Volgens de aanklacht wilde Richard Holzer de synagoge Temple Emanuel in zijn woonplaats Pueblo, zo'n 150 km ten zuiden van Denver, vernietigen. Het parket schrijft in een communiqué dat de feiten gekwalificeerd kunnen worden als een 'haatmisdrijf' en tevens voldoen aan de criteria van 'binnenlands terrorisme'. Bij een veroordeling riskeert de verdachte een maximumstraf van twintig jaar cel.

Holzer, die zichzelf beschouwt als een skinhead en blanke racist, bracht verschillende keren een bezoek aan Temple Emanuel om er onder andere de joodse gelovigen te observeren. Hij verklaarde aan enkele FBI-agenten die undercover waren dat hij iets wilde doen om duidelijk te maken aan de joden dat ze niet welkom waren in Pueblo en dat ze moesten vertrekken of anders zouden sterven, luidde het in een communiqué.

De verdachte vertelde verschillende malen aan de agenten dat hij de joden haatte en dat hij voorstander was van een 'heilige rassenoorlog'. Ook liet hij doorschemeren dat hij explosieven wilde gebruiken tegen de synagoge om 'die plaats van de kaart te vegen'. Net voor hij werd opgepakt, hadden de undercoveragenten hem dynamietstaven gegeven, waarna hij te kennen gaf dat hij daarmee enkele uren later de synagoge wilde opblazen.