'Maai Mei Niet is incontournable.' Niet wij zeggen dat, maar Hans De Beule, directeur Groen & Begraafplaatsen van de stad Antwerpen. 'Maai Mei Niet is de beste actie ooit.' Ook dat komt niet uit onze mond, maar uit die van tuinier en televisiemaker Wim Lybaert, in een video van VRT-vlogger Linde Merckpoel. 'Zonder acties als Maai Mei Niet was de toestand catastrofaal.' Dat vond dan weer de voorzitter van de Vlaamse imkersbond, die op Radio 1 en in De Standaard liet optekenen dat tot een kwart meer bijen stuifmeel meebracht naar zijn bijenkasten. 'België geeft een goed voorbeeld met Maai Mei Niet', vindt de Nederlandse organisatie Steenbreek. Vlaams minister van Leefmilieu Zuhal Demir (N-VA) stuurde tijdens het Bloementelweekend een persbericht uit om deel- en initiatiefnemers 'uitdrukkelijk te bedanken'. CD&V- voorzitter Joachim Coens schreef op Knack.be het opiniestuk 'Waarom Maai Mei Niet ecologie weer sexy maakt'.
...

'Maai Mei Niet is incontournable.' Niet wij zeggen dat, maar Hans De Beule, directeur Groen & Begraafplaatsen van de stad Antwerpen. 'Maai Mei Niet is de beste actie ooit.' Ook dat komt niet uit onze mond, maar uit die van tuinier en televisiemaker Wim Lybaert, in een video van VRT-vlogger Linde Merckpoel. 'Zonder acties als Maai Mei Niet was de toestand catastrofaal.' Dat vond dan weer de voorzitter van de Vlaamse imkersbond, die op Radio 1 en in De Standaard liet optekenen dat tot een kwart meer bijen stuifmeel meebracht naar zijn bijenkasten. 'België geeft een goed voorbeeld met Maai Mei Niet', vindt de Nederlandse organisatie Steenbreek. Vlaams minister van Leefmilieu Zuhal Demir (N-VA) stuurde tijdens het Bloementelweekend een persbericht uit om deel- en initiatiefnemers 'uitdrukkelijk te bedanken'. CD&V- voorzitter Joachim Coens schreef op Knack.be het opiniestuk 'Waarom Maai Mei Niet ecologie weer sexy maakt'. 'Maai Mei Niet was een groter succes dan verwacht, ja.' Dat zegt professor Ecologie en Natuurbehoud Koenraad Van Meerbeek (KU Leuven). Hij maakt wél deel uit van de Maai Mei Niet-coalitie, waarin naast Knack ook nog de Bond Beter Leefmilieu, Velt en Het Ministerie voor Natuur zitten. Van Meerbeek analyseerde vorige week alle resultaten van het Bloementelweekend. Wat hij te zien kreeg, stemde hem gelukkig. 'Meer dan 6200 mensen schreven zich in, zo'n 2200 mensen hebben ook hun telresultaten doorgegeven. Samen werd zo'n 145 hectare tuingazon ingevoerd. Het bewijst wat we met Maai Mei Niet wilden aantonen: heel veel kleine snippers maken een groot geheel. Zeker in Vlaanderen, dat voor 10 procent uit tuinen bestaat en slechts 3 procent uit natuurgebied. 145 hectare is naar Vlaamse normen een groot natuurreservaat.' Al die mensen kregen een persoonlijke nectar- score. Die drukt uit hoeveel nectarsuiker één vierkante meter ongemaaid gazon dagelijks produceert en ook hoeveel bijen je daarmee elke dag te eten geeft. Maar het effect van Maai Mei Niet is veel groter dan wat de analyse van de telresultaten doet vermoeden, merkt Van Meerbeek op. 'Naast de mensen die zich inschreven zonder mee te tellen, deden er ook veel mee zonder zich in te schrijven.' Dienst- mededeling: het invoeren van de telresultaten werd overigens verlengd wegens succes. De persoonlijke nectarscores die binnenkwamen na dinsdag 1 juni 13 uur werden niet meer meegeteld in de nationale nectarscore. En de 'En mai, tonte à l'arrêt'-actie van ons zusterblad Le Vif loopt deze week af. Wat is het effect van de eerste editie van Maai Mei Niet? 'Alle Maai Mei Niet-gazons samen produceerden elke dag 56 kilogram nectarsuiker. Een dagelijks buffet voor iets meer dan 5 miljoen bijen.' De voorzitter van de Vlaamse imkersbond Philip Duts is overtuigd van de impact, zei hij op Radio 1: 'Als ik kijk naar mijn kasten, zie ik dat haast iedere bij stuifmeel aan haar poten heeft hangen. Voordien kwam 70 tot 80 procent van de bijen binnen met stuifmeel. Nu is dat al 95 procent.' Insectenexpert Wim Veraghtert van Natuurpunt, die de Maai Mei Niet- insectenlijst opstelde, is zeker dat ook wilde insecten en bijen baat hadden bij de actie. 'Dat kun je niet in cijfers uitdrukken, omdat het over wilde beestjes gaat. Maar dat alle beetjes helpen, staat buiten kijf. En Maai Mei Niet was echt wel meer dan een beetje.' Ook al zag Veraghtert op sociale media, waar flink werd gepost met #maaimeiniet, dat mensen niet de hele maand hun grasmachine op stal hielden. 'Velen konden zich niet bedwingen om toch paadjes te maaien of de randjes te doen. Dat is absoluut niet erg, integendeel. Want zo creëer je verschillende lengtes gras en dus verschillende habitats. Het korte, regelmatig gemaaide gras levert voedsel, in lang gras vinden insecten beschutting en waardplanten, planten waarop ze hun eitjes leggen.' Er was één kleine domper op de feestvreugde: mei was, net zoals maart en april, zo'n 2 graden kouder dan normaal, aldus het KMI. Dat resulteerde bij veel Maai Mei Niet-deelnemers in sappige graspartijen zonder veel bloemen. Het artikel 'Waarom heb ik amper bloemen in mijn gazon?' werd bijzonder veel gelezen op Knack.be. 'Deze mei had sinds 1991 het laagste aantal lentedagen, dagen van minstens 20 graden', zegt Van Meerbeek. 'Meteorologisch gezien was deze meimaand de slechtste in 30 jaar tijd om Maai Mei Niet te lanceren (lacht). Dat bleek uit de resultaten: de gemiddeld ingegeven vierkante meter gazon produceerde 31 milligram nectarsuiker per dag. Een stuk lager dan de 40 milligram bij No Mow May, het Britse initiatief waarop Maai Mei Niet is geïnspireerd.' Niet alleen waren er minder bloemen, ook bloeiden de echte nectarkampioenen veel minder. 'Witte klaver, gewone brunel en gewone rolklaver staan bij No Mow May elk jaar in de top vijf, bij ons bungelen ze helemaal achteraan. Dat maakt het verschil tussen 31 en 40 milligram nectarsuiker per dag.' Poppoll tussendoor. De meest getelde bloem, met 69.545 exemplaren op de in totaal 187.500 getelde bloemen, is het madeliefje. 'Het bloempje doet daarmee zijn wetenschappelijke naam alle eer aan', zegt Van Meerbeek. 'Bellis perennis kun je vertalen als "mooi het hele jaar". Het madeliefje ondervindt minder hinder van koude en kan het hele jaar door bloeien.'De absolute nectarkampioen van Maai Mei Niet 2021 is... de paardenbloem. In een uitzending van De wereld van Sofie op Radio 1 over Maai Mei Niet deed pelousefreak en The Sky Is the Limit-personaliteit Harry Schurmans minnetjes over de 'paardenblom' die zijn met de schaar bijgeknipte biljartlaken verstoort. Wie wél iets kent van de biodiversiteitscrisis en beseft hoe groot het belang is van bestuivers voor mensen, weet nu zeker dat de paardenbloem meer respect verdient. 'Voor alle tuinen samen produceerde de paardenbloem gemiddeld zo'n 11 milligram nectarsuiker per dag', zegt Van Meerbeek. 'Dat is evenveel als de rest van de top vijf samen: kruipend zenegroen, gewoon biggenkruid, gewone margriet en hondsdraf.' Van Meerbeek hoopt dat Maai Mei Niet meer 'bloementolerantie' kan creëren: 'Laten we wat toleranter zijn voor "onkruid". Verschillende deelnemers gaven aan dat ze pas maaiden als de buren begonnen te klagen. Hopelijk kunnen we ook die buren overtuigen om niet meer te klagen tegen wie meer leven wil in de tuin. Waarom draaien we het niet om? Laten we onze buren er vriendelijk op aanspreken dat er zo weinig leven zit in hun tuin.' Bij openbare besturen maken en merken ze de omslag. Een milieuambtenaar stuurde, vergezeld van lachende smileys, dat 'na eeuwen van een roodgloeiende telefoon omdat het gras te lang is, er nu eindelijk verontwaardiging is omdat het te kort is'. Er was opvallend veel enthousiasme bij lokale overheden om mee te doen aan Maai Mei Niet. Liefst 60 steden en gemeenten schreven zich in. Samen lieten ze 853,16 hectare openbaar gazon ongemaaid, ofwel meer dan 8,5 miljoen m2 - die bleven trouwens grotendeels uit de berekening van de nationale nectarscore. Dat zijn bijna 44.000 tennisvelden of meer dan 1200 keer het Koning Boudewijnstadion. 'Het bewijst', zegt Heleen De Smet, beleidsmedewerker bij de Bond Beter Leefmilieu, 'hoe snel lokale besturen kunnen schakelen en welke impactvolle rol ze kunnen spelen in de klimaat- en milieuproblematiek.' Volgens Hans De Beule speelt Maai Mei Niet op een positieve en concrete manier in op een urgente nood. 'Ideaal om burgers te sensibiliseren. Of het groen niet wat netter onderhouden kan worden, is nog altijd een veelgehoorde klacht. Tegelijk zijn wij allang bezig met een meer ecologisch groenbeheer. Je moet de bevolking tijd geven om daarin mee te stappen. De tijdsgeest verandert, en als mensen zien dat het anders kan, dan verandert de norm.' De Stad Antwerpen finaliseerde eind mei haar nieuwe grasplan, waarin de focus verschuift van intensief maaien naar extensief. Ze greep het Bloementelweekend aan om al haar operationele groenmedewerkers op pad te sturen. 100 duo's brachten elk een openbaar gazon in kaart. 'Er waren verbluffende nectarscores, maar ook ontnuchterende. Dat zullen we gebruiken om ons maaibeleid bij te sturen, zodat we op lange termijn en structureel zorgen voor meer eten voor bijen en andere bestuivers.' De Beule zag ook de positieve impact op zijn medewerkers. 'Dit brengt meer teweeg dan droge opleidingen. Er werd over nagepraat in de kantine en hun kennis is sterk bijgespijkerd. Ze kennen de 18 planten op de telfiche nu goed. Heel belangrijk, want je kunt pas houden van iets wat je kent.' Er zijn verschillende stadia van competentie, legt De Beule uit. 'De eerste fase is die van de onbewuste incompetentie, daarna komt de bewuste incompetentie, gevolgd door bewust competent en uiteindelijk onbewust competent. Maai Mei Niet bracht ons in fase twee en drie. We zien nu waar het beter kan, welke kennis we nog missen. Als we daar bijsturen, dan komen we in de volgende fase terecht. Op den duur zullen we het van nature helemaal juist doen.' De Antwerpse groendienst volgt ook rondleidingen bij Bart Backaert, diensthoofd van de Aalsterse groendienst. Hij is de godfather van het ecologisch groenbeheer in Vlaanderen. Ook hij deed mee aan Maai Mei Niet, met verrassend resultaat: 'We ontdekten twee zeldzame bloemen in stukjes gazon die we normaal altijd maaien: de gulden boterbloem en een brede orchis. Die laatste is heel bijzonder in gazon. En die vonden we nu zomaar, tussen de madeliefjes, in het stadspark.' Die bloemen zitten waarschijnlijk al jaren te wachten om eens te kunnen bloeien, denkt ecologisch tuinaannemer Frederik Houssin. Hij is voorzitter van Het Ministerie voor Natuur en de man die in 2020 met een opiniestuk op Knack.be over No Mow May de kiem legde voor Maai Mei Niet. 'Telkens werden ze de kop afgemaaid. Als een stad die uitblinkt in ecologisch maaibeheer dat resultaat haalt, wat staat andere steden dan niet allemaal te wachten?' Door de Maai Mei Niet-ervaring past de Aalsterse groendienst zijn bestekken aan: er zal voortaan minder worden gemaaid, in de hoop dat er nog zeldzame planten en dieren zullen opduiken. Ook Oudenaarde, een van de eerste steden die op de kar sprong, is dat van plan, zegt burgemeester Marnic De Meulemeester (Open VLD). 'We nemen in onze aanbestedingen voor het eerst nadrukkelijk zones op met een lagere maaifrequentie. Bij nieuwe projecten zullen we nog zelden voor gras kiezen.' Maai Mei Niet speelde een rol in deze omslag, pikt schepen van Openbaar Groen John Adam (Open VLD) in. 'We zijn als bijenvriendelijke gemeente veel bezig met biodiversiteit, maar zetten in mei een tandje bij door 80 procent van ons openbaar gazon niet te maaien. Dat is zo'n 23,1 hectare. Het resultaat? Nectarscore A. Wij produceerden in mei elke dag nectar voor 2000 bijen. Niet slecht voor een zone die tot Maai Mei Niet altijd als gazon werd beheerd.' Oudenaarde gaat verder op dat elan, zegt De Meulemeester. 'De grotere gazonzones die tijdens de actiemaand weelderig mochten groeien, zullen ook de komende jaren niet langer als gazon beheerd worden. We gaan de bodem eerst verarmen door het gras vier keer per jaar te maaien en het maaisel af te voeren, wat meer groeikansen geeft aan kruiden. We voorzien wel nog netheidsstroken van een halve meter langs straatboorden en wandelpaden.' Ook Roeselare, zo liet schepen Michèle Hostekint (Vooruit) vorige week weten aan VRT NWS, ziet in de deelname aan Maai Mei Niet de eerste opstap naar een ander maaibeleid. De bijzondere vondst in Aalst en de hoge nectarscores van gemeenten als Oudenaarde, zetten Houssin aan het denken. 'Overheden mogen al jaren niet meer sproeien. Daardoor zijn er veel bloemen aanwezig in de openbare gazons. Die kregen nu, misschien voor het eerst sinds lang, de kans om te bloeien.' Particulieren mogen wél nog sproeien. Ofwel doen ze het zelf met middelen zonder glyfosaat ofwel laten ze het doen door een tuinaannemer met een fytolicentie. 'Noem dat gerust een licence to kill voor het leefmilieu', zegt Houssin. 'Sproeien voor een onkruidvrij gazon zou je eigenlijk moeten verbieden. Het is totaal overbodig en bijzonder slecht voor het bodemleven. Als alles dood is onder de grasmat, blijf je zitten met een zeer duur en arbeidsintensief gazon, dat van jou alles moet krijgen wat het nodig heeft, van mest over verticuteren tot water geven.' Hoewel in het federaal regeerakkoord staat dat de regering een 'ambitieus reductieplan voor pesticides' wil realiseren, is minister van Landbouw David Clarinval (MR) niet te vinden voor een verbod. 'Iedereen gaat anders om met zijn gazon. De één wil er een speelplek voor kinderen van maken, de ander een plek vol biodiversiteit. Iedereen moet de vrijheid blijven hebben om zijn eigen doel met gezond verstand te realiseren.' Niet alleen lokale besturen geven aan dat Maai Mei Niet zal resoneren in de toekomst, zegt professor Koenraad Van Meerbeek. '72 procent van de deelnemers zag meer leven in de tuin door minder te maaien. En 92 procent wil ook in de toekomst minder maaien. Ik hoop echt dat ze dat zullen doen. Want niet alleen in mei hebben de bestuivers onze gazons nodig.' Veraghtert treedt hem bij. 'Álle insecten varen hier wel bij. Als mensen ook na mei wat minder gaan maaien, zien we hopelijk ook een effect tijdens onze Vlindertelling van 3 tot 25 juli.' Uit de resultaten valt ook nog af te leiden wie werd bereikt met Maai Mei Niet. 'We vroegen elke deelnemer hoe vaak hij of zij normaal maait. Weinig verrassend: de bulk maait om de 2 à 3 weken. Dat komt in de buurt van wat volgens No Mow May de ideale maaifrequentie is voor een optimale nectarproductie: om de 3 à 4 weken. Zij leerden in 2019 dat dat tot tien keer meer bijen oplevert in je gazon dan elke week maaien.' Van Meerbeek vond geen significante verschillen tussen die Vlaamse maairegimes. 'Wellicht zit ook daar het koude weer voor iets tussen. Neem nog eens witte klaver, een heel goede nectarproducent, die nu amper bloeide door de koude. Die tref je normaal aan in heel veel gazons die je twee-, drie- of vierwekelijks maait. Dat zal de piek in nectarproductie van de Britten wellicht verklaren.' Een kleine 300 deelnemers, toch zo'n 15 procent, gaven aan dagelijks of wekelijks te maaien. 'Het is fijn dat zij ook deelnamen, want zij kunnen nog veel beter scoren. Wekelijks en zeker dagelijks maaien is echt niet goed voor de biodiversiteit. Een paadje elke week maaien is geen probleem, maar probeer de rest van je gazon maar om de 2, 3 à 4 weken te maaien.' Mensen die al minder maaien en toch een lage nectarscore kregen, hoeven niet bezorgd te zijn, besluit Van Meerbeek. 'Als zij door heel weinig te maaien andere plantensoorten krijgen, zoals margriet, knoopkruid en beemdkroon, dan dragen zij absoluut ook bij aan een robuustere biodiversiteit. Omdat ze dan meer verschillende en meer speciale soorten krijgen, die andere insecten aantrekken.'