De nieuwe Vlaamse Regering pakte er recent mee uit: verschillende domeinen en sectoren, van cultuur over jeugd en armoedebestrijding tot bedrijfssubsidies zouden het voortaan met 'minder meer' moeten doen. Het bekt goed, dat 'minder meer', maar wat betekent het concreet?

De Universiteit Gent heeft het Vlaamse regeerakkoord en de bijbehorende meerjarenbegroting grondig geanalyseerd. De resultaten van die oefening hebben we eerst met onze raad van bestuur en vervolgens binnen onze universitaire gemeenschap gedeeld. Ik deel ze nu met u.

Véél meer doen met 'minder meer' is onmogelijk.

Eerst het goede nieuws: van bijna 292 miljoen euro in 2019 stijgt de basistoelage van onze universiteit in 2020 naar 302 miljoen euro. Die stijging is het gevolg van enerzijds een indexering van het loongedeelte van de basistoelage (die we zullen moeten aanwenden om te kunnen voldoen aan onze verplichting om salarissen te indexeren) en anderzijds van een zogenaamde 'klik', waarmee de Vlaamse overheid de basistoelage laat meegroeien met de evolutie van het aantal studenten. Ook vanuit het beleidsdomein Wetenschap en Innovatie zijn bijkomende middelen te verwachten maar er is nog geen duidelijkheid over de omvang ervan.

Helaas schuilt in de meerjarenbegroting 2020-2024 veel minder goed nieuws. Waar het loongedeelte van onze toelagen nog geïndexeerd wordt, laat het regeerakkoord uitschijnen dat die aanpassing aan de stijging van de levensduurte in het werkingsgedeelte van onze toelagen níet zal verrekend worden. Daardoor lopen we jaarlijks en cumulatief 700.000 euro mis. De niet-indexering van het werkingsgedeelte van onze toelagen is overigens een oud zeer: sinds 2008 hebben de Vlaamse universiteiten samen hierdoor niet minder dan 293 miljoen euro mislopen.

De kliks voor 2021 en 2023 werden geschrapt. Voor de UGent betekent dit vanaf 2021 jaarlijks 5 miljoen euro en vanaf 2023 jaarlijks 10 miljoen euro minder inkomsten dan decretaal werd vooropgesteld.

Om de vroegere masteropleidingen van de hogescholen (bv. vertaler/tolk of industrieel ingenieur) die in 2013 werden geïntegreerd in de universiteiten, als volwaardige universitaire opleidingen te kunnen financieren, was een financieel groeipad tot 2023 uitgetekend. Het groeipad wordt nu "gemilderd". Lees: de decretaal voorziene opstap in 2021 wordt uitgesteld, wat voor de UGent neerkomt op een structureel verlies van 2,7 miljoen tot 4,8 miljoen euro.

Door het "overslaan van opstappen" in de onderzoeksfinanciering zal ook het Bijzonder Onderzoeksfonds van de UGent het met minder moeten doen dan de Vlaamse overheid eerder in het vooruitzicht had gesteld: min 24 miljoen euro voor de periode 2020-2024.

De Vlaamse Regering stelde dat ze niet echt snijdt in een aantal uitkeringen, subsidies en toelagen maar wel 'minder meer' toekent. "Van 100 naar 108 i.p.v. de afgesproken 110 is nog wel iets anders dan van 100 naar 95," zei minister Diependaele daarover. Hij heeft gelijk maar vertelt hiermee slechts een deel van de feiten. Want ook dit zijn feiten: de UGent telt momenteel 46.442 studenten; in het academiejaar 2010/11 waren dat er 35.818. Dat zijn er niet 'een beetje meer' en evenmin 'minder meer'. Het zijn er simpelweg 'véél meer'.

Ook die ruim 10.000 extra studenten hebben recht op kwalitatief hoogstaand onderwijs; dat kan niet zonder de inzet van extra mensen en middelen. Ook die ruim 10.000 extra studenten willen we in goed uitgeruste aula's en laboratoria ontvangen; dat kan niet als de investeringstoelage van de Vlaamse overheid amper 22% van de reële investeringsnoden van de universiteiten dekt. Ook die ruim 10.000 extra studenten willen we klaarstomen voor de uitdagingen van de toekomst. Digitalisering, artificiële intelligentie, duurzaamheid, vergrijzing, ondernemerschap, diversiteit, verstedelijking, internationalisering, ...: het wordt terecht opgesomd in het Vlaamse regeerakkoord. Met het oog op die uitdagingen kan Vlaanderen niet tevreden zijn met wat 'minder meer'.

'Vlaanderen heeft geen andere grondstoffen dan zijn hersencellen', stelt het regeerakkoord. 'Kennis en kunde, innovatie en ontwikkeling zijn essentieel voor welvaart en welzijn van onze gemeenschap.' Het is een analyse waarmee ik het volkomen eens ben. En waaruit ik alleen maar kan besluiten dat we als ambitieuze regio geen andere keuze hebben dan volop in te zetten op die hersencellen. Véél meer doen met 'minder meer' is onmogelijk.

De nieuwe Vlaamse Regering pakte er recent mee uit: verschillende domeinen en sectoren, van cultuur over jeugd en armoedebestrijding tot bedrijfssubsidies zouden het voortaan met 'minder meer' moeten doen. Het bekt goed, dat 'minder meer', maar wat betekent het concreet?De Universiteit Gent heeft het Vlaamse regeerakkoord en de bijbehorende meerjarenbegroting grondig geanalyseerd. De resultaten van die oefening hebben we eerst met onze raad van bestuur en vervolgens binnen onze universitaire gemeenschap gedeeld. Ik deel ze nu met u.Eerst het goede nieuws: van bijna 292 miljoen euro in 2019 stijgt de basistoelage van onze universiteit in 2020 naar 302 miljoen euro. Die stijging is het gevolg van enerzijds een indexering van het loongedeelte van de basistoelage (die we zullen moeten aanwenden om te kunnen voldoen aan onze verplichting om salarissen te indexeren) en anderzijds van een zogenaamde 'klik', waarmee de Vlaamse overheid de basistoelage laat meegroeien met de evolutie van het aantal studenten. Ook vanuit het beleidsdomein Wetenschap en Innovatie zijn bijkomende middelen te verwachten maar er is nog geen duidelijkheid over de omvang ervan.Helaas schuilt in de meerjarenbegroting 2020-2024 veel minder goed nieuws. Waar het loongedeelte van onze toelagen nog geïndexeerd wordt, laat het regeerakkoord uitschijnen dat die aanpassing aan de stijging van de levensduurte in het werkingsgedeelte van onze toelagen níet zal verrekend worden. Daardoor lopen we jaarlijks en cumulatief 700.000 euro mis. De niet-indexering van het werkingsgedeelte van onze toelagen is overigens een oud zeer: sinds 2008 hebben de Vlaamse universiteiten samen hierdoor niet minder dan 293 miljoen euro mislopen.De kliks voor 2021 en 2023 werden geschrapt. Voor de UGent betekent dit vanaf 2021 jaarlijks 5 miljoen euro en vanaf 2023 jaarlijks 10 miljoen euro minder inkomsten dan decretaal werd vooropgesteld.Om de vroegere masteropleidingen van de hogescholen (bv. vertaler/tolk of industrieel ingenieur) die in 2013 werden geïntegreerd in de universiteiten, als volwaardige universitaire opleidingen te kunnen financieren, was een financieel groeipad tot 2023 uitgetekend. Het groeipad wordt nu "gemilderd". Lees: de decretaal voorziene opstap in 2021 wordt uitgesteld, wat voor de UGent neerkomt op een structureel verlies van 2,7 miljoen tot 4,8 miljoen euro.Door het "overslaan van opstappen" in de onderzoeksfinanciering zal ook het Bijzonder Onderzoeksfonds van de UGent het met minder moeten doen dan de Vlaamse overheid eerder in het vooruitzicht had gesteld: min 24 miljoen euro voor de periode 2020-2024.De Vlaamse Regering stelde dat ze niet echt snijdt in een aantal uitkeringen, subsidies en toelagen maar wel 'minder meer' toekent. "Van 100 naar 108 i.p.v. de afgesproken 110 is nog wel iets anders dan van 100 naar 95," zei minister Diependaele daarover. Hij heeft gelijk maar vertelt hiermee slechts een deel van de feiten. Want ook dit zijn feiten: de UGent telt momenteel 46.442 studenten; in het academiejaar 2010/11 waren dat er 35.818. Dat zijn er niet 'een beetje meer' en evenmin 'minder meer'. Het zijn er simpelweg 'véél meer'.Ook die ruim 10.000 extra studenten hebben recht op kwalitatief hoogstaand onderwijs; dat kan niet zonder de inzet van extra mensen en middelen. Ook die ruim 10.000 extra studenten willen we in goed uitgeruste aula's en laboratoria ontvangen; dat kan niet als de investeringstoelage van de Vlaamse overheid amper 22% van de reële investeringsnoden van de universiteiten dekt. Ook die ruim 10.000 extra studenten willen we klaarstomen voor de uitdagingen van de toekomst. Digitalisering, artificiële intelligentie, duurzaamheid, vergrijzing, ondernemerschap, diversiteit, verstedelijking, internationalisering, ...: het wordt terecht opgesomd in het Vlaamse regeerakkoord. Met het oog op die uitdagingen kan Vlaanderen niet tevreden zijn met wat 'minder meer'.'Vlaanderen heeft geen andere grondstoffen dan zijn hersencellen', stelt het regeerakkoord. 'Kennis en kunde, innovatie en ontwikkeling zijn essentieel voor welvaart en welzijn van onze gemeenschap.' Het is een analyse waarmee ik het volkomen eens ben. En waaruit ik alleen maar kan besluiten dat we als ambitieuze regio geen andere keuze hebben dan volop in te zetten op die hersencellen. Véél meer doen met 'minder meer' is onmogelijk.