Achtentachtig jaar geleden beroerde een aanslag op het 'hart van een mogendheid' ook al eens de wereld. Op 28 juni 1914 schoot de Servische Bosniër Gavrilo Princip de Oostenrijkse troonopvolger Franz Ferdinand en diens vrouw dood in Sarajevo, dat toen deel uitmaakte van het Habsburgse rijk.
...

Achtentachtig jaar geleden beroerde een aanslag op het 'hart van een mogendheid' ook al eens de wereld. Op 28 juni 1914 schoot de Servische Bosniër Gavrilo Princip de Oostenrijkse troonopvolger Franz Ferdinand en diens vrouw dood in Sarajevo, dat toen deel uitmaakte van het Habsburgse rijk. De aanslag, gepleegd door een groep terroristen van 'Jong Bosnië', was bekokstoofd door het netwerk van de 'Zwarte Hand' in Servië. Een geheime organisatie die extremisten trainde in het gebruik van wapens. Wenen spijkerde daarom Belgrado vast op een ultimatum. Servië stemde in met negen Oostenrijkse eisen, maar gaf niet toe op de tiende. Het kon wettelijk niet toestaan dat Habsburgse ambtenaren zich in Servië zouden bemoeien met het opsporen van de verantwoordelijken voor de aanslag in Sarajevo. Landen als Frankrijk, Rusland en het Verenigd Koninkrijk maakten ook bezwaar tegen zo'n inmenging in binnenlandse aangelegenheden. Toch verklaarde Oostenrijk-Hongarije de oorlog aan Servië. Oostenrijk-Hongarije had zich tevoren al verzekerd van het bondgenootschap van Duitsland, dat onder meer aasde op de aanleg van een spoorlijn Berlijn-Bagdad, over de Balkan. Berlijn en Wenen zouden in een 'onvermijdelijk' en breder conflict proberen openstaande rekeningen te vereffenen met tal van andere landen. Zo begon de Eerste Wereldoorlog, waarin drie grote rijken ten onder gingen: het Oostenrijk-Hongaarse, het Osmaanse en het Tsaristisch-Russische. In Duitsland vormde de nederlaag de aanloop naar de Tweede Wereldoorlog. Tientallen miljoenen mensen verloren het leven in beide conflicten. Vanop een afstand gezien, valt de aanleiding om een oorlogsmachine in gang te zetten vaak nogal zwak uit. De minderjarige Gavrilo Princip, gestuurd door het terreurnetwerk van de 'Zwarte Hand', volgde de nationalistische roep om een Groot-Servië. Zijn slachtoffer Franz Ferdinand wou, eenmaal op de troon, de Slaven zelfbeschikkingsrecht geven binnen het Habsburgse rijk. Maar de fundamentalisten in Servië wilden hun land veeleer territoriaal uitbreiden tot in Bosnië. Tot 1905 hadden Wenen en Belgrado het best met elkaar gevonden. Toen bestelde Servië echter wapens bij het Franse Schneider-Creusot in plaats van bij het Oostenrijkse Skoda, zoals gewoonlijk. Skoda zat in moeilijkheden en Franz Ferdinand had belangen in het bedrijf uit Plzen. Een jaar later kondigde Wenen een handelsblokkade af tegen Servië, bekend als de varkensoorlog. Elke gelijkenis met huidige toestanden is puur toeval. Frans Vuga