Met zijn vrij grote postuur - hij is onze grootste steltloper - en zijn lange kromme bek, waarmee hij diep in een vochtige bodem beestjes oppikt, is de wulp een opvallende verschijning, ondanks zijn weinig exuberante, bruingespikkelde verenkleed. Zijn zang is mooi, met lange fluitende trillers. Maar als je hem wilt zien, moet je goed weten waar gezocht, want de wulp is ook een zeldzame verschijning.
...

Met zijn vrij grote postuur - hij is onze grootste steltloper - en zijn lange kromme bek, waarmee hij diep in een vochtige bodem beestjes oppikt, is de wulp een opvallende verschijning, ondanks zijn weinig exuberante, bruingespikkelde verenkleed. Zijn zang is mooi, met lange fluitende trillers. Maar als je hem wilt zien, moet je goed weten waar gezocht, want de wulp is ook een zeldzame verschijning. In ons land broedt de wulp bijna uitsluitend in de Kempen. Het aantal broedkoppels wordt op 500 geraamd en blijft al decennialang min of meer stabiel. De vogel heeft zijn broedbiotoop wel moeten aanpassen. Vroeger broedde hij in natte heidegebieden. Nu die schaars zijn geworden, want ontgonnen om plaats te maken voor landbouw, is hij doorgaans een broedvogel in nattere weiden en graslanden. Buiten het broedseizoen gedraagt hij zich helemaal anders. Onze broedvogels trekken naar kustzones in het zuiden. Ze worden vervangen door vogels uit het noorden, tot ver in Rusland toe, die hier komen overwinteren, langs de kust en in de polders. Het aantal overwinteraars in ons land wordt op 7000 geschat. De vogels kunnen goed geteld worden op slaapplaatsen, waar vele honderden dieren samen de nacht doorbrengen om beter beschermd te zijn. Dat klinkt allemaal nogal gunstig, en toch heeft de wulp het moeilijk. Een rapport in het onlinemagazine Vogelnieuws van het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek toont aan dat wulpen, zoals de meeste weidevogels, weinig jongen grootbrengen. Gelukkig leven ze vrij lang - ze kunnen twintig jaar oud worden - zodat ze zich een aantal mislukte broedsels kunnen veroorloven. Als grondbroeders zijn wulpen gevoelig voor predatie, onder meer door vossen. Een probleem van een andere orde is dat er in Frankrijk massaal op trekkende wulpen - onze broedvogels, dus - geschoten wordt, vooral op stranden waar jagers de dieren met houten lokvogels naar hun geweren lokken. Elke winter zouden er zo'n 7000 wulpen worden afgeschoten: dat is evenveel als ons winterbestand. Het is ergerlijk en frustrerend dat een vogelsoort waar wij zo veel inspanningen voor leveren elders gewoon voor het plezier uit de lucht wordt gehaald. In Nederland, waar meer dan 4000 wulpenkoppels broeden en meer dan 200.000 vogels overwinteren - sommige jaren passeert de helft van de wereldpopulatie van de soort er -, wordt de situatie als zo ernstig beschouwd dat 2019 er uitgeroepen is tot Jaar van de Wulp. Omdat hij zowel weidevogel als kustvogel is, wordt de wulp twee keer bedreigd. Volgens Vogelbescherming Nederland heeft hij dringend hulp nodig. Anders dan bij ons is in Nederland het (veel hogere) broedbestand de laatste twintig jaar gehalveerd. Intensief gebruikte weilanden tot extensief begraasde en wat nattere graslanden omvormen is een manier om die negatieve trend te keren. Dat zou ook bij ons nuttig kunnen zijn om het broedbestand uit te breiden. Anders wordt de soort nog meer dan nu verplicht om op akkers te gaan broeden. Net als met andere akkerbroeders loopt dat dikwijls mis. Ook elders in Europa neemt het bestand van de soort af. Dat wordt onder meer toegeschreven aan een gebrekkige bescherming tijdens de trek. Het is dus grotendeels de schuld van de jagers.