Het multimediaal project "Kaufhaus Inferno" is een onderzoek naar het samengaan van tekst, theater, video, klank en elektronica in haar meest actuele toepassing: de computer. Crew zet zich daarvoor in en die ploeg bestaat uit de striptekenaar en multimediakunstenaar Eric Joris, de communicatieadviseur Jean-Pierre Deschepper, auteur Paul Mennes, regisseur Stef De Paepe en acteur ...

Het multimediaal project "Kaufhaus Inferno" is een onderzoek naar het samengaan van tekst, theater, video, klank en elektronica in haar meest actuele toepassing: de computer. Crew zet zich daarvoor in en die ploeg bestaat uit de striptekenaar en multimediakunstenaar Eric Joris, de communicatieadviseur Jean-Pierre Deschepper, auteur Paul Mennes, regisseur Stef De Paepe en acteur Gène Bervoets. Er wordt vertrokken vanuit de spelende mens: "het spelelement is wat de videogame met het theater verbindt," aldus theaterwetenschapper Kurt Vanhoutte. Veel theatermakers, en zeker niet de geringste, staan huiverig tegenover het binnenbrengen van allerhande technologie. Theater wil nog altijd gemaakt worden door spelers die live en kwetsbaar op de scène staan. Crew zet alle middelen in om met "Kaufhaus Inferno" de angst voor het nieuwe weg te nemen, en aan te tonen dat traditie en vernieuwing elkaar eerder stimuleren dan tegenwerken. Het Kaufhaus in de titel is een verwijzing naar grote warenhuizen, betonnen dozen van Pandora, waarin je je gelukkig shopt. Inferno verwijst naar de structuur van "La Divina Commedia", het meesterlijke epos van Dante (1265-1321), waarin de dichter via poorten en cirkels afdaalt in de hel waar hij alle soorten goede en slechte mensen ontmoet, tot en met de gevallen engel Lucifer. Het warenhuis is voor de makers een danteske consumptiehel, die zoals een computer steunt op een binair principe: wit en zwart, goed en fout. Consumptie als zaligmaker, maar ook als duivelse verleider. Het publiek zit op de scène voor een halfcirkelvormig projectiescherm. Samen met Dante (een cameraman die een Power Pc G3 torst) wordt het door Vergilius (Gène Bervoets) door een vloed van computerbeelden gelift. Tekst is blijkbaar ondergeschikt aan beeld en geluid, en stilaan neemt ook het sloganeske van de reclame de bovenhand. Naast het publiek zijn een schare medewerkers de toestellen aan het manipuleren en op het scherm worden overtuigende staaltjes van technologische beheersing getoond. De rol van de acteur als gids in dit labyrint wordt almaar zwakker, tot hij verdwijnt in de lege ruimte van de theaterzaal. Het blijft de vraag of dit verdwijnen van de acteur symbolisch bedoeld is. Of krijgen de pessimisten die vrezen voor een te groot overwicht van de technologie, via dit experiment dan toch nog gelijk? Reisvoorstellingen. Info: 02/420.09.10 (Crew).Roger Arteel