In fotografie gaat het veelal om esthetiek, compositie, interpretatie, techniek en in enkele gevallen om engagement. De Nederlandse fotograaf Cas Oorthuys (1908-1975) verenigde al die elementen en nochtans was hij niet voorbestemd om fotograaf te worden. Hij studeerde af als bouwkundig tekenaar en kwam terecht in de typografie waar hij onder meer Willem Sandberg, de latere directeur van het Stedelijk museum in Amsterdam, op zijn pad vond.
...

In fotografie gaat het veelal om esthetiek, compositie, interpretatie, techniek en in enkele gevallen om engagement. De Nederlandse fotograaf Cas Oorthuys (1908-1975) verenigde al die elementen en nochtans was hij niet voorbestemd om fotograaf te worden. Hij studeerde af als bouwkundig tekenaar en kwam terecht in de typografie waar hij onder meer Willem Sandberg, de latere directeur van het Stedelijk museum in Amsterdam, op zijn pad vond. Van huize uit werd hij streng gereformeerd opgevoed maar eens op eigen benen koos hij voor een zachte vorm van anarchisme, zeg maar communisme. Hij dacht en voelde links en werd toen aangetrokken door de esthetische experimenten van de avant-garde kunstenaars uit de jonge Sovjet-Unie. Hun schilderkunstige, grafische werken en foto's die tot het Westen doordrongen betekenden een ware revelatie omdat die totaal braken met de premissen van de toenmalige westerse opvattingen.Oorthuys belande in de fotografie via de typografie, hij volgde lessen en gebruikte zijn opgedane kennis om foto's aanvankelijk te integreren in zijn ontwerpen. Maar al snel ontdekte hij de kracht van het fotografische beeld en ging zich voltijds op de beeldexpressie toeleggen. Zijn linkse opvattingen hebben hem de weg gewezen naar een engagement, een sociale bekommernis die zijn hele oeuvre heeft doordesemd. Daarmee liep ook, parallel, een sterke liefde voor zijn land in al zijn aspecten en, niet te vergeten, een grote aandacht voor het "mooie" beeld. Al zijn foto's zij er van doordrongen en op gebaseerd maar ook alle aspecten van het maatschappelijk leven heeft hij er in vastgelegd als een getuigenis en, in bepaalde omstandigheden, als een aanklacht.Terwijl hij overdag met zijn Leica het dagelijks leven in Nederland capteerde werkte hij 's avonds in zijn atelier aan portretten van zijn vrienden die nog altijd superieur zijn in het genre. Maar dat rustige huiswerk contrasteerde met het werk dat hij overdag realiseerde. Hij trok door het land en fotografeerde Nederlandse landschappen, industriële zones, landbouwers en werklieden en het leven van elke dag. Maar wel op een superieure manier. Vaak legde hij de nadruk op sociale toestanden die toen al aan de orde waren.In mei 1940 werd alles anders ook voor Oorthuys. Het centrum van Rotterdam werd door de Duitse luchtmacht platgelegd en de nazitroepen werden een deel van het leven. Fotograferen werd een riskante zaak maar kon de fotograaf niet weerhouden om, ongemerkt, belastende beelden te registreren. Hij sloot zich aan bij het verzet en verleende zijn medewerking, onder meer voor het vervalsen van identiteitspapieren, het huisvesten van Joden en het distribueren van vlugschriften. Tot hij werd opgepakt en versast naar het kamp van Amersfoort, tussenstation voor een reis naar de Duitse uitroeiingskampen. Na drie maande kwam hij vrij en dook definitief onder.Eens de oorlog voorbij herbegon de fotograaf zijn tocht door Nederland en bezong beeldend de wederopbouw afgewisseld met buitenlandse reizen die hij, meestal in opdracht, ondernam naar Nederlands Indië, Belgisch Congo en Oost-Europa. Hij was ook present bij het proces van Nürnberg waar hij een heel mooi gecomponeerd beeld schoot van de nazi ex-regeringscommissaris voor Nederland, Arthur Seyss-Inquart.Het secuur bijgehouden beeldarchief van Cas Oorthuys dat nu in het Nederlands Fotomuseum bewaard wordt omvat een half miljoen vintage prints en 442 albums met contact afdrukken. Uit dit archief, dat nu historisch is, putte het Nederlands Fotomuseum om er een boeiende tentoonstelling mee te maken. Originele afdrukken wisselen af met voorbeelden van rigoureus bijgehouden authentieke vellen uit het archief van de fotograaf. Het is een hulde aan een belangrijke en geëngageerde Nederlandse fotograaf uit het interbellum. Zijn werk is helemaal anders dan dat van landgenoten Eva Besnyö of Ed van der Elsken om maar die te noemen. Zijn sociaal engagement dat zich had gevormd vanaf zijn jonge jaren en dat hij vertolkte via invloeden uit de Russische avant-garde en gelijklopende strekkingen evolueerde naar enerzijds een fotografie bedacht vanuit een maatschappelijke gedrevenheid en anderzijds naar een esthetiek die de schoonheid van land en volk uitbeeldde. Historisch gezien is hij een van de belangrijkste Nederlandse fotografen en, los van het feit dat zijn oeuvre gedateerd kan zijn, blijft hij een lovenswaardig kunstenaar die de vergelijking, mutaties mutandis, kan doorstaan met internationale vedetten als Robert Capa of Cartier-Bresson of William Klein die hij bewonderde. Hij had evenwel een eigen beeldtaal ontwikkeld op het kruispunt van klassieke esthetiek en sociale gedrevenheid. Zijn foto's zijn niet louter te bekijken als mooie prenten maar doen, retrospectief, nog altijd nadenken over de evoluties in het leven van de gewone mensen. Het is geen kleine verdienste.