door jef Van Baelen
...

door jef Van BaelenHet variabele loon blijkt aan een stevige opmars bezig. Niet alleen zijn er meer werknemers met een variabel deel in hun loonpakket, ook het varia-bele gedeelte zelf groeit. Hoe langer hoe meer stappen bedrijven af van automa-tische loonsverhogingen op basis van anciënniteit of ervaring. De vroeger gangbare verloning volgens leeftijd is ondertussen zelfs wettelijk verboden. Bedrijven kiezen nu voor een salaris dat rekening houdt met de individuele prestaties van elke werknemer. Veroorzaakt dat niet een enorme jaloezie op de werkvloer? 'Net het tegendeel', beweert regiomanager Luc Vanophalvens. 'Jaloezie ontstaat omdat mensen zich oneerlijk of ongelijk behandeld voelen. Maar u mag de zelfkennis van de mensen niet onderschatten. Een minder goed presterende werknemer weet heus wel dat hij eigenlijk niet zo sterk staat. En een goede werknemer beseft dat zijn uitmuntende collega recht heeft op een beetje meer. Een correcte prestatieverloning is in feite veel billijker en geeft minder reden tot wrevel dan systemen waarbij de zwakkere werknemers evenveel verdienen als de sterke.' 'Zo is het toch, zodra zo'n systeem goed ingeburgerd raakt. Want als een bedrijf verloning op basis van prestaties invoert, denkt iedereen: goed zo, eindelijk loon naar werken', lacht consultant Pieter Strackx. 'Totdat uit de evaluatie blijkt dat sommigen toch niet zo goed presteren als ze zelf dachten. Dat is even slikken, maar als de evaluaties objectief en meetbaar gebeuren, ebt die ergernis wel weer weg. De meeste bedrijven hebben er erg goede ervaringen mee.' Een andere reden waarom de verloning via evaluaties al bij al weinig weerstand oproept, is dat de netto-impact op het loon uiteindelijk beperkt blijft. 'Bedrijfsleiders zouden het eigenlijk moeten zien als een vertaling van hun personeelsbeleid: ik geef feedback aan mijn medewerker over zijn of haar functioneren. En dat bekrachtig ik door er iets tastbaars aan te koppelen, zelfs al is de feitelijke impact beperkt. Een goed hr-beleid kan eigenlijk niet meer zonder evaluaties', vindt Luc Vanophalvens. 'Want niets motiveert meer dan het krijgen van feedback. En niets frustreert meer dan niet weten of je goed bezig bent. Het psychologische effect weegt zelfs zwaarder door dan het financiële.' Berenschot schat dat 20 à 25 % van de arbeiders en 50 à 60 % van het bediende- en kaderpersoneel vandaag al verloond wordt via evaluaties. Zowat elk bedrijf zou erover denken om dat voorbeeld te volgen. Maar als het even iets minder gaat, wordt dezelfde evaluatieprocedure ook gebruikt om zwakker presterend personeel te ontslaan. 'In elk geval een beter criterium dan het aantal dagen dat een werknemer afwezig is', zegt Luc Vanophalvens.