?Ik geloof niet zo in modellen.? Een gesprek met Annemie Neyts over het internationaal liberalisme en het liberalisme van België.
...

?Ik geloof niet zo in modellen.? Een gesprek met Annemie Neyts over het internationaal liberalisme en het liberalisme van België. IN DE Liberale Internationale (LI) werd europarlementslid Annemie Neyts verkozen tot plaatsvervangend voorzitter. Zegt zij de Belgische politiek vaarwel ? ANNEMIE NEYTS : Helemaal niet. Ik ben al heel lang in de LI actief en ik ben er altijd in geslaagd om dat werk met de binnenlandse politiek te combineren. U zult veel voor Bolkestein moeten inspringen, want zijn politieke prioriteit ligt hoe dan ook in het binnenland. NEYTS : Uiteraard, hij is dè politieke leider van de VVD en hoewel het voorzitterschap één en ondeelbaar is, zullen we als een team moeten functioneren. Maar de Belgische politiek verlaat ik in geen geval. Dit was het 47ste congres. NEYTS : De internationale is onmiddellijk na de Tweede Wereldoorlog in Brussel opgericht en, zo werd in 1994 beslist, vergadert om het anderhalf jaar. Senegal telt hier, opmerkelijk genoeg, meer vertegenwoordigers dan Italië en Frankrijk samen. NEYTS : In Latijns-Europa is het politiek liberalisme altijd bijzonder zwak geweest. De Fransen houden niet van zulke fora, terwijl we in Spanje, Catalonië uitgezonderd, vrijwel niets betekenen. In Afrika daarentegen groeit de belangstelling. Er treedt een jonge Afrikaanse generatie aan die zich realiseert dat de staatsaanpak en het éénpartijensysteem uitzichtloos zijn. Kan het liberalisme zich in Afrika opnieuw als universele doctrine bewijzen ? NEYTS : Ik vind van wel. Tenminste, voor zover we erover waken dat het liberalisme niet uitsluitend in een Europese historiek wordt ingepast. We moeten over wat anders praten dan alleen maar Michel de Montaigne, de Franse en de Engelse verlichting. Essentieel is de overtuiging dat de optelling van al het individueel vernuft altijd superieur is tegenover wat de meest geniale plannenmaker kan bedenken. Dat geldt voor alle landen, continenten en volkeren, ongeacht de huidskleur. Toch is liberalisme als succesrijke partijstructuur vooral een Benelux- en Scandinavisch fenomeen. NEYTS : Dat is vreemd en Alain Peyrefitte heeft daar een prachtig boek over geschreven. In zijn ?La société de confiance? zoekt hij een antwoord op de vraag waarom bepaalde samenlevingen zich blijven ontwikkelen ? Volgens hem heeft het alles met vertrouwen te maken. In de mate dat het wantrouwen wijkt, komt er ruimte voor de take-off. Het vertrouwen in de mens en het geloof dat het goede uiteindelijk overheerst, vormt het wezen van het liberalisme. Liberalen gaan er vanuit dat het vrije ondernemen altijd een beter resultaat geeft dan opgelegde taken. Wat wilt u binnen de Internationale realiseren ? NEYTS : Ik zou graag de overtuiging verspreiden dat de elementaire liberale beginselen de beste hefbomen voor ontwikkeling zijn en de minst slechte waarborgen voor vrede. Ondanks Francis Fukuyama duiken er steeds meer stemmen op die het liberalisme en de vrije markt in twijfel trekken. Ook rond de universele rechten van de mens merk je groeiende controverses. Omwille van hun culturele eigenheid zijn er landen en regimes die menen dat ze het recht hebben om de vrouwen te onderdrukken. Een grotere deelname aan de macht vermeldt u niet. NEYTS : Ik hecht daar nochtans veel belang aan, maar enig realisme is hier verantwoord. De Liberale Internationale kan geen partijen aan de macht brengen, dat moeten ze zelf doen. We kunnen wel hun uitgangspositie verdiepen en versterken. Voorts kunnen we informatie uitwisselen. Het is niet onbelangrijk dat de Afrikaanse partijen kennis krijgen van de succesrijke democratisering op de Kaapverdische eilanden. Een heel ander probleem is de liberale machtspositie in Europa. Dat is een bijzonder dringend dossier. We lopen immers het risico om gemarginaliseerd te raken en het is hoog tijd dat we daar heel ernstig veel serieuzer dan tot dusver gebeurde , werk van maken. Soms lijkt het erop dat de liberalen overbodig worden, omdat andere partijen hun programma uitvoeren. Zie naar de EMU. NEYTS : Zo voel ik het niet aan. We hebben iets origineels, wat je niet meteen bij de anderen terugvindt. Ik ben natuurlijk realistisch genoeg om te zien dat zowel de socialisten als de christen-democraten in Europa alles proberen binnen te rijven. In ruil voor de aanvaarding van de EMU krijgen de sociaal-democraten een werkgelegenheidscomité, zodat de sociale partners een veel grotere zeg krijgen in de Europese economische, financiële en monetaire politiek. Het risico is niet denkbeeldig dat men het Rijnlandmodel in heel Europa wil inplanten, met alle nefaste gevolgen van dien. Ik ben niet om ideologische redenen tegen het Rijnlandmodel, ik vind wel dat het zijn tijd heeft gehad. Welk model verdedigt u ? NEYTS : Ik geloof niet zo erg in modellen. Het is mijn opinie dat de Europese Unie in de toekomst minder hooi op de vork moet nemen, zodat ze beter werk kan leveren. Het lijkt me noodzakelijk dat Europa een deel van zijn bevoegdheden opgeeft. Minder Europa, is dat de oplossing ? NEYTS : Nee, ik heb het alleen over de bevoegdheden. Ik ben beducht voor een Europa dat een big brother wordt. Het schrikt de mensen af en als men niet oplet, zou de Intergouvernementele Conferentie (IGC) wel eens faliekant kunnen aflopen. Europa moet de mensen niet voortdurend betuttelen. Over Europa verschilt u van mening met uw voorzitter, de euroscepticus Bolkestein. NEYTS : Daar is toch niets verkeerd aan. Het dreigt wel een moeilijke cohabitation te worden. NEYTS : We moeten de dingen niet door elkaar halen. De Liberale Internationale houdt zich niet met Europa bezig. Dat is een taak voor de Europese partijen. De Internationale zelf moet niet in de vroegere fouten hervallen en zich alleen met Europese toestanden bezighouden. Over de IGC wordt op het niveau van de Internationale niet gepraat. Bijgevolg kunnen de meningsverschillen die ik hierover met Frits heb, onder meer over de unanimiteitsregel en het vetorecht, onze samenwerking niet verstoren. Herinnert Bolkestein u niet aan Guy Verhofstadt ? Hij is eveneens een doorduwer en verre van dom. NEYTS : Dat is een rotvraag. Zijn partij zit in de regering, weegt op het beleid, (kortaf) dat is mijn antwoord. De vraag was... NEYTS :(geïrriteerd) Ik kan met dat type mensen goed om, hoor. Ik heb daar echt geen probleem mee. Frits kan trouwens heel goed luisteren en als je opmerkingen maakt, zie je hem niet denken : wat vertelt dat wicht nu ? Maar nog eens, het grote verschil is dat de VVD het beleid mee bepaalt en dat ze er onder de leiding van Bolkestein in geslaagd is om, rond de ideeën waarvan hij meent dat ze Nederland vooruit kunnen helpen, een consensus te realiseren. Daarnaast hebben ook de Nederlandse socialisten een hele weg afgelegd. Die van ons daarentegen blijven boven op hun verworvenheden zitten en weigeren met de liberalen te praten. En de VLD heeft zich daar voorgoed bij neergelegd ? NEYTS : Als Vlaamse liberaal kun je er niet onderuit dat er met de socialisten niets te beginnen valt. Om de doodsimpele reden dat zij het niet willen, niet met Verhofstadt, niet met De Croo, niet met Neyts, met niemand. U hebt het nooit geprobeerd. Waarop wacht u ? Of hebt u toch afscheid van de Belgische politiek genomen ? NEYTS : Nee, maar er is al genoeg gehakketak in de partij. Desondanks wil u het congres over de statuten leiden. Een mission impossible ? NEYTS : Ik zal er alles aan doen om dat te verhinderen. Ik hoop dat we erin slagen om enkele van de euvels van de huidige statuten te corrigeren. De procedure voor de ontwerp-kandidatenlijsten moet zo georganiseerd worden dat de inspraak van de leden echt concreet wordt. Als er een klein beetje goede wil is, lijkt me dat mogelijk. Verhofstadt is terug. Bent u al met hem gaan praten ? NEYTS : Ik ben hem niet gaan vragen of het mocht. Zo ben ik niet. Met alle respect, maar Verhofstadt is de hele VLD niet. Zijn stem telt zeer zwaar, maar die van de andere VLD'ers telt ook. Hoe evalueert u het werk van de huidige voorzitter ? NEYTS : Ik vind dat hij goed aan zijn moeilijke opdracht bezig is. U bent mild. NEYTS : Zoals bekend, is hij al een paar keer uitgeschoven. Hoe dikwijls mag een voorzitter uitschuiven ? NEYTS : Zo weinig mogelijk. P.G. Annemie Neyts : Met de socialisten valt niets te beginnen.