Jonge Belgen noemen het gezin het allerbelangrijkste in hun leven. Ook tradities zijn voor hen betekenisvol, maar alleen in zoverre ze de banden met de familie celebreren. Samen Kerstmis vieren, familiereünie op zondag, de baby laten dopen - die gewoontes worden nog erg op prijs gesteld; 'vrijdag visdag' daarentegen lijkt geen lang leven meer beschoren.
...

Jonge Belgen noemen het gezin het allerbelangrijkste in hun leven. Ook tradities zijn voor hen betekenisvol, maar alleen in zoverre ze de banden met de familie celebreren. Samen Kerstmis vieren, familiereünie op zondag, de baby laten dopen - die gewoontes worden nog erg op prijs gesteld; 'vrijdag visdag' daarentegen lijkt geen lang leven meer beschoren. Cultuurpessimisten die zich het hoofd breken over het verlies aan normen en waarden, kunnen alvast hoop putten uit het gegeven dat family values bij jongeren nog springlevend zijn, hoewel er ook een kleine adder onder het gras zit. Want jonge Belgen geven aan dat tamelijk behoudsgezinde waardepatroon een hedendaagse schwung. Hoe groot ook het belang van gezin en familie, dat staat een brede tolerantie ten aanzien van nieuwe gezinsvormen niet in de weg. Eenoudergezinnen, homokoppels, al of niet met kinderen, stiefouders, opnieuw samengestelde gezinnen: de meerderheid van de jonge Belgen ziet er geen graten in. Dat zijn enkele opvallende resultaten uit het tweede deel van het onderzoeksproject 'de levensloop van jongvolwassenen' van de Onderzoeksgroep TOR van de vakgroep Sociologie van de Vrije Universiteit Brussel, waarin wordt gepeild naar het gezinsleven van jonge volwassenen tussen 18 en 36. Jongeren blijken in hun privé-leven op de eerste plaats vastigheid na te streven: een stabiele relatie met als eindpunt een huwelijk en kinderen, financiële zekerheid, een eigen huis. Met die beperking dat stedelingen en/of vrijzinnigen minder de getraceerde paden bewandelen dan dorpelingen en/of gelovigen. 'Stadslucht opent inderdaad brede horizonten', besluiten de onderzoekers. Eerste vaststelling van de onderzoekers is dat een belangrijk percentage van de jongeren tussen 18 en 36 nog thuis woont. Langer bij de ouders inwonen blijkt een echte trend. 'Je hoort vaak dat jongeren sneller zelfstandig worden, maar dat lijkt een misvatting te zijn', zegt Mark Elchardus, die de TOR-groep leidt. Zo verblijft er van de jongeren tussen 20 en 30 die werken en dus een eigen inkomen hebben, toch nog één op de drie in het ouderlijke nest - zonder concrete plannen om daar snel te vertrekken. Huiselijk comfort en de afwezigheid van financiële kopzorgen lijken daarvoor de hoofdredenen. In de tussentijd kan er geld opzijgezet worden voor iets dat qua gerieflijkheid 'hotel mama' evenaart. Maar er zijn grote geografische verschillen. Bij Brusselse jongeren komt mammaismo, zoals het verschijnsel in Italië wordt genoemd, veel minder voor dan bij Waalse en zeker bij Vlaamse jongeren, de onbetwiste kampioenen onder de moederskindjes. 'In Brussel woont slechts 17 procent van de werkenden tussen 20 en 30 nog bij de ouders; in Vlaanderen en Wallonië is dat respectievelijk 40 en 31 procent', staat in het rapport te lezen. Brusselse jongeren dus zijn duidelijk meer vrijgevochten. Ook in emotionele aangelegenheden kiezen jongeren voor comfort. Twee op de drie van de ondervraagde jonge Belgen heeft al een vaste relatie, en van de resterende groep wil de overgrote meerderheid er een. Van een swinging singles-fenomeen, de vrijheid blijheid van zelfbewuste vrijgezellen, hebben de onderzoekers nauwelijks wat gemerkt. Slechts 2,2 procent van de ondervraagden wil helemaal geen relatie. Als je daar nog eens de gebroken harten afhaalt - jongeren die net een mislukte relatie achter de rug hebben en dus even in de liefde teleurgesteld zijn - blijkt slechts 1,7 procent van de jonge volwassenen bewust geen vaste partner te willen. Bitter weinig, gemeten naar de massale aandacht in media en reclame voor de ongebonden levensgenieters. Maar ook hier gaat het ideaal met de werkelijkheid in conflict. Want ondanks hun leeftijd hebben nogal wat jonge Belgen in dit staal al een echtscheiding verwerkt. Meer dan een op de tien huwelijken in die leeftijdsgroep is vijf jaar later al gestrand. Vroeg trouwen werkt scheiden trouwens in de hand. Ook komen echtscheidingen vaker voor bij mensen die werkloos zijn. Maar in welke richting het verband precies werkt, is niet duidelijk. Veroorzaakt het verlies van werk de spanningen in het huwelijk, of vergroten de problemen van een echtscheiding ook de kansen op ontslag? Daarover spreken de onderzoekers zich niet echt uit. Wel constateren ze dat een gescheiden vrouw met kinderen sociaal-economisch in de meest kwetsbare gezinssituatie verkeert. Een derde van die vrouwen is werkloos, en ze zijn gemiddeld ook lagergeschoold dan vrouwen in andere gezinssituaties. Elchardus: 'Het is een pervers mechanisme: laaggeschoold, vroeg trouwen, vroeg scheiden, alleen komen te zitten met de kinderen, dan werkloos worden en vervolgens in de armoede belanden.'Maar hoewel het (ongehuwd) samenwonen goed is ingeburgerd, zien jonge Belgen hun vaste relatie nog graag bezegeld met een huwelijk. Vooral in combinatie met kinderen en de aankoop van een huis is trouwen nog erg populair. Wat het aantal kinderen betreft, daar overtreft de kinderwens in ruime mate de praktijk. Jonge Belgen die kinderen willen, stellen gemiddeld 2,3 kinderen voorop (jonge Brusselaars zelfs 2,6, maar dat ligt aan het hoge aantal moslims in de hoofdstad), maar de werkelijke geboortecijfers liggen al jaren een stuk lager. Onderweg loopt er dus iets mis waardoor jongeren hun kinderwens naar beneden bijstellen - misschien voor beleidsmakers een interessante kwestie om eens over na te denken. De onderzoekers vroegen de jongeren ook hoe sterk ze aan hun woonplaats verknocht zijn. Ondanks een groot deel gesettelden - vier op de tien jonge Belgen is al eigenaar van een huis - blijkt één op de drie een toekomst in het buitenland het overwegen waard te vinden. 'De mondialisering is hier toch aan het werk' schrijven de onderzoekers. Maar dan vooral bij de jongste mensen uit het staal, studenten bijvoorbeeld, die nog ongebonden in het leven staan. Voorafgaand aan de vraag welke rol jongeren vandaag nog voor het gezin reserveren, wilden de onderzoekers ook weten of de toekomst überhaupt iets is dat jongeren bezighoudt. En of, zo blijkt: toekomst is ernstige materie voor de jeugd. Twee op de drie jonge Belgen zet al geld opzij voor de oude dag of voor de moeilijke tijden die, zo vermoeden ze, nog in het verschiet liggen. Walen zijn op dit vlak nog een tikje serieuzer dan Vlamingen. En wat dan met het gezin? Kort en goed: 'Het gezin is voor deze jongeren echt het allerbelangrijkste', zegt Mark Elchardus. De onderzoekers schrokken er zelf van. Een stelling als 'mijn gezin is of wordt het belangrijkste goed in mijn leven', werd door 85 procent van de respondenten beaamd. Zelfs de truttige slagzin 'huisje, tuintje, kinderen' gaf zeven op de tien respondenten 'een goed gevoel'. Maar zoals gezegd, een echte back to basics is het toch ook weer niet. Daarvoor is de tolerantie van jonge Belgen ten aanzien van alternatieve gezinsvormen te groot. Een man, een vrouw, twee mannen, twee vrouwen, met kinderen, zonder kinderen, eigen kinderen, andermans kinderen, het doet er niet toe, zolang het gezin maar harmonieus samenleeft. Interessant in het licht van de aan de gang zijnde politieke discussie over adoptierecht voor holebi's: 'Wie over dat thema nu een politieke campagne zou voeren, zou een meerderheid van de jongeren achter zich kunnen krijgen', aldus Elchardus. Voor de meeste jonge Belgen staat het gezin dus bovenaan - andere aspecten van het leven wegen daar niet tegen op. De perfecte baan bijvoorbeeld, is voor de meeste jongeren een baan die ze gemakkelijk met hun gezinsleven kunnen combineren. De nieuwe utopie, schrijven de onderzoekers 'is een baan waarin je veel tijd hebt voor je gezin, veel tijd voor je lichaam, én veel geld verdient'. Dat geldt met name voor de oudere jongeren (jongeren vanaf 28) uit het staal, voor de vrouwen, de gelovigen, en zeker ook voor de Walen. Daartegenover ontdekten de onderzoekers ook een groep jongeren voor wie zelfontplooiing op de eerste plaats komt. Deze jongeren hebben een grote cultuurconsumptie, ze reizen veel, en wonen bij voorkeur in de stad, als het even kan in een loft of penthouse. In deze groep vind je nogal wat studenten terug. Maar met het verstrijken van de jaren verschuiven de levensstijl en de toekomstverwachtingen van deze avonturiers vaak in de richting van de eerste groep, hoewel niet bij allemaal. Onder de stedelingen, vrijzinnigen en hoger geschoolden zullen sommigen dit 'egobetrokken pad' blijven bewandelen. Zij zijn ook bereid bepaalde gezinsengagementen daaraan op te offeren. info Verdere informatie vindt u ook op www.knack.be in het dossier 'jongeren van nu'. Han Renard