Deze week vindt in Davos het Wereld Economisch Forum plaats, een bijeenkomt waar toppolitici en bedrijfsleiders elkaar ontmoeten om over het lot van de wereld te discussiëren. Naar jaarlijkse gewoonte publiceert Oxfam op hetzelfde moment een rapport over de wereldwijde ongelijkheid.
...

Deze week vindt in Davos het Wereld Economisch Forum plaats, een bijeenkomt waar toppolitici en bedrijfsleiders elkaar ontmoeten om over het lot van de wereld te discussiëren. Naar jaarlijkse gewoonte publiceert Oxfam op hetzelfde moment een rapport over de wereldwijde ongelijkheid.Dit jaar pakte Oxfam uit met een heel opmerkelijke statistiek waarmee het onder andere The Guardian en The New York Times haalde. De acht rijkste mensen zouden evenveel bezitten als de armste helft van de wereldbevolking. Maar klopt dat cijfer?De acht rijkste mensen hebben volgens Oxfam 425 miljard dollar. Dat is natuurlijk maar een schatting. Niemand, inclusief de miljardairs zelf, kan exact zeggen hoeveel ze bezitten, omdat de waarde van vastgoed, grondstoffen en aandelenkoersen dagelijks fluctueert.Toch is dat cijfer een goede indicatie. Oxfam baseert zich op de schattingen van het tijdschrift Forbes. En ook al klagen sommige miljardairs dat Forbes hun fortuin over- of onderschat, experten zijn het erover eens dat de berekeningen betrouwbaar zijn.Wel moeten er twee belangrijke kanttekeningen bij geplaatst worden. Forbes lijst alleen de superrijken op van wiens fortuin het een redelijke schatting kan maken. Bij de acht rijkste mensen zitten voornamelijk Amerikaanse miljardairs zoals Bill Gates (75 miljard dollar) of Mark Zuckerberg (44.5 miljard dollar) omdat zij er een behoorlijk doorzichtige boekhouding op nahouden. Figuren zoals de Russische president Vladimir Poetin worden niet opgelijst, ook al zou Poetin volgens sommige onderzoekers 70 miljard euro bezitten. Maar omdat de omvang van zijn fortuin allerminst transparant is, laat Forbes hem buiten beschouwing.Daarnaast is Forbes enkel geïnteresseerd in individuen en daarmee laat het heel wat rijkdom buiten beschouwing. Zo is een familie zoals de Waltons - de eigenaars van de winkelketen Walmart - collectief rijker dan Gates of Zuckerberg. Ondanks die beperkingen is de claim van Forbes, en dus Oxfam, dat de acht rijkste mensen 425 miljard dollar bezitten een goed en geloofwaardig uitgangspunt.Of die acht miljardairs even rijk zijn als de vijftig procent armsten is twijfelachtiger. Oxfam heeft immers een te grimmig beeld van de armoede in de wereld.De vraag is wat en hoe je meet. Oxfam baseert zich op het Global Wealth Databook, een rapport van de Zwitserse bank Credit Suisse. Dat definieert rijkdom als wat iemand bezit, min zijn of haar schulden.Maar hoeveel schulden iemand heeft, zegt niet noodzakelijk veel over zijn rijkdom, of toch niet zoals wij dat concept doorgaans begrijpen.De Amerikaanse student die aan Harvard wordt opgeleid om een goedbetaalde advocaat te worden, maar daarvoor een grote studielening moet aangaan, is volgens de statistieken van Oxfam arm. Hij is zelfs armer dan een Nigeriaan die geen schulden heeft, maar nauwelijks voldoende te eten heeft.Oxfam is zich bewust van die kritiek en maakt ook een berekening waarin het de schuldenberg niet meetelt. Dan bezitten niet de 8, maar de 56 rijkste mensen ter wereld evenveel als de armste 50 procent. Een forse nuancering, maar niettemin blijft het een spectaculair cijfer. Bovendien is de ongelijkheid gestegen. Vorig jaar waren er nog 62 rijken nodig om het vermogen van de armste 50 procent te evenaren.Maar ook die benadering wordt door heel wat economen in vraag gesteld. Enkel rekening houden met iemands huidige vermogen is te beperkt. Want ook zonder zijn schulden, blijft de Amerikaanse rechtenstudent volgens de cijfers van Oxfam arm. Hij heeft immers nog geen job en dus niet de kans gehad om een eigen vermogen op te bouwen. Met zijn toekomstige inkomen houdt Oxfam geen rekening.Daar knelt het schoentje, zeker voor landen als China of India die zich sterk ontwikkelen en een relatief jonge bevolking hebben. In die landen is de economie de afgelopen decennia fors gegroeid en de verwachting is dat dat zich zal doorzetten.Jonge Chinezen en Indiërs zullen daarom in de toekomst aanzienlijk rijker zijn dan vandaag, zeker omdat de Wereldbank voorspeld heeft dat de lonen de komende decennia sneller zullen stijgen dan vroeger. Bovendien zullen zij sneller stijgen dan het kapitaal, waardoor de ongelijkheid eerder zal afnemen dan toenemen.Oxfam heeft gelijk als het zegt dat de wereldwijde ongelijkheid enorm is. Maar de stelling dat de acht rijkste mensen evenveel hebben als de vijftig procent armsten is moeilijk te onderbouwen. Het eigen meer genuanceerde cijfer dat het om de 56 rijksten gaat, is correcter. Toch is ook dat cijfer eerder pessimistisch omdat het geen rekening houdt met het toekomstige inkomen van de talloze jonge mensen in zich ontwikkelende landen.