Zestig jaar geleden, op 14 mei 1948, één dag voor het verstrijken van het Britse mandaat over het gebied, riep David Ben-Goerion de staat Israël uit. Sinds die dag is Jeruzalem 'een rustpunt in de gedachten van elke Jood'. Ook voor het overgrote deel van de Joodse gemeenschap in ons land. 'Het hart van het Jodendom klopt in Israël', zegt Sylvain Landau van de orthodoxe gemeenschap Machsike Hadass verderop in het blad. Wat hem helemaal niet belet zich Belg te voelen. Die liefde van de Belgische Joodse gemeenschap voor Israël is, volgens conservator Daniël Dratwa van het Joods Museum in Brussel, mystiek en emotioneel.
...

Zestig jaar geleden, op 14 mei 1948, één dag voor het verstrijken van het Britse mandaat over het gebied, riep David Ben-Goerion de staat Israël uit. Sinds die dag is Jeruzalem 'een rustpunt in de gedachten van elke Jood'. Ook voor het overgrote deel van de Joodse gemeenschap in ons land. 'Het hart van het Jodendom klopt in Israël', zegt Sylvain Landau van de orthodoxe gemeenschap Machsike Hadass verderop in het blad. Wat hem helemaal niet belet zich Belg te voelen. Die liefde van de Belgische Joodse gemeenschap voor Israël is, volgens conservator Daniël Dratwa van het Joods Museum in Brussel, mystiek en emotioneel. In een vaak aangehaald Vrij Nederland-interview met Piet Piryns verwoordde publicist Abel J. Herzberg het zo: 'Zonder de staat Israël zijn we opnieuw weerloos. Dan is iedere Jood, waar ook ter wereld, een cheque zonder dekking.' Herzberg, advocaat en schrijver, had voor de oorlog al het dreigende ongeluk voor de Joden zien aankomen. Niet alleen in Duitsland werden de eerste onheilspellende voortekenen zichtbaar, ook alhier, in Nederland en België, waar de Joodse gemeenschap ingeburgerd leek en, zoals in Antwerpen en Brussel, grote bijdragen leverde aan de economische en culturele ontwikkeling. Daarom is het onderzoeksproject De vervolging en het uitmoorden van de Europese Joden door het nationaalsocialistische Duitsland, 1933-1945, opgezet door Duitse historici in opdracht van onder meer de Duitse federale Archiefdienst en de universiteit van Freiburg, van het allergrootste belang. Aan de hand van ingezamelde documenten, brieven, dagboeken, krantenknipsels en andere getuigenissen willen de onderzoekers nagaan hoe een heel land door antisemitisme aangestoken werd en uiteindelijk zelfs medewerking verleende aan het uitmoorden van zes miljoen Joden. Uit de eerste boekband met getuigenissen blijkt al dat de sociale isolering en het gaandeweg ontnemen van rechten aan een minderheid heel geleidelijk gebeurt, door ingrepen die we vandaag allemaal als normaal ervaren. 'Kutmarokkaan' boven een krantencommentaar leidt niet meteen tot grote maatschappelijke opwinding. Integendeel: moet kunnen. De vermoorde Nederlandse publicist Theo van Gogh, martelaar voor het vrije woord, kreeg net geen staatsbegrafenis. Ook al mocht hij de medeburgers van Maghrebijnse herkomst graag 'geitenneukers' noemen en maakte hij grappen over 'de karamelgeur', verspreid door het verbranden van suikerzieke Joden. Moeten we mee leren leven. Want het vrije woord, ook al maken sommigen er oneigenlijk gebruik van, is heilig. Als de bevindingen van de Duitse historici al iets leren, dan wel dat het kwaad veelal langs respectabele wegen, soms verscholen achter het eerbiedwaardige recht op vrije meningsuiting, een gemeenschap binnensluipt. En die vrije meningsuiting, daar ging het weer over in de talrijke commentaren op het filmpje Fitna dat door de Nederlandse politicus Geert Wilders via het internet de wereld is rondgestraald. Aan de hand van tekst- en beeldfragmenten meende Wilders te moeten waarschuwen tegen de verwerpelijke want gewelddadige kant van de islam en van de Koran. De techniek van Geert Wilders toont een frappante gelijkenis met wat in de jaren 1920 en 1930 over de Joden verscheen. Zoals vandaag gepraat wordt over 'de meeuwen op het stort'- dat zijn dan de veelal Noord-Afrikaanse migranten - ging het toen al over 'het uitschot dat door Oost-Europese getto's over onze steden wordt uitgebraakt', over een volk dat door zijn talmud wordt aangezet tot oneerlijke moraal en zelfs geweld tegenover niet-Joden. Het waren gouden tijden voor de herdrukkers van het racistische gedaas van Edouard Drumont en diens La France juive en voor de antisemitische diatriben van 'onze' socialistische kopstukken Edmond Picard en Jules Destrée. Die haalden hun gelijk bij onder meer de verlichtingsheld Voltaire, voor wie 'de Joden, zoals Bretons en Duitsers blond geboren, met een razend fanatisme in het hart op de wereld komen'. Joden, zo werd in alle ernst verzekerd, stuurden aan op een groot wereldconflict, met hun uiteindelijke wereldheerschappij tot doel. De Protocollen van de Wijzen van Sion, het grote Joodse complot om tot die wereldheerschappij te komen, waren dan wel snel ontmaskerd als een groteske vervalsing, het doel ervan was bereikt. De praatjes van Geert Wilders zijn niet meer dan een echo van dit soort racisme dat zich altijd graag verschuilt achter de brede banier van het vrije woord. Zijn film Fitna is niet alleen een belediging voor moslims, maar voor alle fatsoenlijke mensen, gelovigen en ongelovigen. door Rik Van Cauwelaert