Het Europees Bureau voor Taalminderheden heeft een eigen website. Tof, wie zijn dat in godsnaam nu weer?
...

Het Europees Bureau voor Taalminderheden heeft een eigen website. Tof, wie zijn dat in godsnaam nu weer? Het Bureau met zetels in Dublin en Brussel bestaat sinds 1982. Slechts af en toe halen ze het nieuws. Enkele jaren terug publiceerde NRC/Handelsblad een lacherig stukje over dit vreemde instituut dat de veertig autochtone talen in de Europese Unie wil beschermen. Telkens als het bureau in de media komt, blijkt dat talen zoals Frioels, Iers, Fries of Laps de stempel folklore meekrijgen. Dat is echter net wat sommige centralistische regeringen reeds eeuwen nastreven: linguïstische homogeniteit. "In Frankrijk praat iedereen zoals ik", decreteerde de Franse koning Frans I. Het Vlaams, het Bretoens, het Catalaans, het Baskisch, het Corsicaans, het Letzebuergesh en het Occitaans ruimden net als het Latijn snel baan en kregen de weinig benijdenswaardige stempel dialect of boers mee. Binnen Europa werd op aangeven van Ieren en Friezen een oplossing gezocht voor het pragmatische besluit om bij de Europese instellingen slechts een beperkt aantal officiële werktalen te behouden: Deens, Duits, Engels, Frans, Grieks, Italiaans, Nederlands, Portugees en Spaans (later kwam daar Zweeds en Fins bij). Het Iers kreeg het etiket "verdragstaal" mee. Eén op zeven Europese burgers spreekt een andere dan een officiële taal. De Raad van Europa (niet te verwarren met de Europese Ministerraad of de Europese Commissie) steunde daarom een instituut om minderheidstalen te beschermen en te bevorderen. Het geld komt van de Europese Commissie, de Ierse en de Luxemburgse regering, de provincie Friesland en de Duitstalige en de Franse Gemeenschappen van België. De Vlaamse Gemeenschap steunt alleen enkele minderheidstalen zoals het Vlaams (in Frankrijk), het Catalaans en het Baskisch via bilaterale akkoorden. De Vlaamse Gemeenschap houdt er bijgevolg volgens de Raad van Europa een homogeen taalbeleid op na. Tegelijk staat de status van relatief grote talen zoals het Nederlands en het Portugees binnen de Europese instellingen ter discussie. In Wallonië daarentegen kregen het Picardisch, het Waals, het Luxemburgs, het Champenois en het Lotharings de officiële erkenning als minderheidstaal. Langs Vlaamse zijde zijn de drie taalgroepen Limburgs, Vlaams en Brabants slechts dialecten. Op de website staat er allerlei informatie over publicaties, studiedagen en dergelijke. Met de complexe Belgische situatie in gedachten en de zeer dunne grens tussen politieke en taalkundige opdeling van talen en dialecten, kan deze website een goed inzicht geven in het Europese talenmozaïek. Studenten noteren meteen ook best het e-mailadres om de prachtige poster "Unity in Diversity", met daarop een politieke landkaart met alle talen aan te vragen. http://www.eblul.-bic.beLode Goukens