Nee, families met een zwart verleden zijn in Vlaanderen bepaald niet dun gezaaid. Maar zo zwart als die van Hein en Toon Van den Brempt?
...

Nee, families met een zwart verleden zijn in Vlaanderen bepaald niet dun gezaaid. Maar zo zwart als die van Hein en Toon Van den Brempt? Hun vader Henri sloot zich al in het begin van de Tweede Wereldoorlog aan bij de SS en trok later met veel overtuiging naar het Oostfront. Henri trad in het huwelijk met Liesbeth Verschueren (een schuilnaam), de secretaresse van 'top-SS'er' Richard Jungclaus en de zus van drie roemruchte Vlaamse collaborateurs. Hein en Toon Van den Brempt deden hun verhaal eerder al in de Canvas-reeks De kinderen van de collaboratie. Maar het was niet het volledige verhaal. Wat hun voorouders precies op hun kerfstok hadden, wisten de broers toen nog niet. De details ontdekten ze pas de afgelopen jaren, tijdens een zoektocht die hen - via archieven en getuigenissen - steeds dichter bij de bijzonder confronterende werkelijkheid bracht. Tijdens die reis lieten ze zich begeleiden door auteur Kristien Hemmerechts. Een verstandige keuze, zo blijkt uit het boek, al was het zeker niet de makkelijkste. Hemmerechts was en zou tijdens de zoektocht ook altijd een buitenstaander blijven. De collaboratie was voor haar een zwart-witverhaal. Een verhaal van stelligheden, die tijdens het schrijven van dit boek slechts sporadisch gingen wankelen. 'Ik denk dat er ondertussen een stevige vriendschap tussen ons is gegroeid', vertelt Hemmerechts. 'Maar wij hebben ook serieus gekibbeld. Bij momenten was het best bits. En bijna altijd was die bitsheid terug te brengen tot hetzelfde conflict. Aan de ene kant voelde ik bij Toon en Hein heel duidelijk de bereidheid om openhartig en zonder taboes het verhaal van hun familie te vertellen. Aan de andere kant was er ook een onmiskenbare loyauteit tegenover die familie. Dan wilden ze toch nog even benadrukken dat nonkel Leo behalve SS'er ook een hele lieve man was. Ik heb me nooit van de indruk kunnen ontdoen dat familie iets bijna heiligs voor hen is.' Hein: 'Wij komen uit een zwart nest, maar voor ons was het toch vooral een warm nest.' Heeft het schrijven van dit boek uw kijk op de collaboratie veranderd?Kristien: Het is zeker niet zo dat ik vandaag plots vind dat je het beeld van de SS moet nuanceren. Wel heb ik gemerkt dat collaborateurs vaak hele gewone mensen zijn. Op dat vlak zie ik een duidelijke parallel met het verhaal van Michelle Martin (over wie Hemmerechts de roman De vrouw die de honden eten gaf schreef, nvdr), een doodgewone vrouw die in staat bleek tot het absolute kwaad. Toon: Kristien is ervan overtuigd dat er slechte en goede mensen zijn. 'Het kwaad bestaat', dat heeft ze ons meer dan eens proberen in te prenten. Ik herinner me hoe we daar, na ons bezoek aan het concentratiekamp van Neuengamme, een stevige discussie over hebben gehad. Ik heb haar toen gezegd dat ze behept is met een katholieke, duale moraal, en dat er in elk mens zowel goed als kwaad schuilt. ( lachje) Kristien is het toen afgestapt. Waarna ze terugkwam met de mededeling: 'Ik ga iets eten.' Kristien: Om de bruggen tussen ons niet op te blazen heb ik het nooit met zoveel woorden tegen hen gezegd, maar een figuur als hun nonkel Twan (Verschueren, nvdr) deed me vaak walgen. Heeft dit boek jullie kijk op jullie familiale verleden veranderd?Toon: De walging waar Kristien het net over had, die heb ik ook gevoeld. De documenten die we voor ons onderzoek hebben kunnen bestuderen, leren dat onze familie een stuk verder is gegaan dan we zelf wisten. Het beeld dat wij hadden meegekregen was dat van trotse idealisten, die neerkeken op de meelopers en de economische collaborateurs. Maar veel details hebben we nooit meegekregen. Dat maakte de confrontatie met de historische werkelijkheid soms bijzonder pijnlijk. Misschien wel het meest confronterend waren de foto's die we aantroffen in het archief van Assisen in Beveren. Dat mijn vader betrokken was bij de moord op agent Daems, eind 1946 in Berchem, dat wist ik wel min of meer (agent Jacques Daems werd doodgeschoten nadat hij Henri Van den Brempt en twee kompanen aan een identiteitscontrole wilde onderwerpen, nvdr). Maar het kwam toch pas echt binnen toen ik in zijn dossier de foto's zag die kort na zijn arrestatie zijn gemaakt. Er is een foto waarin hij, als een echte misdadiger, tegen een staander moet staan om zich te laten meten. Er is ook een foto waarin hij, geboeid en in het gezelschap van rijkswachters en twee andere criminelen, wordt weggeleid. En dan waren er nog foto's van het wapenarsenaal dat hij verzameld had. Ook daar had ik weleens wat over gehoord, maar echt serieus had ik die kwestie nooit genomen. Tot ik dus die foto's zag. Kristien: Jullie vader was medeplichtig aan de moord op een agent, maar hij is er, ten aanzien van justitie, wonderbaarlijk goed in geslaagd om zijn aandeel te minimaliseren. Toon: Vader was een briljante manipulator. Een hele goede verkoper ook, niet het minst van zichzelf. Dat talent heeft hij heel goed kunnen gebruiken tijdens zijn traject langs de krijgsauditoraten. Over de motieven voor de moord op agent Daems bestaat nog altijd twijfel.Hein: Ons is altijd verteld dat de daders een auto gingen stelen, maar waarom hadden ze dan een handgranaat bij zich? Een van de medeplichtigen had bovendien een foto van de krijgsauditeur op zak. Ook de grootte van het wapenarsenaal doet vermoeden dat er meer aan de hand was. Was er een politiek motief? Ik sluit het niet uit. Kristien: De moord is in elk geval gepleegd door mensen met een diepe afkeer van de Belgische staat. Hein: Mogelijk was het een wraakactie. Je zou ook kunnen concluderen dat ze een putsch beraamden, maar dat lijkt me twijfelachtig. Ik denk dat ze wel inzagen dat het tij compleet gekeerd was. De meest waarschijnlijke uitleg lijkt me dat het om een vorm van zelfbescherming ging. Het waren moeilijke tijden voor collaborateurs. Mijn vader hield zich in die dagen intensief bezig met de creatie van valse identiteitspapieren, bestemd voor mensen die naar Zuid-Amerika wilden vluchten. Vader Van den Brempt is veroordeeld voor collaboratie, het vervaardigen van valse papieren en medeplichtigheid aan de moord op agent Daems. Van de aanvankelijke doodstraf is uiteindelijk net geen 8 jaar gevangenschap overgebleven. Was dat een redelijke straf?Toon: Die straf lijkt me bijzonder licht als je ze vergelijkt met de straffen die vandaag worden gegeven aan IS-terroristen. Je mag niet vergeten dat het om mensen ging die mee aan de knoppen zaten van een vernietigingsmachine. Toch ben ik achteraf gezien blij dat hij lang genoeg is ondergedoken om aan de dood met de kogel te ontsnappen. Je kunt je vader zoiets niet toewensen. Bovendien ben ik er, als voormalig stafmedewerker van Amnesty International, van overtuigd dat iedereen de kans moet krijgen om zijn daden onder ogen te zien en tot inkeer te komen. In het geval van mijn vader is dat ook deels gebeurd. Spijt heeft hij nooit betuigd, nee. Wel heeft hij later, in de jaren tachtig, het racisme duidelijk afgezworen en is hij de waarden van het humanisme gaan omarmen. Kristien: Ik geloof niet in het nut van gevangenisstraffen, dus wil ik me ook niet uitlaten over te licht of te zwaar. Wat ik, zeker als het gaat over deze dossiers, wel kan zeggen is dat de repressie helemaal niet zo onredelijk streng was als vaak wordt aangenomen. Eerder zie je dat al betrekkelijk snel de neiging ontstond om elementen in de dossiers weg te laten, te vergoelijken of met de mantel der liefde te bedekken. Daar werd door de verdachten ook handig op ingespeeld. Ze logen, verdoezelden de waarheid, gaven aan dat het hen alleen maar om de Vlaamse zaak was te doen, en kwamen er al bij al redelijk makkelijk mee weg. Ik zie dat nog niet meteen gebeuren met Salah Abdeslam. Die zal wellicht nooit meer vrijkomen, ook al heeft hij zijn geplande aanslag nooit uitgevoerd. Hein: Het was soms stuitend om te zien hoe welwillend het gerecht zich in de beoordeling van deze collaboratiezaken heeft opgesteld. In de verhoren van de Verschuerens, onze familie van moederskant, staat dat hun zaak failliet is gegaan door toedoen van de Joden. Die 'verzachtende omstandigheid' werd gewoon opgetekend, zonder vraagtekens. Dé verzachtende omstandigheid - 'Wir haben es nicht gewusst' - werd ook door jullie familie weleens ingeroepen. Geloven jullie dat?Toon: Ik worstel nog altijd met die vraag. Wat wisten ze precies? Als u vraagt of mijn familie van de Jodenvervolging wist, zeg ik: ja. Maar of ze wisten wat die vervolging precies inhield? Ik heb die vraag ooit gesteld aan mijn moeder, die als secretaresse werkte bij SS'er Richard Jungclaus. 'Moeke, jij hebt aan het station in Antwerpen toch al die Joden in de rij zien staan?' 'Ja,' zei ze dan, 'die hebben we wel gezien. Maar mij is altijd verteld dat ze naar een plek werden gevoerd waar ze het beter hadden.' Was dat een eerlijk antwoord, en was ze werkelijk zo naïef? Ik weet wel heel zeker dat ze niet op de hoogte was van het sluitstuk van de Endlösung: de vergassingen. Dat wist ongeveer niemand. Alleen de inner circle rond Hitler was op de hoogte, en die hield het angstvallig verborgen voor de omgeving. Zelfs de secretaresse van Goebbels wist het niet. Kristien: Correctie: de secretaresse van Goebbels zei dat ze het niet wist. Weten we of dat waar is? Toon: Jij onderschat altijd maar weer hoe goed georganiseerd en gedisciplineerd dat apparaat was, Kristien. Lees er de commentaren van Hannah Arendt op het proces van Eichmann maar op na. Kristien: (hoofdschuddend) Jullie moeder was secretaresse van Jungclaus. Hij dicteerde haar brieven, onder meer aan Himmler. Wat stond daarin? Die vraag moet je je stellen. Jullie hebben toch ook de brieven gelezen van jullie nonkel Marc, en hoe hij betreurt dat hij de Antwerpse Jodenbuurt niet mee kon opkuisen? Of ze alle details over de Holocaust kenden wil ik in het midden laten, en lijkt me ook niet zo relevant. Misschien wisten ze niet dat de Joden vergast werden, dat kan, maar dat ze niet naar een vakantiepark gingen zal toch wel duidelijk zijn geweest. Toon: Voor wie er ook maar een beetje aan zou twijfelen: ik deel Kristiens afschuw tegenover de Jodenhaat die onze familie heel duidelijk heeft tentoongespreid. Wat mijn bompa over de Joden zei, was vreselijk, en wil ik dat zeker niet vergoelijken. Maar ik wil het wél begrijpen. Hein: En om dat te begrijpen moet je de samenleving van toen kennen. Die samenleving was, al eeuwen, ondergedompeld in een sfeer van antisemitisme. De houding van onze familie werd hierin geschraagd door een breed algemeen sentiment. De collaborateurs 'hadden hun redenen', zei Jan Jambon ooit. De vraag is dan welke. Speelden, behalve het antisemitisme, ook de Vlaamse zaak en de strijd tegen de bolsjewieken een rol?Hein: Wellicht, maar er was nog een andere, misschien wel belangrijkere factor: de verleiding van de Nieuwe Orde, of, zoals onze bompa het noemde, 'de herwording van de maatschappij'. Die orde zou, zoals Hitler beloofde, een einde maken aan de corruptie, de politieke instabiliteit en de besluiteloosheid van 33 ministers. Het was een nieuwe wind, die we vandaag helaas soms opnieuw voelen waaien. De familie was er ook heilig van overtuigd dat ze aan de goede kant van de geschiedenis stond.Hein: Ja, zoals Hitler daarvan overtuigd was, of de jihadisten die het kalifaat wilden stichten. Kristien: Het kwaad ontstaat niet uit kwade bedoelingen. Het ontstaat vanuit het idee dat er een probleem is. De Joden, de homo's en de slappelingen zijn een probleem, en dat probleem moet aangepakt worden. Uit de geschriften van jullie voorouders spreekt op geen enkel moment het besef dat ze iets verkeerds hebben gedaan. Hein: Zoals ze ook nooit hebben gedacht dat verliezen een optie was. Ze waren ervan overtuigd dat ze alles en iedereen zouden pletwalsen en Lebensraum gingen creëren in Polen. Kristien: Vanuit hun standpunt bekeken was het verzet een terroristische organisatie. En het waren nog smerige communisten ook. Dat de Duitsers dat verzet niet veel harder aanpakten, dat ging er bij hen niet in. Hein: In de ogen van onze grootvader en onze oom waren de Duitsers maar slappelingen. Kristien: Dat was voor mij toch wel een eyeopener. Ik had, zoals wel meer Vlamingen, het idee dat de Duitsers het kwaad waren, en de Vlamingen de verblinde meelopers. Dat idee wordt, soms onbewust, nog altijd verspreid. Tijdens ons bezoek aan het kamp in Neuengamme hebben we een dvd gezien met een reconstructie van de wraakactie op verzetsstrijders in Meensel-Kiezegem. De daders, SS'ers, waren volgens die reconstructie Duitsers. Fout natuurlijk. Het waren Vlamingen, en ze deden het zeker niet in de eerste plaats voor de Vlaamse zaak. U staat ook even stil bij de houding van uw vader Karel Hemmerechts. Om onduidelijke redenen ging hij, een uitgesproken germanofiel, een gesprek over de oorlog telkens uit de weg.Kristien: Mijn ouders waren zestien en bijna negentien aan het eind van de Tweede Wereldoorlog. Mijn moeder is nog altijd niet uitgepraat over haar afschuw van de Duitse bezetter. Mijn vader is meteen na de oorlog Duits gaan studeren. Dat heb ik altijd vreemd gevonden. Waar die liefde voor de Duitse taal en literatuur vandaan kwam, weet ik niet. Op elke vraag die ik erover stelde, kwam een korzelige reactie. In een bureaulade bewaarde mijn vader exemplaren van Signal, het propagandablad van de Duitsers. Ik heb daar ooit eens een vraag over gesteld. Zijn antwoord: 'Gij gaat toch niet beweren dat ik...' ( lacht) Hij ging er bijzonder krampachtig mee om. Onvermijdelijk is Het verdriet van Vlaanderen ook een boek over deradicalisering, en hoe dat al dan niet kan werken. Hein: Ik weet niet of je Toon en mij 'gederadicaliseerd' kunt noemen. Want waren wij wel ooit geradicaliseerd? Oké, als kleine jongens deelden we de opvattingen van onze familie, maar van een echt politiek bewustzijn is op die leeftijd nog geen sprake. De twijfels over dat ideeëngoed begonnen ook al vrij vroeg te knagen. Ik herinner me hoe kameraden me een foto toonden van een prachtige Joodse actrice. Dat vond ik vreemd. In dezelfde periode doorbladerde ik thuis weleens de blaadjes over onze jongens aan het front. Die jongens bleken meestal scheve ventjes met flaporen. ( lacht) Ik dacht bij mezelf: zijn dat nu die SS'ers? De Ariërs? Later, toen we naar het Atheneum van Etterbeek gingen, zijn onze oogkleppen helemaal afgegaan. Dat was vooral het werk van onze leraren geschiedenis en Nederlands, die ons een compleet andere kijk op de geschiedenis gaven. Kristien: Het blijft een bijzonder fascinerende vraag waarom sommige kinderen van de collaboratie in de retoriek van de ouders blijven hangen, en anderen een compleet andere weg inslaan. Ook op dat vlak was de Canvas-reeks intrigerend. Naast verhalen als die van jullie heb je ook die van Ledy Broeckx en Jan Tollenaere, die Joden nog altijd 'parasieten' durft te noemen. Wellicht moet je concluderen dat deradicaliseren geen exacte wetenschap is. Ik denk dat het op sommige mensen gewoon niet pakt. Hein: Onze familie is ook in dat verband een interessante case. In de loop van de jaren tachtig is onze vader duidelijk gederadicaliseerd. Hij zat in die periode in een filosofieclub. Ik vermoed dat zijn ogen vooral daar zijn opengegaan. Dat is heel duidelijk niet gebeurd bij de Verschuerens. Die zijn in hun stellingen gebleven. Ze keken neer op mijn vader, onder meer omdat hij eerherstel had gevraagd. Stel je voor, zeg. Eerherstel vragen aan het verfoeilijke België! Ze vielen nog liever dood. ( lacht) Waarom bleven zij wel in hun stellingen en uw vader niet?Hein: Anders dan de Verschuerens leefde vader relatief geïsoleerd. En ook zijn afkomst zal daarin wel een zekere rol hebben gespeeld. Hij kwam uit een arm gezin en wilde iets betekenen. Dat heeft hem in de richting van de collaboratie gedreven, maar het heeft hem later ook geholpen om ervan los te komen. Een haast surrealistisch detail, tot slot. In 1964 dook jullie vader op in een quiz van de legendarische tv-presentator Tony Corsari. Hij bleek een uitstekend quizzer, won aflevering na aflevering en verzamelde zo 300.000 frank. Tot groot verdriet van de moeder van agent Daems, die hem had herkend. Hein: Die moeder heeft toen verzocht om een deel van het prijzengeld aan haar over te maken. Hij is niet op de vraag ingegaan. Was het voor hem een manier om eerherstel te krijgen?Toon: Nee, heel zeker niet. Mijn vader was geobsedeerd door geld verdienen. En hij wilde ongetwijfeld ook uitpakken met zijn olifantengeheugen, dat inderdaad zeer indrukwekkend was. Toen de programmamakers doorkregen wie hij precies was, hebben ze nog geprobeerd om zijn zegereeks te stoppen. Eerst probeerden ze het met aartsmoeilijke vragen, die hij allemaal kon beantwoorden. Daarna hebben ze het geprobeerd met onnozele vragen, maar helaas: ook daarin scoorde hij beter dan de anderen. ( lacht)