1 Vermijd schulden

Het is geen goed idee om een televisietoestel, gsm, auto, reis of trouwfeest te betalen op krediet. Vaak verliezen zulke consumentenproducten en diensten snel hun waarde. Een reis is zo achter de rug en een trouwfeest nog vlugger, maar de lening loopt wel nog een tijdje door. En niet zelden tegen een vrij hoog tarief. Toch wordt er vaak zo'n consumentenkrediet aangegaan. In 2012 stonden voor meer dan 21 miljard euro aan consumentenkredieten uit. Meer dan 300.000 van de consumentenkredietnemers slagen er vandaag niet in om dat op tijd af te betalen - en hun aantal groeit. Daarom bepaalde minister van Consumentenzaken Johan Vande Lanotte onlangs dat wie meer dan 1000 euro betalingsachterstand heeft, geen consumentenkrediet meer kan krijgen.
...

Het is geen goed idee om een televisietoestel, gsm, auto, reis of trouwfeest te betalen op krediet. Vaak verliezen zulke consumentenproducten en diensten snel hun waarde. Een reis is zo achter de rug en een trouwfeest nog vlugger, maar de lening loopt wel nog een tijdje door. En niet zelden tegen een vrij hoog tarief. Toch wordt er vaak zo'n consumentenkrediet aangegaan. In 2012 stonden voor meer dan 21 miljard euro aan consumentenkredieten uit. Meer dan 300.000 van de consumentenkredietnemers slagen er vandaag niet in om dat op tijd af te betalen - en hun aantal groeit. Daarom bepaalde minister van Consumentenzaken Johan Vande Lanotte onlangs dat wie meer dan 1000 euro betalingsachterstand heeft, geen consumentenkrediet meer kan krijgen. Een veel gehoorde regel is dat je het best minstens drie keer je maandloon op een spaarrekening aanhoudt. Dat geld kun je steeds onmiddellijk afhalen en dus gebruiken in noodgevallen of voor onvoorziene kosten. Ongeplande dokters- of ziekenhuisrekeningen dienen ook betaald te worden. De grootte van de buffer hangt natuurlijk af van je levensstijl. Sommige economen stellen dat je het best 30 procent van je kapitaal op een spaarboekje zet, anderen spreken van de ronde som van 40.000 euro. Er nog eens aan herinneren: een spaarrekening bij een Belgische bank wordt door de overheid gegarandeerd tot 100.000 euro. Je kijkt het best goed uit bij welke bank je een spaarboekje opent. Belangrijke criteria zijn de rente die geboden wordt en of de bank gezond is. Wie op zoek gaat naar de hoogste rente moet rekening houden met de basisrente en de getrouwheidspremie (rente die je krijgt als je geld minstens 12 maanden op een boekje staat). Gelukkig bestaan er sites zoals spaargids.be die een overzicht bieden, met alle haken en ogen die er aan een bepaald type spaarrekening verbonden zijn (bijvoorbeeld of er een minimumbedrag moet worden gespaard). De ene spaarrekening is dus de andere niet. De meeste grootbanken geven voor het klassieke spaarboekje vandaag dus in het totaal 0,60 procent rente (0,45 rente plus 0,15 getrouwheidspremie). Je kunt ook spaarboekjes vinden met een totale rente van 1,60 procent (1,30 rente plus 0,30 getrouwheid) en meer. Als de inflatie 1,2 procent bedraagt, blijft je koopkracht toch bewaard, ook al is de winst minimaal. Vaak zijn dat onlinespaarrekeningen bij de klassieke banken, of bij internetbanken zoals NIBC Direct, Fortuneo, MoneYou of Rabobank.be. En hoe gezond is de bank? Dat is nog moeilijker met zekerheid te zeggen. Dat weten we sinds in 2008 een aantal banken failliet gingen of door de overheid moesten worden gered. Daarom kun je overwegen om bij meerdere banken een spaarboekje te openen. Dan moet het al heel grondig fout lopen wil je al je spaargeld kwijtraken. Een open deur, denkt u: natuurlijk moet je verstandig investeren. Maar weinig bankiers zullen het bijvoorbeeld hebben over investeren in kennis, in studies. Kennis vergaren, een extra diploma halen, is nog steeds een van de beste investeringen die je kunt doen. Dat geldt voor jezelf, je kinderen en kleinkinderen. Investeren in een huis dat je zelf bouwt of aankoopt, wordt door de meeste economen ook als een verstandige beslissing gezien. Ook al zijn de vastgoedprijzen vandaag hoog. Zelfs daarvoor lenen is verstandig, want een hypothecaire lening geeft belastingvermindering. En er staat natuurlijk een lap grond of een huis tegenover. Let natuurlijk wel op dat je steeds de maandelijkse afbetaling kunt ophoesten. Investeren in een tweede woning, bijvoorbeeld aan de kust of de Ardennen, is niet per definitie verstandig. Het is immers onduidelijk of de vastgoedprijzen zullen blijven stijgen. Je kunt de tweede woning verhuren, maar denk eraan dat je als eigenaar ook kosten hebt. Gemiddeld haal je met verhuur zo'n 3 tot 4 procent netto rendement, maar je hebt er ook wel wat werk mee. Het is ook verstandig om aan pensioensparen te doen. Dat wordt ook fiscaal gestimuleerd, want je kunt maximaal 940 euro aftrekken van de belastingen en daarop krijg je 30 procent belastingvermindering. De vakbonden ABVV en ACV stellen die fiscale gunstmaatregelen al langer ter discussie, maar alle politieke partijen houden eraan vast. 'Dankzij het fiscale voordeel doen intussen zo'n 2,7 miljoen mensen aan pensioensparen', verklaarde minister van Pensioenen Alexander De Croo (Open VLD). 'Als je die fiscale aftrek afschaft, doet niemand nog aan pensioensparen.' 'Veel werknemers en alle zelfstandigen kunnen armoede alleen vermijden door zelf een vermogen op te bouwen. Dat is de harde waarheid', zegt Paul Huybrechts, voorzitter van de Vlaamse Federatie van Beleggingsclubs en Beleggers. 'Daarom moet er gespaard en belegd worden. Heel wat mensen doen dat ook, door een appartement, obligaties of aandelen te kopen. Daarmee hopen ze een buffer op te bouwen, waarmee ze in de laatste vijftien of twintig jaar van hun leven hun welvaart op peil kunnen houden.' Nog een gouden regel is natuurlijk dat je je eieren nooit in één mand mag leggen. Econoom Geert Noels gaf vijf jaar geleden in zijn boek Econoshock een voorbeeld van hoe je je kapitaal het best spreidt en dat geldt voor hem vandaag nog steeds. 'Zet 30 procent van je kapitaal op een spaarboekje. Met 40 procent koop je overheidsobligaties van de beste kwaliteit. Met 20 procent doe je aan fiscaalvriendelijk pensioensparen of stap je in een verzekeringsformule. En met 5 tot 10 procent van je kapitaal koop je fysiek goud.' Niet iedereen vindt het aankopen van goud zo interessant. Professor Gert Peersman (UGent) schat de reële waarde van goud niet zo hoog in: 'Wat kun je ermee doen? Hoogstens een valse tand steken.' Als je je kapitaal wilt laten aangroeien en je hebt een tijdshorizon van 10 tot 25 jaar raadt Noels het volgende aan: 'Investeer 10 procent van je kapitaal in staatsobligaties van de hoogste kwaliteit en 20 procent in bedrijfsobligaties van de hoogste kwaliteit. Met de rest zou je aandelen kunnen kopen: 30 procent van het kapitaal zou ik beleggen in niet-financiële multinationale ondernemingen, 25 procent in energiegerelateerde ondernemingen en 15 procent in bedrijven die te maken hebben met voeding en landbouw.' Huybrechts heeft nog een vuistregeltje als het om beleggen in aandelen gaat: 'Een beginnend belegger moet zo snel mogelijk vijf verschillende aandelen bezitten en dan naar twintig evolueren. Dan zit je aan de grens van de beheersbaarheid.' Als je goed wilt omgaan met je geld, moet je je permanent financieel bijscholen, want de economische context verandert, de tarieven wijzigen, financiële instellingen komen met nieuwe producten, de regering kan beslissingen nemen die van invloed zijn op je persoonlijke kapitaal. Worden spaarboekjes fiscaal minder aantrekkelijk? Wordt vastgoed extra belast? Wordt het kadastraal inkomen aangepast? Komt er een eind aan het fiscaal voordeel van pensioensparen? Enzovoorts. Het is van groot belang om uiterst kritisch om te gaan met alle voorstellen die je krijgt over wat je met je geld moet doen. De grens tussen advies en verkoop is zeer dun, ook bij de banken. Wantrouw steeds mensen die hoge opbrengsten voorspiegelen. In het verleden is al te vaak gebleken dat zulke adviezen gebouwd waren op drijfzand, als ze al niet frauduleus van opzet waren. En onthoud: hogere opbrengsten betekenen altijd hogere risico's.