Opinie

‘Toekomstgerichte gemeenten zijn het kind van de rekening’

‘Creëren van bijkomende open ruimte moet beloond worden, niet afgestraft’, schrijft Steven Vermeulen, schepen van Ruimtelijke Ordening in Begijnendijk. ‘100 miljoen euro per jaar. Dat ligt er op tafel. Dit lijkt een trendbreuk te veroorzaken, maar is dat ook het geval?’

Sinds het woord ‘betonstop’ viel – later omwille van verkoopargumenten omgedoopt tot ‘bouwshift’ -werd er paradoxaal genoeg nog nooit zoveel gebouwd. Want bouwpromotoren en overijverige eigenaars willen zo snel mogelijk nog gronden tot ontwikkeling brengen voor de regels verstrengen.

Het gaat dan niet enkel om het proberen aansnijden van woonreservegebieden, maar veelal ook om terreinen in woongebied in het buitengebied waar de ontwikkelaar graag nog in tweede orde zou bouwen. In het verleden gebeurde dit toch ook, nietwaar? Waarom de regels en cours du route veranderen?

In kleinere gemeenten, waar de afstand tot de burger, omwille van de schaalgrootte van haar grondgebied en inwonersaantal, niet al te groot is, ligt het vaak moeilijk om doortastende maatregelen te nemen op het gebied van ruimtelijke ordening. Meer inwoners betekent meer inkomsten voor de gemeente. En hoe ga je plots de regels strikter interpreteren als je vreest dat je bij de volgende gemeenteraadsverkiezingen de rekening zal gepresenteerd krijgen.

Een kader ontwikkelen dan maar, zodat de regels zo uniform mogelijk zijn. Een woonkwaliteitsplan, een gemeentelijk stedenbouwkundige verordening, een beleidsmatig gewenste ontwikkeling. Allemaal instrumenten die de overwerkte omgevingsambtenaar moeten helpen om zijn taak te verlichten.

Toekomstgerichte gemeenten zijn het kind van de rekening.

Aangezien deze beleidsinstrumenten er niet van vandaag op morgen zijn, gaan we grotere projecten al beoordelen waarbij een kwaliteitskamer als ondersteuning een houvast kan bieden. Nieuwe inzichten sijpelen de gemeente binnen: geen of zo min mogelijk insteekwegen toelaten, de densiteit van bebouwing in het buitengebied drastisch gaan inperken, verdichten in de centrumgebieden en het niet meer toelaten van halfopen bebouwingen, op kleine kavels in woongebieden buiten de dorpscentra. Om die mooie groene gebieden met elkaar te verbinden, zetten we verder in op de ontwikkeling van een beleidskader rond trage wegen.

Niet alleen gaan we buurtwegen herwaarderen, lees: openstellen. Ook publiekrechtelijke erfdienstbaarheden van doorgang die meer dan dertig jaar in gebruik zijn, gaan we erkennen of proberen erkennen als gemeentewegen. Zo ontstaat een netwerk waar iedereen beter van wordt.

Iedereen? Neen, nu niet direct. Op sociale media spuien misnoegde eigenaars al hun gal. Gewijzigd beleid raakt immers eigenaars rechtstreeks in hun portemonnee. En de discussie rond trage verbindingen lijkt in eerste instantie eerder poorten te sluiten dan wegen te openen.

Er wordt gewezen op foute beslissingen uit het verleden die dan voor gedupeerde eigenaars een precedent zijn om toch maar te bouwen op niet-gewenste plaatsen.

De hogere overheid neemt niet het voortouw, wat jammer is. Meer nog, de gemeente die toekomstgericht beslissingen doorvoert, krijgt hiervoor niet de nodige steun. De bouwshift, die voornamelijk betrekking heeft op woonreservegebieden, helpt hier onvoldoende bij.

Waarom stelt de hogere overheid niet consequent dat insteekwegen in het buitengebied in woongebied in de ruime zin niet gewenst zijn, dat het bouwen in tweede orde van woongebied in buitengebieden in de ruime zin moet worden vermeden en dat de densiteit daar moet afgestemd zijn op haar omgeving.

De gemeente die haar verantwoordelijkheid neemt, wordt daar vooralsnog niet voor beloond. De hogere overheid moet het verlies aan potentiële bouwgrond, doordat bouwrechten op niet gewenste plaatsen niet gemaximaliseerd kunnen worden, minstens voor een deel compenseren. Zeker in een overgangsfase.

En dat mag wat kosten. Er zal meer nodig zijn. En dat vergt moed.

Steven Vermeulen is schepen van Ruimtelijke Ordening gemeente Begijnendijk. Hij schrijft deze bijdrage in eigen naam.

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier

Partner Content