Een matras of ballenbad? Geen last te zwaar voor de fietskoerier: ‘We grijpen nog te snel naar auto’s’

© GF
Tine Hens
Tine Hens Journaliste voor Knack

‘Ieder pakje dat met een gewone bestelwagen wordt gedropt, is goed voor zo’n 500 gram extra CO2 in de atmosfeer’, zegt Sander Vandenberghe, CEO en oprichter van de grootste fietskoerierdienst in België. ‘Er is zo veel mogelijk met de fiets.’

25 procent. Het is een schatting, maar al wie er zich het hoofd over boog, vermoedt dat van alle leveringen door bestelwagens en vrachtwagens in steden er minstens een vierde per fiets kan gebeuren.

Fietskoeriers bezetten op dit moment slechts enkele procenten van de markt. Het groeipotentieel voor de fiets als pakjesdienst is met andere woorden enorm. Het is het gat waar Sander Vandenberghe tien jaar geleden met Cargo Velo in sprong. Hij had net zijn doctoraat als bio-ingenieur afgerond, had zich verdiept in het modelleren van extreme weerpatronen en uitzonderlijke neerslagfenomenen, maar de academische wereld bood hem te weinig praktische voldoening. Hij wilde met zijn voeten in het veld staan, wezenlijk een verschil maken en stiekem ook van zijn hobby zijn beroep maken.

Ieder pakket dat vervoerd wordt per fiets, scheelt in uitstoot, luchtvervuiling, lawaaihinder en congestie.

‘Ik was en ben een fervent fietser. Het is gewoon een feit dat er nog altijd veel autotransport, zeker in steden, kan omgezet worden in fietsvervoer. Ik beweer niet dat we met onze fietskoerierdienst de uitstoot van de transportsector, die goed is voor zo’n twintig procent van het totaal en jaar na jaar stijgt, helemaal kunnen terugdringen, maar we dragen wel een wezenlijk steentje bij. Ieder pakket dat vervoerd wordt per fiets, scheelt in uitstoot, luchtvervuiling, lawaaihinder en congestie. Bovendien helpen we ook om het gesprek te verschuiven. Tien jaar geleden werd er amper gepraat over duurzame stedelijke logistiek, dat is ondertussen wel anders. Al is er nog veel verbetering mogelijk.’

Van Wenen naar Gent

In andere landen had Vandenberghe gezien hoe fietsen met een laadplatform vooraan en eventueel een kar achteraan best in staat waren grootse dingen te vervoeren. Waarom zou wat elders kon niet in Belgische steden mogelijk zijn? ‘Flitskoerierdiensten bestonden al wel. Zij richtten zich op sneltransport van documenten’, vertelt Vandenberghe in de hangar langs de Leie in Gent waar Cargo Velo nog tot eind dit jaar onderdak vindt. ‘Maar voor grote pakketten was er amper een alternatief per fiets. In Brussel had je Dioxyde de Gambettes, met wie we nu ook samenwerken en in Namen en Bergen reden de koeriers van Coursier Wallon rond. We hebben bij elk van hen inspiratie gehaald.’

In de zomer van 2012 nam Vandenberghe met zijn toenmalige partner de trein naar Wenen om Heavy Pedals te bezoeken, een van de bedrijven die Vandenberghe inspireerde. Met twee cargofietsen fietsten ze terug naar Gent, een Truck en een Bullitt. De eerste is al even buiten dienst, de tweede rijdt nog steeds in Gent rond, al stond hij de voorbije negen maanden als pionier van de fietskoeriers tentoongesteld in het Gentse industriemuseum.

‘De Bullitt blijft onze voorkeurfiets. In Gent hebben we twaalf fietsen, allemaal Bullitts. Aanvankelijk waren ze allemaal niet elektrisch. Niemand van de koeriers wilde elektrisch fietsen. Dat had te maken met een soort eergevoel, we kunnen dat zelf, maar nu de vrachten steeds voller en zwaarder worden, wordt er wel eens naar een elektrisch model gegrepen. Zeker in Brussel met al zijn hellingen. Maar de keuze voor niet elektrisch heeft ook met duurzaamheid te maken. Gewone fietsen vergen minder onderhoud, zijn goedkoper en gaan minder snel stuk.’

Duurzaam werk

Duurzaamheid, maakt Vandenberghe geregeld duidelijk, reikt voor hem verder dan ‘uitstootvrij’ of ‘CO2-loos’. Duurzaamheid betekent voor hem ook dat je financieel zelfredzaam bent en dat je arbeidsplaatsen creëert die mensen een deftig loon en sociale bescherming bieden. Cargo Velo begon als een eenmanszaak. Vandenberghe regelde de bestellingen en leveringen vanuit de woonkamer van zijn huis en hij reed als enige rond. Maar hoe sterk de eenzame fietser ook is, hij kan niet meer pakjes aan dan in een dag en op zijn fiets passen. Een verdubbeling naar twee personen en een extra werknemer drong zich op.

‘Vanaf het begin hebben we ervoor gekozen mensen een vast contract te geven. Slechts in uiterste nood werken we met zelfstandigen in onderaanneming, maar dan nog zullen we hen een correcte vergoeding betalen. Voor ons is het de enige juiste keuze. We hebben onszelf nooit in de markt gezet als de goedkoopste, wel als een zeer betrouwbare en kwaliteitsvolle logistieke partner. Die kwaliteit kan je enkel bieden met vast personeel. Dan bouw je een band en vertrouwen op. Ik weet dat er in de logistiek veel uitbuiting en schijnzelfstandigheid is, dat de snelheid waarmee geleverd wordt doorweegt op het welzijn van chauffeurs. Wij willen dat onze mensen een fijne job hebben en een goed leven.’

Sander Vandenberghe
Veel transport binnen de stad kan met de fiets en we grijpen nog te snel naar auto’s.

Ballenbad en matras

‘Alles op de velo’, was het motto toen Cargo Velo tien jaar geleden uit de startblokken schoot. Het moest mogelijk zijn, meende Vandenberghe, om alle denkbare ladingen per fiets te vervoeren. ‘Eender wat je kan verzinnen, we hebben het al vervoerd. Een matras. Een ballenbad. Noem maar op. In het begin pakten we hier graag mee uit. We hebben nogal gestunt, ondertussen hebben we ook een beetje bijgestuurd. De overtuiging blijft overeind. Veel transport binnen de stad kan met de fiets en we grijpen nog te snel naar auto’s, of het nu bestelwagens op diesel of benzine zijn of elektrische wagens, maar de praktijk leert ook dat het efficiënter is om pakweg de biervaten van een brouwer in een bestelwagen te laden dan een per een per fiets af te leveren.’

‘We zullen zelf nooit elektrische bestelwagens aan ons fietspark toevoegen, we zijn en blijven een fietskoerierdienst, maar we werken wel samen met het elektrische deelwagenbedrijf Partago of City Depot. De eerste schakelen we in voor vervoer tussen de drie steden waarin wij opereren, de tweede om verschillende vrachten die niet efficiënt per fiets vervoerd kunnen worden in een wagen te passen.’

Van twee fietsen groeide Cargo Velo de voorbije jaren tot tientallen fietsen, van een woonkamer in Gent breidde het bedrijf uit tot drie locaties in drie steden, Gent, Antwerpen en Brussel. Van een wild idee in 2012 ontpopte Cargo Velo zich tot de grootste fietskoerierdienst in België. Ook het assortiment aan leveringen evolueerde gestaag. Terwijl Vandenberghe in het begin vooral geld verdiende met het vervoer van een zending of levering tussen twee lokale bedrijven – geboortekaartjes, catering, laboratoriumstalen -, kwam er de laatste jaren het vervoer over de ‘last mile’ bij.

Competitieve business

Het depot aan de stadsrand van Gent waar ze huizen, doet dienst als overslaglocatie van vrachtvervoer dat van elders komt waarna de koeriers van Cargo Velo de goederen verdelen tot in het hart van de stad.

‘Aanvankelijk waren dat kleinere klanten van de korte keten’, legt Vandenberghe uit. ‘De bioboer die hier zijn wekelijkse groentepakketten dropt, maar ondertussen is daar een bedrijf als Proximus bijgekomen. In Gent hebben we samen met City Depot een samenwerking opgezet met de stadsdiensten en de universiteit. Drie van hun gemeenschappelijke leveranciers zetten hun goederen af in ons depot en van daaruit kijken we wat met fiets kan of waarvoor we toch klassiek transport nodig hebben. Financieel is dat niet altijd evident. Wie achteraan de rij komt in de transportsector wordt nogal snel uitgeknepen. Wij proberen daar wel op onze strepen te staan en geen pakketten met verlies te leveren.’ Vandenberghe glimlacht. ‘Het is een competitieve business die niet op maat gesneden is van fietskoeriers met een vast contract.’

Dat laatste werd eens te meer duidelijk tijdens de coronacrisis en de lockdown. Omdat iedereen thuiswerkte, viel een groot deel van de transporten weg die Cargo Velo traditioneel deed. Ondertussen boomde de e-commerce. Bestelwagens reden af en aan om al de online bestellingen aan huis te brengen. ‘We hadden dat tot dan nooit gedaan’, vertelt Vandenberghe. ‘Maar hebben ons wel in dat gat gesmeten. Sinds de lockdown hebben we ingezet op de uitbouw van een pakjesdienst waarbij we net zoals bij onze andere leveringen mikken op kwaliteit en op mensen die minder belang hechten aan snel transport dan aan duurzaam transport. Er is veel greenwashing in de transportsector. Wij doen wat we zeggen en dat is onze kracht.’

Lege batterijen

‘Het goede nieuws is ook’, gaat hij verder. ‘dat het geloof in de fiets als professioneel vervoermiddel gestaag groeit. Hoe meer grote spelers kiezen voor de fiets voor hun leveringen, hoe sneller anderen hen na-apen. Er is zo veel mogelijk met de fiets. Onlangs zijn we voor Veolia beginnen rijden. We halen her en der de doosjes met lege batterijen op. Het is slechts een van de recyclagestromen in een stad en het merendeel van die stromen kan je per fiets vervoeren.’

Nog steeds zit Vandenberghe een paar keer per maand op de fiets om pakjes te leveren. Essentieel, noemt hij dat, om de voeling met het terrein te bewaren. ‘Toen ik tien jaar geleden uit de academische wereld stapte om – wat men wat lachend noemde – ‘pakjes per fiets te leveren’, waarschuwden sommigen me dat ik intellectueel onvoldoende geprikkeld zou worden. Ik kan enkel zeggen dat ik de voorbije jaren zaken nog geen dag verveeld ben geweest. Mijn droom was heel eenvoudig en klein. Ondertussen zijn we een beetje uit onze voegen gebarsten en weten we ook dat de grens van wat mogelijk is nog lang niet bereikt is.’

Al zijn er belangrijke hinderpalen. De perfecte locatie is er een van. Waar Cargo Velo zich nu bevindt, aan de stadsrand van Gent en toch op een boogscheut van het centrum, is zo’n perfecte locatie. Alleen wordt deze hangar binnenkort platgegooid om er appartementen op te bouwen.

In principe moet Cargo Velo tegen het einde van het jaar verhuizen. Voor de vierde keer al. ‘Het zou echt fijn zijn om een vaste plek te vinden’, vertelt Vandenberghe. ‘Het is een uitdaging in elk van de steden waar we werken: een strategisch gelegen uitvalbasis vinden die best met woonfuncties verweven kan worden. We zijn stil transport. Daadkrachtige politiek en creatieve projectontwikkelaars kunnen onze sector een stevige duw in de rug geven. Vijfhonderd vierkante meter voor fietstransport. Meer hebben we niet nodig.’ Hij glimlacht. ‘Ja, ook dat heb ik de voorbije jaren geleerd: lobbyen.’

Partner Content