Het aandeel vrouwen in tijdelijke banen in de EU in 2017 (14 pct) lag iets hoger dan het percentage mannen (13 pct). Het totale aandeel tijdelijke werknemers in 2017 was het hoogste in Spanje (26,4 pct) en Polen (25,8), gevolgd door Portugal (21,5) en Kroatië (19,9), en was het laagst in Roemenië (1,2 pct), Litouwen (1,6), Estland (2,8) en Letland (2,9).

Het aandeel deeltijdse werknemers in de EU steeg van 15 procent in 2002 tot 19 procent in 2017. Deeltijds werken kwam in 2017 veel vaker voor bij vrouwen (31 pct) dan bij mannen (8 pct). Het grootste aandeel deeltijdwerkers telt Nederland (47 pct), gevolgd door Oostenrijk (28), Duitsland (27), België en het Verenigd Koninkrijk (beide 24). De laagste percentages deeltijds werkenden waren te vinden in Bulgarije (2 pct), Hongarije (4) en Kroatië (5).

Het aandeel vrouwen in tijdelijke banen in de EU in 2017 (14 pct) lag iets hoger dan het percentage mannen (13 pct). Het totale aandeel tijdelijke werknemers in 2017 was het hoogste in Spanje (26,4 pct) en Polen (25,8), gevolgd door Portugal (21,5) en Kroatië (19,9), en was het laagst in Roemenië (1,2 pct), Litouwen (1,6), Estland (2,8) en Letland (2,9). Het aandeel deeltijdse werknemers in de EU steeg van 15 procent in 2002 tot 19 procent in 2017. Deeltijds werken kwam in 2017 veel vaker voor bij vrouwen (31 pct) dan bij mannen (8 pct). Het grootste aandeel deeltijdwerkers telt Nederland (47 pct), gevolgd door Oostenrijk (28), Duitsland (27), België en het Verenigd Koninkrijk (beide 24). De laagste percentages deeltijds werkenden waren te vinden in Bulgarije (2 pct), Hongarije (4) en Kroatië (5).