In 'Politicus voert de pen' (Boekenbeursspecial Knack nr. 43) werd Dirk Demuynck van Lannoo per vergissing Johan Demuynck genoemd. Onze excuses daarvoor.
...

In 'Politicus voert de pen' (Boekenbeursspecial Knack nr. 43) werd Dirk Demuynck van Lannoo per vergissing Johan Demuynck genoemd. Onze excuses daarvoor. In sommige kringen wordt tegenwoordig het gedrag van de vakbonden aangeklaagd en wordt verkondigd dat alles zoveel makkelijker zou zijn als er geen vakbonden bestonden. De houding van (een van) de vakbonden tijdens de jongste onderhandelingen over het loopbaaneinde en de soms brutale acties van werknemers van vele bedrijven, vooral wanneer ze tegen werkwilligen gericht waren, hebben immers iets choquerends. Moeten ze daarom allemaal tegelijk veroordeeld worden? Een beetje afstand nemen is hier op zijn plaats. Ons maatschappelijk leven zou niet zijn wat het vandaag is als er geen vakbonden, en politieke en andere bewegingen waren geweest die openstonden voor de sociale problemen. Die bewegingen hebben de noodzaak van solidariteit tussen de verschillende lagen van de bevolking doen aanvaarden, hebben geijverd voor een verbetering van niet alleen de arbeidsvoorwaarden maar ook voor het opleidingsniveau van de werknemers. Ze hebben misbruiken aangeklaagd, en doen dat nog steeds, van degenen die de macht waarover zij beschikken niet altijd correct uitoefenen. Oké, zou men kunnen zeggen, maar dat is het verleden en nu is men te ver gegaan. Nu remmen de vakbonden de veranderingen af, veranderingen die absoluut noodzakelijk zijn om de nieuwe uitdagingen het hoofd te kunnen bieden, en maken zij zelf misbruik van hun macht. Ik geloof niet dat de nood aan solidariteit tot het verleden behoort. Alleen een solidaire maatschappij met een toereikende sociale consensus kan de uitdagingen aan waar wij nu voorstaan. Maar het is juist dat de vakbonden soms absoluut noodzakelijke veranderingen afremmen en in sommige gevallen misbruik maken van de macht die het stakingsrecht hen geeft. Wat moet er gebeuren? Absoluut noodzakelijk zijn een betere perceptie en aanvaarding van de economische omstandigheden. Al te vaak miskennen de vakbonden de economische situatie. Zij aanvaarden moeilijk dat het overleg evengoed moet gaan over de verbetering van de werkingsvoorwaarden van het instrument - de onderneming - als over sociale vooruitgang. De tijd is voorbij - als hij al ooit bestaan zou hebben - dat België autonoom zijn sociaal model kon vaststellen zonder rekening te houden met wat elders in Europa en in de wereld gebeurde. Het kan evenmin dat men geen rekening houdt met de evolutie en meer bepaald met de vergrijzing van de Belgische maatschappij en de gevolgen daarvan voor de financiering van de sociale zekerheid. Meer bepaald zou ik vier thema's ter overweging aan de vakbonden willen voorleggen: Waarom u verzetten tegen de onderneming, indien niet altijd in uw woorden, dan toch in uw acties? Dertig jaar geleden associeerde een van uw prestigieuze leiders de onderneming met de macht van het geld. Een duurzaam akkoord tussen beide was volgens hem niet mogelijk. Is dat nog altijd zo? Denkt u alle doeleinden tegelijk te kunnen nastreven: de lonen verhogen, meer werkgelegenheid scheppen, het peil van de uitkeringen optrekken, de arbeidstijd en de loopbaanduur verkorten? Er moeten knopen worden doorgehakt. Wat zijn de echte prioriteiten? Vindt u niet dat u op dat gebied een onvergelijkbare rol en een enorme verantwoordelijkheid ten aanzien van uw leden hebt? Waarom uw leden en militanten niet tijdig informeren over de grote veranderingen en de gevolgen ervan, bijvoorbeeld over de sociale zekerheid? De verhoging van de brugpensioenleeftijd doen aanvaarden is bijzonder moeilijk, maar waarom hebt u bij de vorming van deze regering betogingen georganiseerd tegen elke wijziging op dit gebied, of hebt u, enkele maanden geleden, de publicatie gesteund van een brochure waarin stond dat er geen enkel probleem was voor de brugpensioenen, terwijl u wist - moest weten - dat er veranderingen nodig waren. Bonden én politieke partijen moeten rekening houden met de realiteit en alles in het werk stellen om de absoluut noodzakelijke veranderingen te doen aanvaarden. Dat vergt tijd, veel geduld en voortdurende pedagogische inspanningen. Er zijn vaak jaren nodig om te overtuigen. Dient u ten slotte niet eens na te denken over de actiemiddelen die u inzet om uw standpunten door te drukken? De economische activiteit stilleggen betekent zoveel als de tak afzagen waarop u zit. Werkwilligen het werk beletten is onaanvaardbaar en maakt u bijzonder onpopulair. We hebben de vakbonden nodig. Nu misschien meer dan vroeger. Alleen een solidaire maatschappij kan met succes werk maken van de absoluut noodzakelijke veranderingen. Zijn de vakbonden in staat en bereid om die enorme uitdaging aan te nemen? n Tony Vandeputte is ere-gedelegeerd bestuurder van het VBO.Tony Vandeputte