Mensen als ik (die hopelijk niet in het meervoud bestaan) hebben de morbide neiging voortdurend achterom te kijken, met als gevolg dat we vol blauwe plekken zitten van het heden. Zo tuur ik vandaag naar de dageraad van 4 november 1956 en ontwaar de schimmen van duizend Russische tanks die Boedapest binnenrollen.
...

Mensen als ik (die hopelijk niet in het meervoud bestaan) hebben de morbide neiging voortdurend achterom te kijken, met als gevolg dat we vol blauwe plekken zitten van het heden. Zo tuur ik vandaag naar de dageraad van 4 november 1956 en ontwaar de schimmen van duizend Russische tanks die Boedapest binnenrollen. Voor me ligt een brief van wijlen mijn moeder, oorspronkelijk niet aan mij gericht, maar inmiddels wel. Een datering ontbreekt. Hij is afgestempeld op 8 november 1956, wat volgens de Wikipedia een donderdag was. De geadresseerde is Mr W. Barnard, c/o The Reverend F. Glendenning, St. Mary's Vicarage, Hull, Engeland. De eerwaarde Glendenning was een vriend van Philip Larkin, met wie mijn zelf-ook-dichtende vader in die dagen kennismaakte. Aan de telefoon kan hij zich niet meer herinneren of hij met Larkin over de politieke toestand gediscussieerd heeft, maar dat zal wel, want dichters onder elkaar plegen ontzettend veel van de wereldpolitiek te snappen. Ik weet niet of Larkin ook toen al die reactionaire pose aannam, waarin hij tien jaar later met een zekere wellust vijanden maakte (zijn beruchte gedicht When the Russian tanks roll westwards is van 1969), wel dat ikzelf van nature inclineer naar de rechterzijde, waar ik op de aanwezigheid van traditie en intellect hoop, meestal tevergeefs trouwens - iets wat ik dan weer corrigeer door beschaafd links te stemmen. 'Vanmiddag al kwam je kaartje uit Londen, dat je gistermiddag geschreven had. Je bent nu dus in Hull, maar was extra naar Londen gegaan vanwege de toestand. Zeker ook overleg gepleegd met The British Council? In elk geval heb je een bootkaartje, laten we vurig hopen dat je 't niet voortijdig hoeft te gebruiken. Of Boelganins dreigement het staakt-het-vuren van Engelse en Franse kant bewerkt heeft? Zonder iets van de Engels-Franse stap van vorige week goed te praten, moet me toch even van het hart dat de termen waarin Boelganin dit dreigement richtte door de duivel qua cynisme en duivelsheid en schijnheiligheid niet verbeterd zouden kunnen worden.'Bravo, mama! Ik heb nooit iemand gekend die zo furieus kon worden op wereldleiders als jij. Boelganin, à propos, was in de desbetreffende oudheid premier van dat smerige rijk der Sovjets. Zijn collega Anthony Eden had evenals de Franse regering troepen naar het Suezkanaal gestuurd toen president Nasser dat dreigde te nationaliseren. De Sovjets steunden Nasser. De invasie van Egypte was begonnen op 29 oktober; het staakt-het-vuren dateerde van 1 november. 'Ik zond vanavond de NRC van Maandag en Dinsdag naar je toe, bewaar ze als document. Wij hebben hier namelijk de indruk dat de tragiek van de Hongaren, die in meerdere landen felle reacties, maar in Nederland toch geloof ik de felste heeft veroorzaakt, door de Engelsen vrij onverschillig of liever gelaten is ondergaan. Of is die indruk verkeerd? Natuurlijk, de Engelsen hebben nooit een bezetting ondergaan en bij de Suezkwestie zijn ze nauwer betrokken dan wij, maar dat een dergelijk ontmaskerend verraad van de Sovjets, waarop bijvoorbeeld diverse Franse schrijvers waaronder Sartre en Simone de Beauvoir fel gereageerd hebben, geen andere dan lauwe reacties in Engeland zou hebben gewekt, lijkt me onvoorstelbaar. Je zult misschien vinden dat ik hier erg vol van ben, maar als je de beklemming Zondag en Maandag hier in 't land had meegemaakt zou je 't net zo voelen. Ik was niet goed in orde door de enorme spanning, ik had die dagen voortdurend maagpijn, en beklemming-van-binnen zoals vaak tijdens de Moffen en zelfs darmloop. Dat is niet belangrijk, maar geeft weer hoe we en iedereen hier erbij betrokken waren. Lees goed de kranten die ik stuurde. Kun je je een ontroerender briefje voorstellen dan gebonden aan de hals van een kind, dat alleen Oostenrijk in vluchtte, luidende: ZORG VOOR DIT KIND. WIJ VECHTEN DOOR. Denk eens aan je eigen kinderen! Ik zou verder hierover kunnen schrijven, maar laat ik ook nog over de dingen-van-ons-samen praten. Over gewone dingen en over de andere, die van ons-samen-alleen zijn.'Volgen twee kantjes over de dingen van hen-samen-alleen; en een postscriptum van daags nadien: 'Vanmorgen kwam je brief. Nu weet ik dat het gebeuren in Hongarije niet langs de Engelsen is heengegaan. Schat, ondanks de narigheid was ik toch met je brief blij. Omdat ik erin lees hoe je verbonden bent met mij, met de kinderen, juist ook in zo'n krankzinnige tijd als deze. Dag liefste. Dag mijn schat.'Twee dagen later moesten de Hongaren zich overgeven, maar mijn door de Moffen levenslang opgejaagde vader liet zijn gezin alsnog naar Engeland overkomen, waar we pas een maand eerder vertrokken waren. We logeerden drie weken lang in het Somerset House Hotel, 6 Dorset Square, London, N.W. 1. Dat adres schrijf ik over van een kasbon die ruim dertig jaar later uit de voering van een nooit meer gedragen bruinfluwelen jasje van mijn vader zou komen vallen - ik heb hem toen opgeraapt en als een talisman in mijn portefeuille gestopt. (Hij werkt beslist beter dan een konijnenpoot: een week later bezweek de Muur.) Bevreemdende era van mijn ouders, denk ik tegen mijn computer, waarop ik binnen een minuut het televisienieuws van de BBC van 4 november 1956 heb gevonden. De term internet is niet meer tot mijn moeder doorgedrongen. Of neem nu e-mail, waarvan ik het gevoel blijf houden dat het een heel lang lemma in het Woordenboek van Betreurenswaardige Verbeteringen verdient: de hemel heeft zoiets onvoorstelbaars en licht pornografisch als elektronisch briefverkeer tussen mijn ouders nog net weten te verhinderen, al scheelde het maar een half eeuwtje. Ik kijk naar het fijne, antediluviale handschrift van mijn moeder. Zo ziet een dodezeerol er dus uit. Benno Barnard