lossen. Dat geldt ook voor de Europese Unie. Tien jaar geleden werd de EU geconfronteerd met een van de grootste economische schokken uit haar geschiedenis. Dankzij de geldverruiming van de Europese Centrale Bank is een implosie toen afgewend. Maar het onderliggende probleem is niet verdwenen: de kloof tussen sterke en zwakke landen. Daarop volgde de vluchtelingencrisis. Onder meer door Turkije af te kopen is de toestroom afgenomen, maar de problemen langs de zuidelijke buitenrand van de Unie blijven zich opstapelen: geweld, armoede én de catastrofale gevolgen van de klimaatopwarming. Europa heeft zich alleen een adempauze gekocht. Het grote werk ligt nog voor ons. De Europese burgers voelen dat. De meesten van hen zijn nog steeds gewonnen voor Europese samenwerking, maar ze vinden ook dat Europa te weinig resultaten boekt. In dat opzicht kan het geen kwaad dat er nu wat meer kritische stemmen in het Europees Parlement te horen zullen zijn. De kritiek mag dan soms gratuit zijn, het is wel zo dat het Europese project in de Brusselse bubbel jarenlang al te gemakzuchtig als een gegeven werd beschouwd. Dat er nu voor Europa geknokt moet worden, is niet eens zo slecht. Brussel is gebaat bij meer empathie en temperament. Europa mag er zijn burgers ook kordater op wijzen dat de kortzichtigheid van de lidstaten onze veiligheid en welvaart ondergraaft. Als ik een eigen strijdplannetje zou mogen indienen, dan luidt mijn eerste aanbeveling dat het allemaal wat soberder en beschaafder mag. De lonen en onkostenvergoedingen moeten echt bescheidener. Je kunt die gewoon niet verantwoorden tegenover de burger die steeds maar te horen krijgt dat hij moet bezuinigen. Het kan ook met minder Eurocommissarissen. Tezelfdertijd mag de Europese wijk wel wat meer cultuur, trots en identiteit uitstralen. Ten tweede is het nu echt zaak het gewicht van minstens vierhonderd miljoen consumenten te gebruiken om een duurzame en humane vierde industriële revolutie uit te rollen. We hebben die opstoot van productiviteit hard nodig. We moeten ademruimte geven aan ondernemers die in duurzaamheid, innovatie, nieuwe materialen of nieuwe energiebronnen investeren. En door een dapper handelsbeleid moeten we voorkomen dat spelers elders profijt trekken van vervuiling en uitbuiting. De markt van morgen moet onze waarden weerspiegelen, en dat geldt ook voor ons handelsbeleid. Mét de Wereldhandelsorganisatie als het kan, zonder als het moet. Productiviteit brengt ons bij een derde aanbeveling: de eerlijke verdeling van de baten. Europa moet voorkomen dat grote technologiereuzen de markt monopoliseren. Bedrijven als Google en Facebook moeten worden opgeknipt. Multinationals zullen een belangrijke bijdrage blijven leveren aan de groei, maar het moet afgelopen zijn met belastingparadijzen. De gelijkschakeling van de vennootschapsbelasting kan een eind helpen maken aan de fiscale race naar de bodem tussen de lidstaten. Hetzelfde geldt voor sociale standaarden: als we een Europa van waardigheid willen bouwen, moeten we verder streven naar gelijk loon voor gelijk werk op dezelfde plaats. Men zou ook sociale bijdragen moeten betalen in het land waar men werkt.Op het vlak van het buitenlands beleid wordt het Marshallplan voor Afrika en het Midden-Oosten een kwestie van leven of dood. Als we niet meer bijdragen aan de stabiliteit en ontwikkeling van die regio, zullen de gevolgen qua onveiligheid en migratie voor de komende generaties ondraaglijk worden. Europa zal ook een eigen koers moeten uitstippelen, tussen China en de VS in. Het is niet omdat we gefrustreerd zijn over Donald Trump dat we in de armen van Xi Jinping moeten lopen. Europa moet ook meer investeren in militaire technologieën. Anders ontnemen we de volgende generatie de kans om in zekere mate een strategische autonomie te behouden.Tot slot zou ik de landbouw durven toe te voegen: de grootste investeringspost van de EU, goed voor zestig miljard euro per jaar. We moeten snel de omslag maken naar een landbouweconomie met meer toegevoegde waarde: goede producten, maar ook mooie cultuurlandschappen en trotse boeren. Het zal moeilijk worden. We hebben de voorbije tien jaar een grote crisis afgewend maar te weinig gedaan om een nieuwe crisis te voorkomen. En toch moeten we erin blijven investeren, in dat Europese project. Niet om de lokale verscheidenheid te verdringen, maar om de culturele veelzijdigheid net meer de kans te geven om tot uiting te komen.