Kunstencentrum Limelight en Theater Antigone zijn coproducenten voor "Verloren taal" van regisseur Piet Arfeuille ( Theater De Schaduw), gebaseerd op "The lost language of cranes" van de Amerikaan David Leavitt (1961). De bewerking is beperkt tot enkele confrontaties tussen de homofiele zoon Filip ( Jan Van Hecke) en zijn ouders, Rose ( Chris Lomme) en Owen ( ...

Kunstencentrum Limelight en Theater Antigone zijn coproducenten voor "Verloren taal" van regisseur Piet Arfeuille ( Theater De Schaduw), gebaseerd op "The lost language of cranes" van de Amerikaan David Leavitt (1961). De bewerking is beperkt tot enkele confrontaties tussen de homofiele zoon Filip ( Jan Van Hecke) en zijn ouders, Rose ( Chris Lomme) en Owen ( François Beukelaers). Arfeuille legt, in samenwerking met auteur Johan Vandenbroucke en dramaturg Hans Van Dam, vooral de nadruk op het naast elkaar praten van de personages als een methode om de waarheid omtrent hun echte gevoelens te verdoezelen. Moeder en kind, vader en zoon begrijpen elkaar niet meer en dit wederzijds onbegrip heeft vooral te maken met hun frustraties. Seksueel noch passioneel heeft het huwelijk van Rose en Owen ooit veel betekend. Rose gaat op in de filmdiva Anna Magnani, Owen bekent, via telefoonseks met zijn zoon, de eigen homoseksuele geaardheid. De personages zitten gevangen in kleine op elkaar gestapelde kamers met een te lage zoldering, symbool voor de grote stad en een kleinburgerlijke hokjesgeest. Slechts in één kamer kunnen ze volledig zichzelf zijn. "Verloren taal" is duidelijk bedoeld als een experiment met symbolen. Daarbij komt nog de uitdaging te kunnen werken met Lomme en Beukelaers, twee geroutineerde spelers. Als Rose en Owen hebben ze dertig jaar huwelijk achter de rug. Ze berusten in het besef elkaar nog altijd niet echt te kennen en leven voort met de troost van de ironie. Dat aspect krijgt in "Verloren taal" echter te weinig aandacht. De onderliggende spanning in de onverschilligheid van Owen voor zijn gezin komt in de afstandelijke vertolking van Beukelaers nauwelijks aan bod. Filip is een kunstfotograaf, die in de versie van Arfeuille bergtoppen fotografeert. Waarom de jongen in zijn gevoelsleven geen hoogtepunt bereikt, blijft vaag. Een bijkomende moeilijkheid is dat een aantal gesprekken gevoerd wordt vanuit aparte kamers, waardoor ook weer de spanning verslapt. Arfeuille onderzoekt welk beeld bij een bepaalde tekst past. Voor "Verloren taal" raakte hij gefascineerd door de problematiek van de grote stad en de manier waarop alles, dus ook taal en homoseksualiteit, gecommercialiseerd wordt en "de droom van vrijheid en ontmoeting" verloren gaat. Het beeld van de enge kamers dat hij daarbij voor ogen heeft, blijkt evenwel een te enge interpretatie te zijn.Reisvoorstellingen. Info: 09/281.10.05 (XL-productions).Roger Arteel