'Er bestaan vandaag in België twee democratieën.' Bart De Wever heeft de analyse in recente politieke discussies meermaals gemaakt. De idee is gemeengoed geworden. Er zou een Vlaamse en een Franstalige democratie zijn. Beide staan haaks op elkaar. Deze disharmonie verklaart onze institutionele crisis. Ook sommige 'belgicisten', de voorvechters van een federale kieskring, zijn die mening toegedaan. Zelf vind ik het een wat oppervlakkige analyse. Ze onttrekt de diepere reden van Belgiës afgrondelijke politieke malaise aan het oog. Moeten we onze blik op dit land, en ons denken erover, niet dringend aanscherpen?
...

'Er bestaan vandaag in België twee democratieën.' Bart De Wever heeft de analyse in recente politieke discussies meermaals gemaakt. De idee is gemeengoed geworden. Er zou een Vlaamse en een Franstalige democratie zijn. Beide staan haaks op elkaar. Deze disharmonie verklaart onze institutionele crisis. Ook sommige 'belgicisten', de voorvechters van een federale kieskring, zijn die mening toegedaan. Zelf vind ik het een wat oppervlakkige analyse. Ze onttrekt de diepere reden van Belgiës afgrondelijke politieke malaise aan het oog. Moeten we onze blik op dit land, en ons denken erover, niet dringend aanscherpen? Een democratie is meer dan de optelsom van momentane krachten - van recente peilingen of verkiezingen, van emoties, van het spel tussen meerderheid en oppositie. Ze is eerst en vooral: unieke geschiedenis. Aan de principes die een moderne samenleving funderen valt niet te ontsnappen - of het nu 'liberté, égalité, fraternité' is, dan wel 'the self-evident truth that all men are created equal'. Hoe mysterieus ook: die principes wérken. En... ze werken dóór. We kunnen er niet omheen, niet om de principes zelf, niet om hun historische doorwerking. Ons is ingepeperd dat België bij zijn aanvang, in zijn 'principe' dus, het meest vooruitstrevende Europese land was. Een halve waarheid. In feite was België het meest liberale land. Zijn politieke hebben en houden had de jonge staat op de vrijheid ingezet: 'la liberté ou la mort.' De doorwerking van dit principe blijft het fundament van onze samenleving. Dat is niet niets, vrijheid. Maar is het voldoende? Toen in Frankrijk, in 1848, een volksopstand een einde maakte aan het liberale bewind van koning Louis-Philippe werd de gelijkheid er (opnieuw) naast de vrijheid geplaatst. Het was een terugkeer naar de geest van de Franse Revolutie. Dat bewijst de invoering, eveneens in 1848, van het algemeen enkelvoudig stemrecht, een wereldprimeur. In België gebeurt in 1848... vrijwel niets. Leopold I prijst in een brief aan Queen Victoria de devote volgzaamheid van zijn landgenoten. Als het op vrijheid aankomt, blijken de Belgen bijzonder onderdanig. Nog steeds wordt in ons land, in politiek opzicht, 'democratie' vooral ingevuld vanuit een exclusieve vrijheidsgedachte. Dat vormt de kern van onze communautaire crisis, die om die reden de crisis is van onze democratie. Wij hebben het vaak over de strijd tussen het territorialiteits- en het personaliteitsbeginsel of, zoals gezegd, tussen de ene democratie en de andere. Te vergezocht. Het gaat veeleer om het feit dat sommigen in dit land hun persoonlijke vrijheden blijven voorstellen als een uniek en universeel recht. Niet de tegenstelling tussen twee democratieën maakt het land onbestuurbaar, ook niet de dreigende onderdrukking van een minderheid door de meerderheid, maar het feit dat men ongestraft de vrijheidsbeleving blijft opeisen als een recht, terwijl de gelijkheid wordt afgedaan als dwang. De eigen vrijheid wordt voorgesteld als democratie, het gelijkheidsstreven als intolerantie of autoritarisme. Dit is de historische democratische paradox waarin België gevangenzit. Een (vandaag aanzienlijke) minderheid wil zich eerst en vooral vrij voelen, haar zin kunnen doen. Ze wijst, in haar politieke praxis, de gelijkheid af. De meerderheid, besmet door het ontregelende vrijheidsideaal, vindt geen gepast antwoord, eist gelijkheid, weet niet waarom. Geen van beide intenties kan ooit tot democratie leiden, omdat de grondslag van waaruit deze Prinzipienstreit gevoerd wordt - de doorwerking van het Belgische despotische vrijheidsgevoel - nu eenmaal ondemocratisch is. Zolang dát België doorwerkt, zal dít België in crisis blijven. België - één democratie, of twee? Het juiste antwoord is: geen. België is België is België. Geketend aan zijn fletse vrijheden, als Cerberus aan het schimmenrijk. België verbrokkelt, niet omdat het (te) rijk is aan democratieën, maar arm aan democratische principes. Geen zinnig mens die vandaag nog gelooft dat hij vrij kan zijn zonder een volwaardige democratie. Dat doet alleen de Belg. Peter De Graeve (49) is filosoofdoor Peter De Graeve