Weinig vissers zullen iets hebben met de riviergrondel, hoewel hij een van de algemeenste visjes in onze beken en rivieren moet zijn. Hij is wel vrij klein - hij wordt zelden veel groter dan 10 centimeter - en leeft vooral op de bodem. Met de baarddraden die hij in zijn mondhoeken heeft hangen, speurt hij die bodem af naar de slakjes en andere zanddiertjes waarvan hij doorgaans leeft.
...

Weinig vissers zullen iets hebben met de riviergrondel, hoewel hij een van de algemeenste visjes in onze beken en rivieren moet zijn. Hij is wel vrij klein - hij wordt zelden veel groter dan 10 centimeter - en leeft vooral op de bodem. Met de baarddraden die hij in zijn mondhoeken heeft hangen, speurt hij die bodem af naar de slakjes en andere zanddiertjes waarvan hij doorgaans leeft. De riviergrondel is overwegend groen-blauw-grijs gekleurd, met een rij donkere vlekken op elke flank. Onderaan is hij lichter. Dat is een camouflagemechanisme: als een aanvaller onder hem naar boven kijkt, ziet hij hem niet goed tegen het lichtere wateroppervlak. Dat veel vissen op hun rug donker zijn, is toe te schrijven aan het omgekeerde effect: van boven ziet een visser ze minder gemakkelijk tegen de donkere bodem. Dat mechanisme belet niet dat de riviergrondel de favoriete vis van onze ijsvogels is. Niet te sterk gecamoufleerd, soms in grotere scholen levend en redelijk actief: hij lijkt wel gemaakt om de prooi van de ijsvogel te zijn. Ook zijn afmetingen zitten goed: niet te groot en toch groot genoeg om telkens een flinke hap te vormen voor een ijsvogel of zijn jongen. Over het gedrag van de riviergrondel is weinig boeiends te melden. Vrouwtjes lossen hun eitjes in aanwezigheid van meerdere mannetjes, die er dan hun zaad over spuiten, zodat het 'legsel' waarschijnlijk door meerdere exemplaren bevrucht wordt. De eitjes worden meegenomen in de stroming tot ze ergens op de bodem blijven steken om te rijpen en jonge grondeltjes te worden. Bioloog Bart Slootmaekers van de Universiteit Antwerpen en zijn collega's hebben zich gebogen over riviergrondels in rivieren in (vooral) de oostelijke helft van Vlaanderen. Ze zochten naar microplastics in hun spijsverteringsstelsel. Plasticvervuiling wordt een enorm probleem voor veel dieren op aarde, omdat steeds meer soorten grote hinder ondervinden van plastic dat ze per ongeluk binnenkrijgen. Er zijn ook microplastics: deeltjes met een diameter van minder dan 5 millimeter die een afbreekproduct van plastic zijn en in kleinere onderdelen van een ecosysteem kunnen binnendringen, zoals riviergrondels.De resultaten, gepubliceerd in het vakblad Environmental Pollution, vielen al bij al mee: amper 9 procent van de onderzochte riviergrondels had microplastics in zijn lichaam (meestal slechts één bolletje). Van de vijftien onderzochte Vlaamse rivieren waren er vier waarin microplastics in de vissen gevonden werden: de Dijle, de IJse, de Velpe en de Wimp - drie Vlaams-Brabantse plekken en één Antwerpse, dus. In Limburg waren de onderzochte vissen nog plasticvrij. De mate van besmetting heeft ongetwijfeld te maken met de dichtheid van de menselijke aanwezigheid in de buurt. Grotere vissen krijgen grotere stukken plastic binnen. Strandstruiner Hans De Blauwe van Natuurpunt liet in een natuurbericht weten dat hij onlangs op het strand van Zeebrugge een dode zeebaars van een halve meter had gevonden. Een 14 centimeter lang scherp stuk plastic, mogelijk een deel van een botervlootje, zat dubbelgevouwen in zijn 7 centimeter lange maag. Het had zijn doodvonnis betekend.