Ook de wetenschap van de profiling heeft het lang moeilijk gehad om ingang te vinden in het rechtssysteem. Vandaag is het meer dan ingeburgerd. En bekend bij het grote publiek, vooral dan dankzij televisieseries zoals Profilers of Mindhunters, en door de film The Silence of the Lambs, waarin een profiler het opneemt tegen een psychopaat. FBI- profilers die seriemoordenaars onderzochten, schreven gretig gelezen boeken over hun werk. De eerste die uitgebreid verslag deed over zijn kunst was James A. Brussel. Het begon met een feit dat niet eens de kranten haalde.
...

Ook de wetenschap van de profiling heeft het lang moeilijk gehad om ingang te vinden in het rechtssysteem. Vandaag is het meer dan ingeburgerd. En bekend bij het grote publiek, vooral dan dankzij televisieseries zoals Profilers of Mindhunters, en door de film The Silence of the Lambs, waarin een profiler het opneemt tegen een psychopaat. FBI- profilers die seriemoordenaars onderzochten, schreven gretig gelezen boeken over hun werk. De eerste die uitgebreid verslag deed over zijn kunst was James A. Brussel. Het begon met een feit dat niet eens de kranten haalde. Op 16 november 1940 vonden bouwvakkers in New York, op een vensterbank van de kantoren van de maatschappij voor elektriciteitsvoorziening Consolidated Edison, een zelfgemaakte bom. Hij was gemaakt uit een metalen pijp. Rond de niet ontplofte bom zat een briefje: 'CON EDISON GEBOEFTE - DIT IS VOOR JULLIE'. In Europa woedde een oorlog. Een jaar later werd een paar huizenblokken verderop een tweede bom gevonden. Weer een briefje. Maar ééntje met een excuus, deze keer. 'IK ZAL GEEN BOMMEN MEER MAKEN ZOLANG DE OORLOG DUURT - MIJN VADERLANDSLIEFDE HEEFT MIJ DIT BESLUIT DOEN NEMEN - LATER ZAL IK CON EDISON AAN DE SCHANDPAAL NAGELEN - ZIJ ZULLEN BOETEN VOOR HUN LAAGHARTIGE DADEN - FP' Tussen 1941 en 1946 kreeg de politie zestien brieven van degene die door de pers al snel 'de krankzinnige bommenlegger' was gedoopt. De brieven waren geschreven in keurige blokletters en waren ondertekend met de initialen FP. De bommenlegger gebruikte liggende streepjes in plaats van komma's en punten. Zijn favoriete, wat ouderwets aandoende frase was 'laaghartige daden'. Op 24 april 1950 ontplofte voor het eerst een van FP's bommen. Hij verwoestte een telefooncel op Fifth Avenue. Tussen 1950 en 1956 plaatste de bommenlegger bommen in bagagekluizen en onder bioscoopstoelen, die hij stuksneed. Verscheidene mensen raakten bij de aanslagen gewond. Op 2 december 1956 ontplofte zijn krachtigste bom, in de Paramountbioscoop in Brooklyn. Zeven bezoekers raakten gewond, van wie drie ernstig. De New Yorkers kwamen in oproer. De politie wist niet waar ze moest zoeken. De politie ging te rade bij James A. Brussel. Een tengere, pijprokende Amerikaanse psychiater, gespecialiseerd in Sigmund Freud. Werkte op het State Department of Mental Hygiene in New York. In vroeger jaren deed hij contraspionage in opdracht van de FBI. Het was voor het eerst dat de politie een beroep op hem deed. De politie-inspecteur en twee van zijn mannen gaven Brussel wat meer details, toonde hem de foto's van de niet ontplofte bommen, en de stapel brieven die FP geschreven had. Brussel keek ernaar en gaf een opsomming van enkele kenmerken van de bommenlegger. 'Het is een man', zei hij 'die een langdurige wrok kent jegens het bedrijf vanwege werkelijke of vermeende onoprechtheden. Het is een paranoïde persoonlijkheid van middelbare leeftijd. Doorgaans bereikt paranoia bij patiënten rond hun 35e een gevaarlijk stadium. De brieven komen van een beleefde maar levensgevaarlijke schrijver. Het is een man die gesteld is op orde en netheid. De vloeiende vorm van de W's met hun spitse punten geven op symbolische wijze vrouwenborsten weer - het oedipuscomplex is niet ongewoon onder paranoialijders. Hij is niet getrouwd, waarschijnlijk leeft hij nog bij zijn moeder of wordt hij verzorgd door een familielid van het vrouwelijke geslacht. Zijn taal verraadt dat hij een opleiding heeft genoten. Het antieke taalgebruik wijst op een dader van vreemde afkomst. Zijn ouders leerden het Engels uit victoriaanse boeken. Waarschijnlijk is hij van Slavische afkomst, omdat die bommen gecombineerd met messteken als wapen verkiezen. Hij is hoogstwaarschijnlijk rooms-katholiek.' Toen sloot Brussel zijn ogen, en in een scène die hij in zijn autobiografie neerschreef en legendarisch is geworden bij profilers, zei hij: 'Nog een klein detail.' Ik sloot mijn ogen. Ik wou hun reactie niet zien. Ik zag de bommenlegger voor me: piekfijn gekleed, heel netjes. Een man die de nieuwste mode zou vermijden. Ik zag hem duidelijk voor mij. Ik wist dat mijn verbeelding met me aan de haal ging, maar ik kon het niet helpen. 'Nog een klein detail', zei ik met mijn ogen dicht. 'Wanneer jullie hem te pakken krijgen, en dat zullen jullie zonder twijfel doen, zal hij een vest dragen met twee rijen knopen.' 'Jezus!' fluisterde een van de onderzoekers.'En de knopen zullen allemaal dicht zijn', zei ik. Ik opende mijn ogen. De politie-inspecteur en zijn mannen keken elkaar aan. 'Een vest met twee rijen knopen?' zei de inspecteur.'Ja.''Dichtgeknoopt.' 'Ja.' Hij schudde zijn hoofd. Zonder nog een woord te spreken, verlieten de politiemannen mijn kantoor.Een secretaresse van Consolidated Edison gaf een archiefmap aan de politie. Aan de voorkant stond de naam 'George Metesky' geschreven. Er zat een brief in waarin de toenmalige werknemer zijn beklag deed over de 'laaghartige daden' van het bedrijf. Een maand later werd George Metesky door de politie gearresteerd. Hij woonde in Connecticut met zijn twee oudere zussen. Hij was niet getrouwd. Hij was ontzettend net. Hij was van Poolse afkomst. Hij ging regelmatig naar de mis. Hij had van 1929 tot 1931 bij Con. Edison gewerkt, en beweerde gewond te zijn geraakt tijdens de uitoefening van zijn job. Het was na middernacht toen de politie bij hem aanbelde. Hij droeg een pyjama toen hij de deur opendeed. Hij sprak de rechercheurs met vormelijke beleefdheid aan: 'U denkt dat ik de krankzinnige bommenlegger ben. Ik kan u zeggen dat FP staat voor Fair Play.' De politie ontdekte in de garage zijn bommenfabriek. Ze gaven Metesky de gelegenheid zich aan te kleden voor ze hem wegleidden. Zijn zusters keken huilend toe. De bommenlegger verliet het huis met glimmend gepoetste schoenen, zijn haar omhooggekamd in een strakke vetkuif. Hij droeg een das en gesteven boord onder zijn blauwe jasje met twee rijen knopen. Zijn jasje was dichtgeknoopt.